De creatieve rebellen van nu
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Jonge starters, met karakter en een duidelijke eigen stem: ze bestaan. En ik ben er fan van. Zeker als zij de minister-president durven wijzen op de opportuniteiten in ons land en niet meegaan in de onheilsberichten van enkele “captains of industry”. Zo’n gedrevenheid is hoopgevend. Positieve rebellie, noemde het trendbureau Trendwolves dit soort van collectieve creativiteit eerder. Alleszins precies de stoutmoedigheid die we nodig hebben om de negatieve teneur achter ons te laten.
 
Jonge ondernemers zien kansen en boksen in al hun positivisme op tegen de onheilstijdingen waar wij – tegen wil en dank – ook soms aan meedoen. Opportuniteiten zitten voor Belgische jongeren in ons hoge opleidingsniveau en – paradoxaal genoeg – ook in het feit dat ze ondernemen in een overgereglementeerd en duur land. Dat dwingt hen om een kwalitatief hoog niveau te halen en zeer efficiënt te zijn.
 
Maar daarbij komt de laatste jaren nog een troef: creativiteit. Klonk “het is wel een creatieve jongen” vroeger schertsend, dan is de meerwaarde van creativiteit nu steeds meer verworven. Zwemvijvers bouwen om mee te surfen op de ecologische trend, lege huiskamers combineren met de hype van fotografie, … overal zitten opportuniteiten en worden ook kansen gegrepen door jonge mensen. Het is inspirerend om zien hoe jonge ondernemers deel willen zijn van de oplossing, en niet langer berusten in het probleem.
 
Onze taak als ondernemersorganisatie mag dus zeker niet zijn om die beginnersdrive te breken. Het springen en het effectief beginnen is net een van de belangrijkste sleutels tot succes. De slaagkansen liggen ook opnieuw hoger, 70% van alle starters doen het na vijf jaar goed, blijkt uit onze startersatlas. Velen onder hen staan financieel sterk genoeg om op een solide manier te kunnen ondernemen.
 
Toch blijven maatregelen om ondernemerschap aan te moedigen noodzakelijk. Voor 2012 loopt het starterscijfers immers terug, wellicht met 3% ten opzichte van 2011. De context blijft ook moeilijk: net werd door Eurostat nog maar eens bewezen dat België de hoogste arbeidskosten van heel Europa telt. Dat heeft nefaste gevolgen op lange termijn: een ondernemer die zich blauw betaalt aan belastingen zonder er veel aan over te houden, verliest langzaam maar zeker ook een deel van zijn motivatie.
 
Want wie onderneemt neemt immers een risico. Een risico op basis van passie, gedrevenheid, goesting, know-how, dat wel. Maar niet voor niets: een risico vraagt om rendement. In een bank ligt dat rendement op risicokapitaal 15% of meer. Waarom moet een ondernemer dan met veel minder te tevreden zijn? Dan kan hij de mislukking beter helemaal vermijden en zijn geld op de bank laten staan. Een samenleving moet aanvaarden dat een ondernemer – als hij slaagt en met de moeite die hij zich getroost om er iets van te maken – een leefbare return krijgt. Wie dat bemoeilijkt, onder meer door geen verantwoordelijkheid te nemen in een dringende aanpak van de hoge loon- en arbeidskosten, verhindert het ondernemerschap in Vlaanderen.

04 mei 2012

 

Uplace vs KMO's: twee maten, twee gewichten
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

 

Over de megashoppingcentra rond Brussel is al heel wat stof opgewaaid. Uplace Machelen, Neo op de Heizel en in Just Under the Sky Schaarbeek samen goed voor minstens 140.000 vierkante meter winkels. Het totale Uplace project beslaat 200.000 vierkante meter. Voor- en tegenstanders laten zich horen, zowel in de samenleving als in de politiek.

