Partnerships interessante piste voor handel met en vanuit Turkijke
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

De economische missie naar Turkije is, op een kort bezoek aan Izmir na, afgerond. (nvdr 19/10/12) Ze kan ontegensprekelijk als succesvol beschouwd worden, zowel op economisch als op politiek vlak.

Dat Turkije een groeiland is wisten we al, dat er opportuniteiten liggen voor onze ondernemers is bevestigd door de deelnemers. Dat je het als ondernemer zelf moet doen, vanuit je eigen sterktes en met een goed besef van de geplogenheden in Turkije en de wetenschap ook dat dat land veel en sterke ondernemers telt is een open deur intrappen. Dat geldt trouwens niet alleen voor Turkije maar voor zowat elke groei-economie.

In elk van die landen is er ook een sterke dosis chauvinisme en daar is op zich niets mis mee, je moet dat als potentieel exporterend ondernemer alleen goed beseffen. Een strategie van "ik zal het hier even alleen en met mijn eigen volk en know-how komen doen" is dus gedoemd om te mislukken. De strategie moet daarentegen gericht zijn op samenwerking, partnership, joint-venture, niet alleen voor de Turkse markt maar zeer zeker ook voor markten waarop wij minder thuis zijn zoals het Midden-Oosten en Afrika.

Het viel op dat de Turkse ondernemers daar al sterk aanwezig zijn met wat ze zeggen "het midden tussen de Chinese en West-Europese prijs en kwaliteit". Partnerships opzetten om gezamenlijk die markten te betreden zijn, zacht uitgedrukt, aanbevelenswaardig. De wetenschap dat de Turkse regering dit soort van partnerships aanmoedigt en dat er zelfs Europese programma's voor bestaan, moet onze ondernemers aanzetten tot snelle actie terzake. De nodige toegevoegde waarde hiervoor kunnen we zeker bieden, of zoals we het zelf gezegd hebben in een lunch met de Turkse president, "our companies have the guts, some money and for sure the know-how".
 

22 oktober 2012

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Straffe Madammen
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

De Womed Award-winnares Danielle Vanwesenbeek stond gisteren terecht trots op het podium als ‘Kapitein van haar 15-koppig schip’ en vrouwelijke onderneemster van het jaar. Acht jaar geleden is ze beginnen roeien met de riemen die ze had, een printer in de living, en nu zoveel tijd later leidt ze een direct mailing bedrijf met een omzet van 3 miljoen. Chapeau.

De Belofte 2011, Roeline Ham, moet met haar zaak Boobs-‘n-Burps niet onder doen. Ze implementeerde een business concept vanuit New York in Dilbeek en Antwerpen. En met succes. Straffe madammen, ik zei het al.Voor vrouwelijk ondernemerschap zijn er dan ook al heel wat lansen gebroken. Ook gisteren op de Womed Award uitreiking. Van alle clichés blijven weinig spaanders heel, als je al die genomineerden daar op het podium zag staan.
 
Steun
 
En toch, “je moet het als vrouw toch maar doen”, klonk ook achteraf op de receptie. Want vrouwen zouden minder ambitieus zijn, het minder groots zien, en daarom nog meer gestimuleerd moeten worden. Het cliché wil ook dat ze kiezen voor ondernemerschap omwille van de zelfstandigheid, de grote vrijheid en keuzemogelijkheden die het biedt, niet om dat gigantische bedrijf uit de grond te stampen. Om eerlijk te zijn, van die clichés heb ik gisteren weinig gezien. Een realiteit is wel dat ze minder makkelijk financiële steun krijgen van banken. De Belofte zei het zo: “Een borstvoeding boetiek? Probeer daar maar eens een mannelijke bankier van te overtuigen.”
 
De verdedigers van deze clichés vergeten dan wel even voor het gemak dat vrouwelijk ondernemerschap die noodzakelijke extra dimensie voor de economie van morgen biedt; het is een innovatieve boost voor de Vlaamse economie, op basis van een vaak persoonlijkere bedrijfsvoering en meer diversiteit.
 
