Vanaf juni ruim 1000 Brusselse winkels elke donderdag open tot 20u
“Wist je dat Brussel nog altijd de meeste bezoekers heeft, méér dan Antwerpen?” Jean De Hertog, Brussels schepen van Handel, straalt. Hij heeft net een uur lang over zijn geesteskind gepraat: het laatavondshoppen in de hoofdstad. In navolging van ‘Leuven Laat’ zijn vanaf juni meer dan duizend Brusselse handelszaken elke donderdag open tot 20u. Het project kreeg de -communautair neutrale- Engelse naam: Afterwork shopping.
Vanwaar het idee van het laatavondshoppen? Is er behoefte aan ruimere openingsuren in Brussel? Jean De Hertog, Brussels schepen van Handel (CD&V): “Brussel doet mee omdat wij niet willen achterblijven tegenover Europese steden als Londen, Amsterdam en Parijs. Wij zijn de hoofdstad van Europa, dus passen we ons aan de levenswijze van de klanten aan, in het bijzonder aan de pendelaars, congresgangers, werkende mensen en toeristen. Maar we kijken in de eerste plaats naar eigen land. En daar hebben we ons gespiegeld aan Leuven. We vroegen ons af: hoe doen zij het en is het succesvol? De ervaring met ‘Leuven Laat’ leert ons dat 86% van de bezoekers op die koopavonden daadwerkelijk ook één of meerdere zaken kopen. Het gaat dus om een koopgericht publiek.” “Maar dé hoofdreden van het avondshoppen zijn de Brusselse handelaars. Die vroegen me: ‘wat ga je doen om de economische crisis toch een klein beetje te verzachten?’ Als hun winkels langer open zijn, kunnen ze een beetje geld bijverdienen. Zo trekken ze toeristen aan, maar ook de gewone families. Zij kunnen na het werk hun boodschap-pen doen of hun familie uitnodigen om een terrasje te doen. Dankzij de latere openingsuren profiteren de klanten van een verhoogd koopcomfort en een betere dienstverlening.” “Het initiatief moet in de eerste plaats de stadskern versterken. Maar Brussel is zeer complex. Anders dan Leuven met twee grote winkelstraten zitten wij met verschillende handelswijken: de Zavel, de Dansaertstraat, de Kartuizerswijk, de omgeving van de Grote Markt, de Nieuwstraat,… Het project loopt samen met ondermeer UNIZO en Atrium, het Regionaal agentschap voor investering in de Brusselse handelswijken, waarvan ik ook voorzitter ben. Atrium richt zich alleen op Brussel-centrum en een stukje in Laken.”
Hoe is de respons bij de Brusselse handelaars? Jean De Hertog: “Tussen de 60 en 65% van de handelaars doet mee. Er zijn wel grote verschillen tussen de wijken onderling. Sommige handelaars waren in het begin niet geneigd om op het project te springen. Laatavondwinkelen betekent extra personeelskosten, vrezen ze. In de Nieuwstraat, dé handelsstraat bij uitstek, zitten vooral grote winkels als Innovation en City2 en die weigeren voorlopig om mee te doen. De kleinere handelaars zijn flexibeler, omdat het hun eigen zaak is, ze wonen hier en ze moeten geen bijkomend personeel aanwerven. Het is veel gemakkelijker om hen te mobiliseren. Maar ik verwacht dat de grotere ketens zich zullen herorganiseren, zeker als ze merken dat het laatavondshoppen niet verlieslatend, maar winst-gevend zal zijn. Latere openingstijden brengen géén extra kosten met zich mee. De huurprijs blijft onveranderd. Het is ook mogelijk om de openingsuren van de winkel te verschuiven of de werkuren van het personeel intern aan te passen om zo extra personeelskosten te vermijden.”
Naast de personeelskost is één van de voornaamste tegenargu-menten het aspect veiligheid. Jean De Hertog: “Klopt. Na 20u is er de vrees voor een overval of voor jeugdbendes. Zoiets is natuurlijk altijd mogelijk. Daarom garanderen we regelmatige politiecontroles en een versterkte aanwezigheid van stadsstewards in de winkelstraten. Het hele Brusselse schepencollege en de burgemeester moeten trouwens de handen in elkaar slaan. Want ook bijvoorbeeld netheid is belangrijk. Waar het netjes is, gaan de mensen graag. Waar het vuil is, daar blijven ze weg. Bovendien moet het openbaar vervoer goed afgestemd zijn. Dat is gelukkig in Brussel het geval. Daarnaast is er voldoende parkeergelegenheid. We zijn nu al volop bezig met de nodige bewijzering om iedereen naar de parkings te leiden. De ondergrondse parkings zijn zelfs overdag nog voor meer dan de helft leeg. Maar de mensen moeten willen betalen. Sommigen redeneren: ‘Als ik me op een bovengrondse plaats kan parkeren en ik heb geen boete, is het in orde en heb ik winst gemaakt’. We onderhandelen met de uitbaters van de parkings om ’s avonds lagere tarieven toe te passen.”
