Recession all over the world - from Indonesia
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

 Maandagmorgen vroeg vertrok ik naar Indonesiê. Mee met ons prinselijk paar en tal van economische leiders naar een van de Aziatische tijgers op economische missie.

Een bezoek aan een niet-Europees land is voor vele dingen goed: contact met een andere cultuur, kennis van handelsgewoonten, besef dat we het ondanks de recessie en koopkrachthysterie helemaal niet slecht hebben in Belgie,...

De vaststelling ook dat zowat de hele wereld in een vertrouwenscrisis zit. Getuige de kop van de economische krant van Singapore waar ik vandaag ben. Staking in de luchthaven van Bangkok, terugval van de toeristische activiteiten in Singapore met liefst 8%! Een oproep ook naar iedereen om de handen in elkaar te slaan en snel aan de wederopbouw te beginnen.

Gisteren bereikte mij hier ook het nieuwe rapport van de OESO. Die voorspelde een dalende loonmarge voor ons land naar nog 4,4%. Een oproep ook om de automatische loonindexering af te schaffen.

Ik moet zeggen dat de vooruitzichten om onze loononderhandelingen te hervatten niet echt rooskleurig zijn en kan maar hopen dat de blijkbaar wereldwijde oproep om de handen in elkaar te slaan, aan het werk te gaan en de kosten te matigen ook in ons land gevolgd wordt.

De bedrijven die ik hier ontmoet heb zijn in elk geval erg duidelijk. De lonen nu laten stijgen staat gelijk aan meer mensen ontslaan, de laatste kostenbesparing die onze bedrijven kunnen doen, met evenwel dramatische gevolgen, want als een KMO mensen laat afvloeien betekent dit omzet, productie, activiteit laten dalen. Dus de spiraal neerwaarts versterken. Laat ons dit aub vermijden.

27 november 2008

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Waarom Milquet zich nu gedeisd moet houden
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

De voorbije weken heeft minister van Werk Milquet in de media vaak de wind van voren gekregen. Ook wij veegden haar al meermaals de mantel uit. Onlangs nog, toen ze erg eenzijdige voorstellen formuleerde voor een uitbreiding van thematische verloven voor werknemers, noemde ik haar 'minister van Vakantie'.



Vandaag heeft ze een werkgelegenheidsplan tegen de crisis klaar. Het bevat 150 maatregelen. Daar zitten op het eerste zicht goede zaken tussen, zoals de task force "Werk", die snel oplossingen wil bieden bij een achteruitgang van de arbeidsmarkt.



Al kun je je de vraag stellen of dit geen restauratie is van Werk naar het federale niveau, terwijl het thuishoort op het gewestelijke niveau. Bovendien bestaan er al tal van monitoringorganen voor de arbeidsmarkt.



De federale minister van Werk lijkt echter niet alleen het warm water opnieuw te willen uitvinden. Sommige van haar voorstellen getuigen of van een verregaande wereldvreemdheid of van een wel erg syndicale visie.



Zo  wil ze een tewerkstellingscel bij faillissement of sluiting verplicht maken voor alle werknemers. De tewerkstellingscellen bestaan al bij grote bedrijven. En hebben bewezen dat ze NIET werken. Het kostenplaatje ervan voor de werkgevers is ook niet min. Zo'n cel voor kleine bedrijven is dus absoluut onaanvaardbaar.



Ze betreedt met dit en andere voorstellen bovendien het terrein van de sociale partners. Op dit moment onderhandelen wij, samen met de vakbonden en de andere werkgeversorganisaties, over deze delicate materie.



Haar voorstellen dreigen bovendien de extreem moeilijke loononderhandelingen te besmetten. Bij het begin van deze onderhandelingen binnen de Groep van 10 drongen de werkgeversorganisaties bij de federale regering aan op een sperperiode voor dergelijke initiatieven vanuit de federale regering.



Daar werd toen zeker niet "neen" op gezegd. Een Minister van werk die het overleg hoog in het vaandel heeft moet zich nu vooral gedeisd houden en het overleg achter de schermen faciliteren. Ze moet zeker niet voor de schermen verklaringen afleggen die het overleg bemoeilijken.

20 november 2008

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Mogen we onze super-kmo's nog vieren?
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Vandaag bekroonden we met UNIZO Grete Remen, zaakvoerder van de Limburgse kmo Damhert Natural Products. Ze mag zich een jaar lang KMO-ondernemer van het Jaar noemen. Haar bedrijf Damhert Natural Products ontwikkelt, produceert en verdeelt functionele natuurvoeding.

Grete, moeder van 4 kinderen, combineert op een ultra-efficiënte manier innovatie, managementcapaciteiten en ondernemerslef met respect voor werknemers, milieu en omgeving. Een waardige KMO-ondernemer van het Jaar.

De voorbije weken en maanden waren uitzonderlijk, voor onze ondernemers, onze economie en de inwoners van ons land in het algemeen. De economische bladzijden van onze kranten en tijdschriften worden niet alleen dikker maar ze oogden ook donkerder.

