Voordeel alle aard van een bedrijfswagen of bedrijfsvoertuig: hoeveel belastingen moet je hierop betalen?

Laatste aanpassing: 
04/01/2022

De regels inzake het voordeel van alle aard voor het gratis gebruik van een voertuig door een werknemer of bedrijfsleider, veranderen regelmatig. Zo werden de referentiegetallen voor de CO2-uitstoot met ingang van 2022 aangepast. Dit heeft aanzienlijke gevolgen voor de belastingen en sociale bijdragen die je moet betalen op je bedrijfswagen. We zetten hieronder alle regels nog eens op een rij.

De basisregel is dat het voordeel van alle aard waarop je belast wordt, berekend wordt op basis van de cataloguswaarde van het voertuig en de CO2-uitstoot, ongeacht het aantal privé-kilometers.

Lees ook: Wat is het meest interessant voor jou als zelfstandige: een gratis of betaalde bedrijfswagen met belastbaar voordeel alle aard of toch een privé-aankoop?

Wat betekent dat voor jou als bedrijfsleider met een bedrijfswagen of voor je werknemer met een bedrijfswagen?

In de huidige regeling wordt het voordeel berekend op basis van de cataloguswaarde en de CO2-uitstoot van de wagen, volgens deze formule:

Voordeel van alle aard = cataloguswaarde x afschrijvingscoëfficiënt x % (CO2-coëfficiënt) x 6/7

Hieronder lees je hoe je elk van deze drie componenten voor jouw bedrijfswagen kan bepalen.

1ste component: Hoeveel bedraagt je cataloguswaarde?

  • Voor nieuwe wagens is de cataloguswaarde de gefactureerde waarde, inclusief de BTW en opties maar zonder rekening te houden met kortingen, verminderingen, afslagen en ristorno’s.

  • Voor tweedehandswagens is de cataloguswaarde de catalogusprijs van het voertuig in nieuwe staat bij verkoop aan een particulier, inclusies de btw en opties maar zonder rekening te houden met kortingen, verminderingen, afslagen en ristorno's.

Welke catalogusprijs mag je dan eigenlijk in aanmerking nemen?

De fiscus heeft een aantal verduidelijkingen gegeven omtrent de catalogusprijs die je in aanmerking moet nemen voor de berekening van het voordeel van alle aard:

  • Wanneer jij als bedrijfsleider of je werknemer meerdere wagens ter beschikking heeft, geldt er voor elke wagen afzonderlijk een minimumvoordeel van 1.200 euro per jaar.
  • Wanneer jij als bedrijfsleider of je werknemer tijdens een jaar achtereenvolgens over verschillende wagens beschikt, moet voor elke wagen afzonderlijk het voordeel pro rata worden berekend.
  • Ook wanneer jij als bedrijfsleider of je werknemer slechts een beperkt aantal privékilometers mag afleggen met de wagen en bij overschrijding een bedrag per kilometer betaalt, blijft de forfaitaire waardering volledig van toepassing. De eigen vergoeding mag je wel van het forfaitaire voordeel aftrekken (maar nooit voor meer dan het bedrag van het forfaitaire voordeel).
  • De catalogusprijs van een voertuig kan wijzigen (stijgen of dalen). Als er op het moment van bestelling een prijsgarantie gegeven wordt, geldt de catalogusprijs bij verkoop aan een particulier op het moment van de bestelling. Als er geen prijsgarantie gegeven wordt, geldt de catalogusprijs bij verkoop aan een particulier op het ogenblik van facturatie.
  • Voor voertuigen die dienen als demonstratiewagen of directiewagen (voertuigen met handelaarsplaat) geldt de datum van inschrijving in het bijzonder btw-register voor directiewagens, aangezien dergelijke voertuigen niet worden ingeschreven bij de DIV.
  • Koop je de bedrijfswagen in het buitenland aan, dan geldt steeds de Belgische catalogusprijs bij verkoop aan een particulier. Tenzij het voertuig niet in België wordt verkocht. Dan geldt de buitenlandse catalogusprijs.
  • Koop je een bedrijfswagens tweedehands aan, dan geldt steeds de werkelijk betaalde btw op het ogenblik van de verkoop als tweedehandswagen. Tenzij je de wagen aankoopt bij een belastingplichtige wederverkoper met toepassing van de bijzondere regeling van btw over de winstmarge. In dat geval komt er geen btw in de berekeningsgrondslag van het voordeel van alle aard.
  • Wanneer je bedrijfswagen uitgerust is met een optiepakket dat goedkoper is dan de totaalprijs van alle opties afzonderlijk, dan mag je rekening houden met de prijs van het optiepakket, op voorwaarde dat het optiepakket ook beschikbaar is/was voor particulieren.
  • Wanneer de catalogusprijs van het voertuig (tijdelijk) wordt verlaagd en deze verlaagde catalogusprijs ook daadwerkelijk als nieuwe catalogusprijs wordt opgenomen in de prijslijsten van de constructeur/invoerder, dan mag je rekening houden met de verlaagde catalogusprijs (en is er dus geen sprake van een korting waarmee geen rekening gehouden mag worden).
  • Accessoires die je na de aankoop nog aan het voertuig laat aanbrengen, moet de prijs van deze accessoires meegenomen worden in de berekening van het voordeel van alle aard. De afschrijving van de cataloguswaarde mag worden toegepast op de cataloguswaarde én het bedrag van de achteraf aangebrachte accessoires.
  • Een onderhoudscontract dat jij als werkgever afsluit en betaalt, komt niet in aanmerking voor de berekening van het voordeel van alle aard.