Bij Unizo zijn we koele minnaars van shoppingcenters, dat is geweten. Volgens onze tegenstanders steunt die weerstand op conservatisme. Onzin. Onze globale toekomstvisie op de distributie is al sinds jaren mee geëvolueerd met de samenleving. Daar kan de overheid een voorbeeld aan nemen.

De hedendaagse supermarkten werden grotendeels franchisezaken binnen grotere groepen, maar uitgebaat door zelfstandigen. Geen probleem. We steunen ook dit soort zelfstandigen voluit. Door hun inzet veroverde het concept “buurtsuper” een essentiële rol in de distributie.

Winkelparken
 
We ondersteunen even krachtig de ondernemers met een handelszaak waarvoor het assortiment een grotere winkeloppervlakte behoeft dan beschikbaar in de handelskernen. Al in de jaren zeventig ontwikkelde onze organisatie ook daarover een coherente visie. Daarin kaderde toen al ons voorstel voor het aanleggen van geconcentreerde, vlot bereikbare winkelparken voor de grotere zaken in de rand . Onder meer in Frankrijk maar ook bij ons werkt dat concept uitstekend als alternatief voor de baanwinkellinten in perfecte combinatie met winkels in onze kernen.

Shoppingscenters zijn voor ons evenmin een probleem op voorwaarde onze bestaande kernen te versterken. Het nieuwe shoppingcenter K in Kortrijk is daar een bewijs van. Als dergelijke formules onze bestaande kernen evenwel leegzuigen, is er wel een groot probleem.. Dat is helaas al te dikwijls het geval.

Een slechte zaak, niet enkel voor de handel maar voor heel de samenleving. Want een afkalvende handel in onze kernen betekent verloedering, onveiligheid en verzuring. Volop redenen voor de ( Vlaamse) overheid “zeer voorzichtig” om te gaan met vergunningen voor dit soort mega shoppingcenters.

Winkelnota
 
De recente winkelnota van deze Vlaamse regering benadrukt dat trouwens. Pas dat dan toch toe. Het Uplace-project maakt mij om nog andere belangrijke reden echt kwaad. In Vlaanderen kampen kmo’s met de complexiteit van de vergunningsregels. Om pietluttigheden wordt moeilijk gedaan of een vergunning geweigerd. Voor een megaproject wordt door politici evenwel de rode loper uitgerold.

Negatieve adviezen van de diensten ruimtelijke ordening en milieu worden door de bevoegde minister omgekeerd of betwist. Twee maten en twee gewichten. Wij proberen veel uit te leggen aan onze leden, maar dit lukt echt niet.. Politici moeten dat nu goed beseffen. Een kwestie van geloofwaardigheid.

Karel Van Eetvelt

16 april 2012

 

De gemeentelievende ondernemer
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Wat als er geen ondernemers waren in uw gemeente? Geen jobs, geen handel, geen diensten, geen horeca, geen sponsoring voor verenigingen en geen bouwprojecten. Het belang van ondernemers én bijhorend ondernemersvriendelijk gemeentelijk beleid kan daarom nauwelijks overschat worden. De impact ervan is voor ondernemers direct voelbaar. Veel meer nog dan de zogenaamde grote politiek.

Met die wetenschap in het achterhoofd werd begin deze week de Laureaat Ondernemende gemeente uitgereikt. De prijzen voor het meeste oog en luisterend oor voor ondernemers gingen naar Aalst en Overijse. Beiden gingen met een integrale aanpak aan het werk en legden de nadruk op participatie van de handelaars. Met maar een doel: een bruisende stadskern en dynamische KMO-zones.

De afgelopen KMO-barometer wees bovendien uit dat het gemeentelijk niveau, na het federale, het overheidsniveau met de grootste impact op ondernemers is.  De gemeente heeft een directe invloed op de ondernemingen: beschikbare ruimte, vergunningen, bereikbaarheid en parkeren, veiligheid, relatie met de buurt, …  Gemeenten krijgen daartoe ook steeds meer middelen, kijk maar naar het handelsbeleid waar met de Vlaamse winkelnota praktisch het volledig instrumentarium op het lokale niveau kan gerealiseerd worden. En met de gemeenteraadverkiezingen in 2012 is het hét moment om dergelijk volwaardig lokaal economisch beleid voor te leggen.