Om klanten te lokken moeten ze natuurlijk wel op de hoogte zijn van het initiatief. Hoe pakt u dat aan? Jean De Hertog: “Er komt een grootschalige mediacampagne en alle deelnemende handelaars krijgen affiches en flyers om uit te delen. We rekenen er ook op dat ze zelf hun zaak zodanig presenteren dat de klanten komen kijken en kopen. Wat ze presenteren in de etalage, dat zijn zij zelf voor een stuk, nietwaar? Daarnaast zijn er thematische promotionele acties gepland, zoals nocturnes van musea of over-nachtingen in hotels tegen een voorkeurtarief. De stad stimuleert ook animatie in de handelswijken: een modeshow, tentoonstellingen in de winkels en zo meer. Verenigingen die dat willen, kunnen gebruik maken van de nodige logistieke steun. Ik vergelijk die wijkanimatie met het succes van braderijen. Bijvoorbeeld in mijn eigen buurt, de Brusselse Wandstraat, kan je op de jaarlijkse braderij over de koppen lopen. Op zo’n braderij leer je de wijk kennen. Het is bovendien een vaste afspraak met de bezoekers. Op dezelfde manier hoop ik dat de mensen binnenkort zullen zeggen: ‘Aha, het is donderdag, de winkels in Brussel zijn open tot 20 uur’.
Helemaal nieuw is het laatavondshoppen ook in Brussel niet. Som-mige winkels zijn nu al langer open. Jean De Hertog: “Het feit dat ze langer open blijven, wijst er op dat ze toch nog klanten over de vloer krijgen. Over het algemeen zijn het ook die mensen die meteen akkoord gaan met het project. Ze weten dat het laatavondshoppen centen opbrengt. De stad Gent heeft ook plannen om het in de binnenstad in te voeren. En ik vermoed dat Antwerpen en Hasselt zullen volgen. Overigens hoef je wettelijk niets te veranderen: handelaars mogen tot 20u open blijven.”
Heeft het project een blijvend karakter? Jean De Hertog: “Absoluut. Het mag geen eenmalig experiment zijn van pakweg zes maanden. Het evenement zal nooit van de grond komen zonder de actieve deelname van minstens 70% van de handelaars in elke wijk. Het eerste jaar zal misschien nog niet groots zijn. Maar na enkele jaren en de nodige publiciteit kan het tot een wijds succes uitgroeien. Dit gaat het imago van Brussel opkrikken. De handelaars moéten er voor werken, de handelszaken moéten er bovenop komen. Dit is één van de middelen om zich te tonen.” www.afterworkshopping.be
Voedingswinkelier Yves Suykerbuyk ‘Rendement bij later sluitingsuur ligt 400% hoger’ Voedingswinkel Suykerbuyk-Vanderlinden is gewonnen voor het avondshoppen en past het systeem zelfs al jaren in de praktijk toe. Zaakvoerder Yves Suykerbuyk. “Iedereen moet een beetje flexibel zijn. Wij zijn sowieso relatief laat open, tot 20u30. Onze zaak ligt aan de Europese Commissie. Veel van onze klanten beginnen laat te werken en zijn na het werk op zoek naar een winkel die nog open is. Maar de mensen moeten het eerst weten natuurlijk. Daarom hangen we affiches in de winkel en vermelden we het avondshoppen ook op onze website. Ook mond-tot-mondreclame werkt als een lopend vuurtje.” “Suykerbuyk-Vanderlinden bestaat sinds 1994. In het begin waren we open tot 19u. Geleidelijk aan is het sluitingsuur opgeschoven. Drie jaar geleden begon onze samenwerking met de Delhaize-groep om uiteindelijk een Shop’n Go te worden onder het Delhaize-logo. Tot eind 2006 waren we ’s morgens vanaf 7u open. Maar op den duur vroegen we ons openlijk af waarom. Een uurtje later sluiten ’s avonds kost evenveel aan personeel en het rendement ligt 400% hoger, merken we. Ik wil absoluut niet terug naar 19u. Dat zou minder inkomsten betekenen en heel waarschijnlijk zou ik ook medewerkers moeten laten gaan. Je moet natuurlijk je personeel over de streep kunnen trekken, niet evident als je een kleine zaak hebt. Wij hebben acht voltijdse mensen in dienst en drie studenten. We voorzien twee extra studenten voor ‘s avonds.” “Parkeerproblemen hebben we niet. Onze klanten komen voornamelijk te voet. Of ook het aspect veiligheid een rol speelt? De hele winkel is uitgerust met camera’s. We werken ook met automatische kassa’s. Het geld valt meteen in de koffer, dus klanten of overvallers kunnen er niet aan. Maar dat hebben we vooral gedaan omdat we al drie hold-ups achter de rug hebben. Het is er niet zozeer gekomen naar aanleiding van het laatavondshoppen.”