Eigenheid
 
Want vrouwen onderscheiden zich wel degelijk met een aantal kenmerken van hun mannelijke collega’s. Vrouwelijke ondernemers worden gedreven door een drang naar zelfstandigheid, mannen eerder door hun passie om een echt bedrijf uit te bouwen. Vrouwelijke ondernemers leggen meer nadruk op relaties en inspraak van het personeel dan hun mannelijke collega’s. People management is ook in het bedrijf van de Womed Award een drijfveer en een pluspunt. Vrouwen zijn goed in het creëren van een bedrijf, dat goed afgestemd is op de eisen van de moderne economie, waarin relaties, samenwerking en kennis een sleutelrol spelen.Vandaag is in Vlaanderen slechts één op drie ondernemers een vrouw. Een schril contrast met het percentage vrouwen in de totale werkende bevolking: daar maken vrouwen 51% van de populatie uit. Zeker, er is al heel wat vooruitgang geboekt, zeker in West-Europa, maar we zijn nog lang niet op het punt waarop een “Womed Award” of een afzonderlijke prijs voor vrouwelijk ondernemerschap overbodig zou zijn. Vrouwelijke rolmodellen moeten andere vrouwen wakker schudden voor het potentieel dat ze zelf bezitten.
 
Het wegnemen van drempels, het veranderen van enkele culturele gewoontes moet duurzame oplossingen creëren voor de noden van vrouwelijke ondernemers. Dat is uiteindelijk wat deze Womed Award wil stimuleren. Dat de prijs ooit overbodig wordt. En dat het erkennen van de enorme meerwaarde van vrouwelijke capaciteiten en ambities vanzelfsprekend wordt.

16 maart 2012

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt

 

Nieuwjaarswensen 2012
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

- Deze blog is ook terug te vinden op www.deredactie.be -

Straks is het Driekoningen. Bij ons in de streek traditioneel een dag met nog eens nieuwjaarliedjes en –wensen en natuurlijk voor het andermaal heffen van het glas van de vriendschap. Deze periode van nieuwjaar is toch een beetje bijzonder. Het is alsof een oud hoofdstuk afgesloten wordt en we helemaal opnieuw kunnen beginnen vol nieuwe moed en natuurlijk veel goede voornemens. Weg met het verleden, lang leve een nieuwe en betere toekomst. Het bewijst onze gemeenschappelijke oerdrang naar geluk, naar een beter leven.

Tegelijk weten we het maar al te goed. Het nieuwe jaar wordt in belangrijke mate een voorzetting van het oude. Geen toekomst zonder verleden. De bladzijde omdraaien moet op tijd en stond. Maar het blijft hetzelfde boek inclusief de al gelezen en beleefde pagina’s. Zonder al die hoofdstukken, geen boek. Op dit moment ben ik op weg voor mijn laatste groet aan de in de kerstdagen overleden VRT – journalist Bruno Huyghebaert. De bladzijde van zijn leven is onverwacht omgedraaid. Zijn inspirerende journalistieke erfenis zal ons evenwel bijblijven. Hij wist als geen ander de (vermeende) tegenstellingen in ons democratisch overleg, voor heel veel mensen correct te verduidelijken. In die zin droeg hij op zijn manier bij tot meer onderling begrip. Zijn werk lijkt nu verleden tijd, maar het zal ook voor de toekomst een referentiepunt blijven, een inspiratie voor wat journalistieke sérieux hoort te zijn. Dat is ook het geval voor zijn helder geschreven naslagwerken onder meer over het generatiepact, over de toekomst van velen, zeg maar. Het verleden van Bruno maakt mee de toekomst.

De oude uitdagingen blijven overeind

Voor het nieuwe jaar is dat niet anders. De grote maatschappelijke uitdagingen van gisteren, blijven die van morgen en overmorgen, dit en de volgende jaren. Het op orde krijgen van onze overheidsfinanciën bijvoorbeeld of de uitdaging de huidige en komende generaties een duurzame economische en sociale toekomst te bieden. Het hoofdstuk van 2011 vol economische, institutionele, financiële en andere crisissen hier en elders is dan wel omgedraaid, de uitdagingen blijven onverkort overeind.

Cijfers liegen niet

De jaarwissel blijft ook het moment om een eerlijke inventaris op te maken. Elke ondernemer moet dat deze dagen doen. Want bedrijfscijfers liegen niet. Het gaat over winst of verlies, over voortdoen of stoppen maar vooral over de nodige zelfkritiek, over bijsturen, aanpassen en nieuwe , realistische uitdagingen. Het is dan ook hét moment om andermaal een lans te breken voor ondernemerschap. Dat ik daarmee afkom zullen velen vanzelfsprekend vinden. Akkoord, origineel is het niet. Maar het blijft toch nog te zeldzaam en niet vanzelfsprekend. Ondernemerschap mét toegevoegde waarde, bij ondernemers natuurlijk.

