België een loonkostenhandicap? Welneen!
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

"België heeft geen loonkosthandicap," zongen de socialistische en christelijke vakbonden vandaag in koor. Ze moeten zowat de enigen zijn die dat nog durven beweren.

De loonkostenhandicap met buurland en voornaamste exportconcurrent Duitsland bedraagt 10%. Ook ten opzichte van Nederland is er nog een aanzienlijke loonkloof. Beweren dat die niet bestaan, is het licht van de zon ontkennen. En tegelijk de job van honderdduizenden, vooral in de industriële en exportgerichte sectoren, op het spel zettten.

België heeft de keuze: eerste optie: de loonlasten verlagen, idealiter tot het gemiddelde van onze belangrijkste handelspartners. Dat onze regeringsonderhandelaars dit doen zonder de koopkracht aan te tasten, juichen toe. De binnenlandse bestedingen mogen niet stilvallen. Dat er dus wat minder naar de sociale zekerheid vloeit, is onontkomelijk.

Tweede keuze. Niets doen. Kop in het zand en doen alsof er niets aan de hand is. Maar zo kunnen we onmogelijk de competitiviteit van onze economie en dus onze jobs vrijwaren? En minder jobs betekent minder inkomsten voor de sociale zekerheid. Ambities bijstellen dus. Niet meer hetzelfde niveau van sociale bescherming, een minder ontwikkelde gezondheidszorg, noem maar op.

Ik kies voor de eerste optie.

 

31 oktober 2007

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Dienstencheques ten dienste van economie?
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Gisteren beslisten de regeringsonderhandelaars het systeem van de dienstencheques uit te breiden. Nu zijn het enkel strijk- en andere huishoudelijke diensten die mensen kunnen betalen met de cheques. Binnenkort ook kleine klussen in en rond het huis. Om meer mannen in het systeem te krijgen.

Een goed idee, mits enkele voorwaarden vervuld zijn. Er moeten harde garanties komen voor een correcte concurrentie ten aanzien van de reguliere bedrijven. Ten tweede moeten ook de reguliere bedrijven van de uitbreiding van de dienstencheques kunnen gebruik maken voor hun klanten. En het systeem moet budgettair haalbaar zijn.

Twee kanttekeningen bij dit systeem. Ten eerste, de beste manier om onze economie zuurstof te geven, is de loonkost voor onze bedrijven verder te verlagen.  En ten tweede: deze uitbreiding van de dienstencheques mag in geen geval werkkrachten wegzuigen uit de reguliere sector. De krapte op de Vlaamse arbeidsmarkt, zeker in de bouwsector, is al erg genoeg.

Echte banen brengen de sociale zekerheid immers meer op dan gesubsidieerde.

 

30 oktober 2007

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Meer ouderschapsverlof? Asociaal
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Geen land zonder nationale feestdag. Ook Vlaanderen en Wallonië krijgen er een, beslisten de federale onderhandelaars. Of de meerderheid van Vlamingen en Walen wakker ligt van een nationale feestdag voor hun regio, laat ik in het midden.

Voor de werkgevers mag het in elk geval geen extra last zijn, niet financieel maar ook niet organisatorisch. Ons land bedeelde zich, in vergelijking met de buurlanden, al erg gul met betaalde feestdagen.

Maar de federale onderhandelaars waakten erover dat deze Vlaamse en Waalse officiële feestdag het aantal betaalde vrije feestdagen niet nóg eens verhoogt. Op andere vlakken blijkt het echter moeilijker maat te houden.

Het recht op ouderschapverlof bij voorbeeld. Nu heb je dat tot je kind 6 jaar is. Men  wil dit optrekken tot 12. Sympathiek toch? Gezin- en kindvriendelijk. Wie durft daar tegen zijn?

Diegenen die weten hoe hoog de lasten zijn die ertegenover staan. Voor de werknemers én de werkgevers. Zij zullen meer moeten afstaan voor hun werknemers/collega’s die hun wettelijk recht op ouderschapsverlof opnemen. Of zullen meer moeten werken om die mama of papa te vervangen. 

Natuurlijk is kinderen opvoeden erg belangrijk. De vele gezinsbedrijven zijn de laatste om daarvan te overtuigen.  Maar de trend voor een alsmaar langer recht op ouderschap dreigt op termijn een asociale maatregel te worden dat zich zelfs tegen jonge werkzoekende ouders kan keren. Er zijn andere en betere oplossingen om werk en gezin te combineren.  Aangepaste , voldoende en betaalbare kinderopvang bijvoorbeeld.

 

29 oktober 2007

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

minimum dienstverlening?
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Lees deze zin drie keer: vandaag staakt de socialistische vakbond tegen de beslissing van de regering de vakbonden te laten beslissen over een regeling voor een minimale dienstverlening.