Bijna 3000 ondernemers in meer dan 200 onze lokale unizo-afdelingen hebben de ondernemers-prioriteiten voor de gemeenteraadsverkiezingen al opgemaakt. In de top drie van thema’s voor de problemen die de volgende zes jaar aangepakt moeten worden, drie duidelijke ijkpunten: de bereikbaarheid, ruimte voor ondernemers en dienstverlening.
 
Ondernemers zijn immers niet zomaar een van de doelgroepen; ze zijn de essentiële partner voor een dynamische gemeente. Ondernemers zijn, net zoals burgers, geen klanten van een overheid. Klanten kunnen namelijk kiezen, bij een gemeente is dat niet zo.  Dat neemt niet weg dat het gemeentebestuur haar ondernemers moet behandelen alsof het klanten waren. Meer nog, de gemeente die ondernemers aan haar kant krijgt en hen mee betrekt, kan fantastische resultaten boeken. De realisatie van de drie voorgenoemde prioriteiten zijn de essentiële inzet bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober van dit jaar. Daarmee valt of staat zowel ondernemer àls gemeente.

29 maart 2012

 

Ik ben Lore Peeters, gedelegeerd bestuurder van UNIZO
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

Hoi, ik ben Lore Peeters. Vandaag trotse plaatsvervanger van Karel Van Eetvelt. UNIZO en meer in detail Karel nam deel aan Zuiddag. Binnen dit project staat Karel voor één dag zijn job af aan mij, het loon dat ik hiervoor uitbetaald krijg, gaat rechtstreeks naar het goede doel namelijk Zuiddag. Zij zullen met de opbrengst van deze dag lokale projecten steunen in Tanzania.

Vanmorgen kwam ik al vroeg en vol verwachting aan in het kantoor van UNIZO in Brussel. Eerst een foto nemen voor Zuiddag en dan ben ik klaar om er een hele dag in te vliegen.

De eerste opdracht is in het Vlaams Parlement, hier zullen we het Vesoc-akkoord in verband met het loopbaanbeleid toelichten. Mijn zenuwen worden al meteen op de proef gesteld als Karel me meedeelt dat ik de inleiding mag geven. Na een beetje repeteren, was ik er helemaal klaar voor. Gelukkig ging het helemaal goed. Wat volgde was een interessant debat over het loopbaanbeleid, verschillende mensen van de commissie hadden nog enkele vragen en bedenkingen maar Karel en minister Muyters verdedigden het akkoord met hand en tand tot iedereen overtuigd was.

’s Middags volgde er een vergadering met de directieleden van UNIZO. Hier werden onder andere veranderingen in het beleid en verdere toekomstplannen besproken. Bij deze vergadering was het vooral interessant om meer te leren over de werking en toekomstideeën van UNIZO.

In de namiddag was het tijd voor één van de spannendste gebeurtenissen uit mijn leven. Een vergadering op het koninklijk paleis in Laken in het bijzijn van prins Filip, een vergadering in het kader van het Prins Filipfonds. Tijdens de vergadering viel het me op dat het Prins Filipfonds tal van interessante initiatieven steunt waaronder de mogelijkheid van bi-diplomatie.

Voor vanavond staan er ook nog een lezing voor zo’n 70tal ondernemrs in Hasselt op het programma. Spannend, maar ondertussen ben ik overtuigd dat ook dat opnieuw interessant zal zijn.

Als ik de balans opmaak van de afgelopen dag kan ik maar één ding besluiten. Het was een ongelofelijk interessante dag en ik ben Karel Van Eetvelt en UNIZO ontzettend dankbaar voor deze unieke kans.