Maar ook bij al wie waar ook, in gelijk welke positie, verantwoordelijkheid neemt en moet nemen binnen de samenleving. Want zonder die mentaliteit geen gezonde groei, geen kwaliteit, geen welvaart, geen welzijn. We zijn allemaal ergens “klant” van elkaar, klanten van vlees en bloed op ons werk, in onze familie, in de buurt, de regio en het land waarin we leven. Willen of niet. We zijn allemaal verantwoordelijk, elk op ons terrein.

Echt, niet virtueel ondernemen

Dat échte ondernemen staat in schril contrast met het virtuele “ondernemen”, dat van speculanten en traders waar enkel de snelle winst telt, waar men niet wakker ligt van overmorgen, van duurzame toegevoegde waarde. Van dergelijk korte termijn gewin, zonder rekening te houden met de langetermijngevolgen worden vooral de echte ondernemers, hun klanten en medewerkers het slachtoffer.

Daarom is mijn wens voor 2012: “geef ondernemende mensen van vlees en bloed de ruimte en deleet het virtueel ondernemen van het snel gewin”. Want dat is de enige duurzame weg uit de crisis, de enige weg naar de realisatie van die grote uitdagingen. Aan die weg kan ieder van ons actief timmeren vanaf vandaag.

04 januari 2012

Trefwoorden bij dit artikel: karelvaneetvelt, nieuwjaarswensen

 

Wat is draagvlak van deze op onjuistheden gebaseerde staking?
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Vandaag is het nog eens zover. Via een staking van de overheidsdiensten proberen de vakbonden het land plat te leggen. Een mens vraagt zich af hoelang we dat klassenstrijdwapen nog moeten ondergaan in een samenleving waar de spanning tussen rijk en arm een stuk kleiner is geworden, waar de middenklasse zeer groot is geworden. Waar ook de mensen die Daens verdedigde in die middenklasse zitten en dat is niet meer dan terecht. Het zijn trouwens niet de armsten die het werk neerleggen maar wel een deeltje van die middenklasse en dan nog wel een deel dat zeer goed sociaal beschermd is. Een sociale bescherming die, zelfs na de regeringsaanpassingen, nog een stuk hoger ligt dan voor alle andere delen van de bevolking, niet in het minst de zelfstandigen die er wat dat betreft het meest bekaaid vanaf komen.

De manier waarop onze vakbonden deze mensen naar het stakingswapen doet grijpen stoort mij mateloos. Verdraaide waarheden, onjuistheden en afgunst zijn de voorbije dagen en weken veelvuldig gezaaid. Ja, de maatregelen van de federale regering om de activiteitsgraad te verhogen en de carrières te verlengen zijn fundamenteel. Maar neen, ze zijn niet drastisch noch asociaal en door de overgangsmaatregelen kan je al evenmin van contractbreuk spreken. En zeer vermoedelijk gaan ze nog niet ver genoeg om de sociale zekerheid op een duurzame manier in stand te houden.

Op vakbondswebsites beweren dat zelfstandigen gevrijwaard worden door de begrotingsmaatregelen terwijl je goed weet dat de belastingmaatregelen net deze groep het zwaarst treft is gewoon leugenachtig. Beweren dat bedrijven amper belastingen betalen door aan cijferspielerei te doen en te verzwijgen dat onze economie één van de zwaarst belaste van de wereld is, is de waarheid meer dan geweld aandoen. Of komen al die belastingeuro’s niet uit de economie?

Als we zelf aan “afgunstretoriek” willen doen zouden we de ambtenarenpensioenen in het vizier moeten nemen. De doorsnee lonen van deze mensen zijn al lang niet meer een fractie van de doorsnee privélonen, wel in tegendeel. Dus het argument dat er een bevolkingsgroep moet zijn met een onevenredig hoog pensioen gaat eigenlijk niet meer op. Maar voor alle duidelijkheid, het is deze mensen gegund.

Met afgunst komen we geen meter vooruit. Dit neemt niet weg dat deze mensen wel moeten beseffen dat zij zeer zeker een toegevoegde waarde leveren voor de economie, maar anderzijds ook volledig betaald worden door belastinggeld dat uit die economie komt. Dat de rechten die ze krijgen hen de plicht geeft “civil servant” te zijn. Dat net deze groep de eerste is die voor sociale onrust zorgt is hemeltergend. Dat ze daarmee de economie probeert lam te leggen is onaanvaardbaar én bovendien zeer dom. Want daardoor zagen ze de tak af waarop ze zelf zitten, hun eigen levensader zelfs. Want eerlijk gezegd vallen de maatregelen voor dit overheidspersoneel nog zeer goed mee en zijn ze zeker geen basis om zo driest te keer te gaan.