Inderdaad: de rode vakbond staakt omdat de oranjeblauwe regeringsonderhandelaars hen toelaat zelf te beslissen hoe ze minimale dienstverlening invullen. Ongelooflijk maar dit is nu eenmaal België.

De voorzitter van de socialistische overheidsvakbond ACOD kunnen we in elk geval geen rechtlijnigheid verwijten. Deze middag verklaarde hij op het VRT-journaal: “we hebben altijd gezegd dat we zouden staken zodra minimale dienstverlening ter sprake zou komen. We, we staken.”

En even verder in het interview: “We hebben beloofd de mensen tijdens de piek naar en van het werk te brengen. Dat doen we, wij houden ons aan ons woord.” Maar tussen 9u en 16u? Dan moet iedereen maar ruiken of hij tijdig thuis zal raken? Want iedereen wist dat er zou gestaakt worden, maar niemand waar en hoelang, laat staan waarom.

Het wordt tijd dat de vakbonden eens inzien dat ze zeer veel mensen tegen zich in het harnas jagen met dergelijk onnodig spierballengerol, mensen die niets te maken hebben met het waarom van hun acties.

Ik geef het voorbeeld van een medewerker die vanmiddag rond 14u vertrok in Brussel-Centraal. Zonder probleem maar in Brussel-Zuid stond zijn trein 47 minuten stil. Drie keer verontschuldigde een telkens schroomvalliger treinconducteur zich via de treinintercom: “We wachten nog steeds op een bestuurder.” Zelfs de werkwillige collega’s van de stakers wisten blijkbaar niet waar ze aan toe waren.

In landen zoals Duitsland, Italië en Spanje is een minimale dienstverlening bij stakingen bij openbare diensten al jaren de normaalste zaak van de wereld. Sommige vakbonden moeten zich toch eens grondig bezinnen over hun echte basisopdracht, vandaag en in de toekomst.

26 oktober 2007

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Wat baten kaars en bril ...
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Ooit al eens getwijfeld aan wat u las? Of het toch niet eens tijd werd naar een opticien te gaan? Omdat wat u las, de realiteit zoals u die kent, zo extreem tegenspreekt? Ik had vandaag zo'n verbijsterend moment.
 
Hier wat ik las: "ABVV en ACV hebben ernstige vragen bij de wil van de werkgevers om een sociaal en ecologisch verantwoord ondernemingsbeleid te voeren. Ze krijgen de indruk dat het belang van sociaal en verantwoord ondernemen nog niet is doorgedrongen bij de Vlaamse werkgevers. De werkgevers blijken niet geïnteresseerd om stappen vooruit te zetten.'"
 
De bron is Belga, het nieuwsagentschap dat haar journalisten verplicht enkel de feiten weer te geven, zonder enige vorm van eigen interpretatie. ABVV en ACV hebben deze klinkklare onzin dus inderdaad uitgekraamd. Een aanfluiting voor het werk van vele mensen binnen onze en andere werkgeversorganisaties. Een fluim in het gezicht van iedere werkgever die dag in, dag uit, zijn of haar best doet voor zichzelf, werknemers, buurtbewoners, milieu en andere stakeholders.
 
KMO-werkgevers leven meestal mee in hun lokale gemeenschap. Ze kennen hun buren bijna persoonlijk,  zijn vaak actief in allerlei verenigingen, soms als voorzitter of bestuurder. Of ze zijn actief in een schoolcomité.  En zij zijn in vele gevallen de belangrijkste sponsors van de vele verengingen.

Hun medewerkers kennen ze persoonlijk en staan ze soms met raad en daad bij om familiale problemen op te lossen. . Met hun klanten onderhouden ze een zeer directe relatie en als een probleem is, zijn zij persoonlijk aanspreekbaar.  Het bijzondere aan een KMO is dat persoonlijke en formele aansprakelijkheid samenvallen, dat economische relaties ook menselijke relaties zijn.

Waar komt het volgens mij op neer? Vakbonden vindan, als iets niet op papier staat, bestaat het niet. Wel, KMO-ondernemers ondernemen maatschappelijk verantwoord maar zien er het nut niet van in al die inspanningen op papier te zetten. Wel, ik ook niet.
 
Alle initiatieven opsommen die het ongelijk van deze gratuite beschuldigingen bewijzen, zou ons te ver brengen.
 
Ik besluit daarom met "wat baten kaars en bril, als de uil niet zienen wil."

25 oktober 2007

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Vorige  |1|2|3|4|5|  Volgende
Stel uw vraag
BelgacomElectrabelKBCADMBZenito