22 maart 2012

 

Straffe Madammen
Karel Van Eetvelt | De kijk van Karel

De Womed Award-winnares Danielle Vanwesenbeek stond gisteren terecht trots op het podium als ‘Kapitein van haar 15-koppig schip’ en vrouwelijke onderneemster van het jaar. Acht jaar geleden is ze beginnen roeien met de riemen die ze had, een printer in de living, en nu zoveel tijd later leidt ze een direct mailing bedrijf met een omzet van 3 miljoen. Chapeau.

De Belofte 2011, Roeline Ham, moet met haar zaak Boobs-‘n-Burps niet onder doen. Ze implementeerde een business concept vanuit New York in Dilbeek en Antwerpen. En met succes. Straffe madammen, ik zei het al.Voor vrouwelijk ondernemerschap zijn er dan ook al heel wat lansen gebroken. Ook gisteren op de Womed Award uitreiking. Van alle clichés blijven weinig spaanders heel, als je al die genomineerden daar op het podium zag staan.
 
Steun
 
En toch, “je moet het als vrouw toch maar doen”, klonk ook achteraf op de receptie. Want vrouwen zouden minder ambitieus zijn, het minder groots zien, en daarom nog meer gestimuleerd moeten worden. Het cliché wil ook dat ze kiezen voor ondernemerschap omwille van de zelfstandigheid, de grote vrijheid en keuzemogelijkheden die het biedt, niet om dat gigantische bedrijf uit de grond te stampen. Om eerlijk te zijn, van die clichés heb ik gisteren weinig gezien. Een realiteit is wel dat ze minder makkelijk financiële steun krijgen van banken. De Belofte zei het zo: “Een borstvoeding boetiek? Probeer daar maar eens een mannelijke bankier van te overtuigen.”
 
De verdedigers van deze clichés vergeten dan wel even voor het gemak dat vrouwelijk ondernemerschap die noodzakelijke extra dimensie voor de economie van morgen biedt; het is een innovatieve boost voor de Vlaamse economie, op basis van een vaak persoonlijkere bedrijfsvoering en meer diversiteit.
 
Eigenheid
 
Want vrouwen onderscheiden zich wel degelijk met een aantal kenmerken van hun mannelijke collega’s. Vrouwelijke ondernemers worden gedreven door een drang naar zelfstandigheid, mannen eerder door hun passie om een echt bedrijf uit te bouwen. Vrouwelijke ondernemers leggen meer nadruk op relaties en inspraak van het personeel dan hun mannelijke collega’s. People management is ook in het bedrijf van de Womed Award een drijfveer en een pluspunt. Vrouwen zijn goed in het creëren van een bedrijf, dat goed afgestemd is op de eisen van de moderne economie, waarin relaties, samenwerking en kennis een sleutelrol spelen.Vandaag is in Vlaanderen slechts één op drie ondernemers een vrouw. Een schril contrast met het percentage vrouwen in de totale werkende bevolking: daar maken vrouwen 51% van de populatie uit. Zeker, er is al heel wat vooruitgang geboekt, zeker in West-Europa, maar we zijn nog lang niet op het punt waarop een “Womed Award” of een afzonderlijke prijs voor vrouwelijk ondernemerschap overbodig zou zijn. Vrouwelijke rolmodellen moeten andere vrouwen wakker schudden voor het potentieel dat ze zelf bezitten.
 
Het wegnemen van drempels, het veranderen van enkele culturele gewoontes moet duurzame oplossingen creëren voor de noden van vrouwelijke ondernemers. Dat is uiteindelijk wat deze Womed Award wil stimuleren. Dat de prijs ooit overbodig wordt. En dat het erkennen van de enorme meerwaarde van vrouwelijke capaciteiten en ambities vanzelfsprekend wordt.

16 maart 2012

Trefwoorden bij dit artikel: vrouwelijke ondernemer, karelvaneetvelt, womedaward

 

Vorige  |1|2|3|4|5|6|7|8|9|10|11|  Volgende
Stel uw vraag
Electrabel KBC Belgacom