Men zou zich kunnen afvragen of vieren in deze donkere economische tijden gepast is. Komt deze uitreiking op een slecht tijdstip? In tegendeel. De kop in het zand steken en wachten tot het overwaait, zal niemand vooruithelpen.

Naast de vele donkere onheilsberichten (we moeten de waarheid uiteraard niet ontkennen) moeten we lichtende voorbeelden durven stellen. En daarmee de vele collega-ondernemers een hart onder de riem steken. Bewijzen dat zelfs in minder evidente economische tijden degelijk, creatief en innovatief ondernemerschap rendabel en interessant is en bovendien ook een grote maatschappelijke meerwaarde creëert.

Ondernemen is geen roos zonder doornen. Maar de grootste succesverhalen komen van mensen die een probleem herkenden en er een opportuniteit van hebben gemaakt.

We hebben onze welvaart voor een groot deel te danken aan de werkkracht en creativiteit van ondernemers, mensen die de handen aan de ploeg sloegen. Ook nu weer zullen ondernemers het voortouw moeten nemen om onze economie uit het slop te trekken.

Ik ben ervan overtuigd dat dit zal lukken. Dat bewijzen de bedrijven die we vandaag vierden.

19 november 2008

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Geen akkoord zonder lastenverlaging
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Kent u het consumentenprogramma Peeters en Pichal op Radio1? Deze morgen wijdden ze een uitzending aan de start van de interprofessionele loononderhandelingen.

Ze hielden onder meer een enquête bij de man in de straat: vindt die het aangewezen dat hun loon stijgt nu het economisch slecht gaat? Opvallend: 4 op de 10 wil niet dat de lonen stijgen, vaak omdat "onze bedrijven dat nu niet aankunnen".

Dit cijfer heeft me aangenaam verrast. 40% van de Vlamingen komt ervoor uit dat voor hen een hoger loon niet hoeft. Zij beseffen dat het nu niet wijs zou zijn de lonen te verhogen om binnenkort het deksel op de neus te krijgen omdat onze bedrijven niet meer concurrentieel zijn met onze buurlanden en voornaamqste concurrenten.

Ze beseffen dat een job de beste manier is om ook op de lange termijn hun koopkracht te behouden. In de komende onderhandelingen zal ik deze lijn volgen: we moeten onze bedrijven wapenen om de crisis en de concurrentieslag aan te kunnen en voor de mensen moeten we werken aantrekkelijker maken.

Ik zal uiteraard mijn verantwoordelijkheid opnemen en mee zoeken naar manieren om de koopkracht voor de laagste inkomens te verhogen zonder evenwel de kosten voor onze kleinste bedrijven te laten oplopen. En een interprofessioneel akkoord met daarin een onverantwoordelijke loonkoststijging teken ik nooit.

 

17 november 2008

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

De regering blokkeert één miljard in de diepvries
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

De jongste federale begroting landde slechts op een zeer broos evenwicht. Burgers en bedrijven moeten de broeksriem aanhalen, maar we verhogen de belastingen niet, klinkt het. Maar wie even spit in de begroting, treft al gauw een onaangeboorde goudader aan. Eentje van maar liefst 1 miljard euro. Handig verstopt in de budgetten voor de gezondheidszorgen.  

Is dit sappig appeltje voor de dorst een nuttige reserve voor de nakende vergrijzing? Ongetwijfeld. Maar als je echt wakker ligt van de vergrijzingskost moet je deze middelen eerst aanwenden om de schuld en de ermee gepaard gaande rentelasten af te bouwen.  

Zijn we het dan niet eens dat de kost van de vergrijzing zich vooral zal laten gevoelen in de gezondheidszorg? Dat daarvoor ook een groei van de budgetten voorzien moet worden? Natuurlijk wel! Maar er moet een band blijven met de reële economische groei.

Dit is nu niet het geval, waardoor je de illusie creëert dat er “heel wat extra’s mogelijk zijn in de gezondheidszorgen”..  

Een buffer aanleggen voor als het slecht gaat, getuigt inderdaad van een vooruitziend beleid. Als je je het kan veroorloven ten minste. Dat kan ons land op dit moment niet. Jaarlijks geld opzijzetten voor de vergrijzing en tegelijk jaarlijkse een veelvoud daarvan aan rentelasten op de staatsschuld ophoesten, valt niet te rijmen.  

Dit miljard moet daarom in de eerste plaats worden geïnvesteerd daar waar het onze kinderen het meeste zal opbrengen: in de afbouw van onze gigantische schuld.

Door onze schuld te verminderen, lost de rentestrop rond de nek van de volgende generaties een beetje. Daarmee bewijs je de volgende generaties een veel grotere dienst dan met dit extra spaarpotje in de gezondheidszorg.  

13 november 2008

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Vorige  |1|2|  Volgende
Stel uw vraag
BelgacomElectrabelKBCADMBZenito