Ik stel mij ook de vraag hoe sterk deze actie gedragen wordt buiten de beschermde syndicale vertegenwoordigers. En nog meer wat de gemiddelde twintiger en dertiger van deze generatieopstand denkt. Want elke mens met een beetje gezond verstand beseft toch wel dat 35, ja zelfs 40 jaar werken en bijdragen betalen als je 80 jaar leeft niet duurzaam is. Het groeiend protest via de social media tegen dit soort drieste acties is bemoedigend. Mogen de vakbonden dan hun punt niet maken? Zeker wel, in een moderne democratische samenleving is dat zelfs belangrijk. Maar dan wel op basis van doorslaggevende en onderbouwde argumenten, gestaafd met feiten en cijfers.

Als je ervan uitgaat dat je regeringen met gezond verstand en gevoel voor democratie hebt, moeten sterke inhoudelijke argumenten volstaan om scherpe kanten af te vijlen. Ik kan mij moeilijk voorstellen dat deze regering gezien de samenstelling als een “onmenselijke” regering wordt aanzien. Mijn eigen ervaring is trouwens dat naar sterke argumenten en onderbouwde dossiers geluisterd wordt. Misschien niet direct, maar als je kan aantonen dat anders zaken echt mislopen zeker wel. Wij hebben het stakingswapen niet. Ook de macht van het getal niet zoals de vakbonden. En toch wordt er naar ons geluisterd en worden we bij overleg betrokken. Zonder stakingen of negatieve acties.

 

22 december 2011

Trefwoorden bij dit artikel: Ondernemerschap, karelvaneetvelt, Staking, vakbond

 

Ook optimiste van ondernemers is niet grenzeloos
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Woensdag nam ik deel aan een rondetafelgesprek over armoede bij zelfstandigen. In opdracht van de Koning Boudewijnstichting werden er beleidsaanbevelingen voorgesteld die ondernemers in moeilijkheden beter moeten ondersteunen. Dergelijke oefening door externe experts is zeer nuttig en positief. Op die manier is er eindelijk aandacht voor een vergeten groep in de samenleving.

Armoede onder zelfstandigen komt immers vaker voor dan gedacht. Het is een taboe dat nog niet doorbroken is. Een probleem waar nog veel te weinig aandacht voor is. Maar liefst 15% van alle zelfstandigen, of 40.000 ondernemers, leven structureel in armoede.  Een aanzienlijk groot deel.

Ondersteuning is daarom noodzakelijk. De faillissementscijfers liegen er niet om. Bijna met zekerheid zullen we eind dit jaar de kaap van de 10.000 faillissementen voor het eerst overschreden hebben op één jaar tijd. Sinds begin dit jaar werden al 9586 faillissementen aangevraagd, dat is 4,72% meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Het initiatief van de Koning Boudewijnstichting om de aandacht te vestigen op deze problematiek, is daarom zeker niet overbodig.

Toch moet faillissement enkel een noodrem zijn. Ondernemers die weten dat hun activiteit onrendabel is, moeten durven stoppen als het niet meer gaat. Maar voorkomen blijft beter dan genezen. We moeten ondernemers uit de armoede houden door hen met de juiste maatregelen te motiveren, te stimuleren en te ondersteunen. Tijdens het rondetafel gesprek werd er door de experts gepleit voor enkele vernieuwende voorstellen rond de verbetering van het sociaal statuut voor zelfstandigen en de steun aan zelfstandigen in moeilijkheden.

Daaruit bleek nog maar eens dat er ruimte is voor verbetering. De berekeningswijze van de sociale bijdragen, de vrijstelling van de sociale bijdragen, de verschoonbaarheid na een faillissement, de wet op de continuïteit ondernemingen, de collectieve schuldenregeling, de invoering van een stopzettingsvergoeding en een betere begeleiding van ondernemers. In deze zeven domeinen zijn aanpassingen mogelijk en nodig om de leefbaarheid van ondernemingen te verbeteren.

En dat zal nodig zijn. Ondernemers zijn optimisten. Maar met de aankomende recessie en de zware belastingmaatregelen erbovenop dreigt dat optimisme een stevige knauw te krijgen.

 

16 december 2011

Trefwoorden bij dit artikel: Faillissement, Ondernemerschap, karelvaneetvelt, armoede

 

Vorige  |1|2|3|4|5|6|7|8|9|10|11|  Volgende
Stel uw vraag
BelgacomElectrabelKBCADMBZenito