Arnaud Wittmann, Juweliers De Greef ‘Een glas champagne voor de klanten’ “Onze zaak ligt in de Livingstonelaan, met vooral horeca en souvenirwinkels, die meestal nog open zijn ‘s avonds. Ze mikken veelal op toeristen. In die zin zal het voor onze straat geen groot verschil maken”, vertelt Arnaud Wittman van Juweliers De Greef. “Momenteel zijn we open tot 17u45. We zijn een dynamisch bedrijf. Als er zo’n nieuw initiatief komt, waarom dan niet meedoen? We moeten trouwens niet altijd wachten tot de stad Brussel iets doet. We zijn van plan om zelf iets speciaals te doen op donderdagavond. De klanten krijgen bijvoorbeeld een glas champagne.” “Die donderdagavond vergelijk ik een beetje met zondagwerk. Dat doen we al jaren. Bovendien zijn we telkens de zondag voor Kerstmis open. Dat geeft wel een zekere dynamiek, maar echt veel meer klanten levert dit toch niet op. Ik betwijfel dan ook of het laatavondshoppen een succes wordt. Mogelijk krijgen we de eerste weken weinig volk. Voldoende aandacht en publiciteit is zeker wenselijk. Het moet echt gepusht worden.” “Als juwelier kennen we de problematiek van de veiligheid. Sinds we een grote diefstal gehad hebben, werken we al jaren samen met een beveiligingsbedrijf. Zodra het laatavondshoppen in Brussel start, huren we iemand van de firma in om tot 20u mee de winkel te bewaken. Naast mijzelf en mijn broer telt de zaak drie medewerkers. Voor hen is het niet evident om langer te werken. Het is niet echt bevorderlijk voor het familieleven. Eentje komt bijvoorbeeld van Namen met de trein. Mijn broer en ik zijn daarom van plan om de eerste maanden zelf tot 20u in de winkel te staan. Eerst zien hoe het gaat evolueren. Hopelijk is het niet alleen om rond te lopen. Op termijn zullen we de balans opmaken. Want ook mijn broer en ik willen wel eens met vakantie.”
Sonja Noël, kledingzaak Stijl ‘Net als in Londen en Parijs’ “Waarom ik meedoe? Mijn gevoel geeft me dit in”, zegt Sonja Noël van kledingzaak Stijl in de Brusselse Dansaertstraat. “In de handel is het normaal dat je je soepel opstelt en meewerkt aan zo’n initiatief. We moeten ons aanpassen, dingen uitproberen. Een restaurant dat op zondag gesloten is, doet best ook open als er in de stad die dag een grote activiteit is. In grootsteden als Londen en Parijs bestaat laatavondshoppen al lang. Dat Brussel nu ook op de kar springt, is de logische gang van zaken.” “Stijl staat voor luxeproducten. Wij zijn open tot 18u30. Ons publiek werkt heel hard en dat latere openingsuur komt hen goed uit. We hopen en denken dat we op die manier meer volk aantrekken. De personeelsbezetting is geen probleem. Ik laat mijn medewerkers gewoon anderhalf uur vroeger of later beginnen. De meeste winkels in de Dansaertstraat doen mee, voor zover ik weet. En maar goed ook. Laatavondshoppen kan maar werken als alle handelaars er achter staan. Je moet het ook kenbaar maken. Daarom mailen en schrijven we naar de klanten, of we spreken hen er over aan in de winkel: ‘U kunt het kleedje vanaf nu ook later afhalen’.” |