2de component: hoeveel bedraagt je afschrijvingscoëfficient

De cataloguswaarde daalt naarmate de wagen ouder wordt. De oorspronkelijke catalogusprijs wordt daarom vermenigvuldigd met een zogenaamde afschrijvingscoëfficient, op basis van de onderstaande tabel:

Periode verstreken sinds de eerste inschrijving van het voertuig afschrijvingscoëfficient
0-12 maanden 100%
13-24 maanden 94%
25-36 maanden 88%
37-48 maanden 82%
49-60 maanden 76%
vanaf 61 maanden 70%
Deze afschrijving is van toepassing op nieuwe wagens en op tweedehandswagens.

3de component: hoeveel bedraagt je CO2-coëfficiënt?

  • De basis-CO2-coëfficiënt bedraagt 5,5% voor een CO2-uitstoot van 75 g/km (2022) voor een dieselwagen en 91 g/km voor een benzinewagen of een wagen met een LPG- of aardgasmotor.

  • Wanneer de werkelijke CO2-uitstoot hoger ligt dan de basis-CO2-coëfficiënt, wordt deze coëfficiënt verhoogd met 0,1% per bijkomende gram CO2 per kilometer.

  • De uiteindelijke coëfficiënt mag nooit minder dan 4% bedragen en nooit meer dan 18%, ongeacht de uitstoot.

Vooral voor duurdere en krachtigere wagens, die logischerwijs ook een hogere CO2-uitstoot hebben, loopt de rekening dus al snel op.

Voertuigen waarvoor geen gegevens met betrekking tot de CO2-uitstoot beschikbaar zijn bij de Dienst voor Inschrijvingen van de Voertuigen (DIV), worden gelijkgesteld met een CO2-uitstoot van 195 g/km voor dieselwagens en 205 g/km voor benzinewagens of wagens met een LPG- of aardgasmotor.

Het belastbaar voordeel bedraagt sowieso minstens 1.200 euro bruto per jaar.

De basis-CO2-waarden worden jaarlijks herzien om zo rekening te kunnen houden met de jaarlijkse evolutie van de CO2-uitstoot van het Belgische wagenpark. Gezien de steeds voortschrijdende autotechnologieën, zullen de waarden jaar na jaar verlagen en zal het bedrag van het voordeel toenemen. Dat blijkt ook uit de evolutie van de voorbije jaren:

 

Diesel

Benzine, LPG en aardgas

2017

87 gr./km.

105 gr./km.

2018

86 gr./km.

105 gr./km.

2019

88 gr./km.

107 gr./km.

2020

91 gr./km.

111 gr./km.

2021

84 gr./km.

102 gr./km.

2022

75 gr./km.

91 gr./km.

Voorbeeld (jaar 2022):

We nemen een nieuwe dieselwagen met een CO2-uitstoot van 195 g/km als voorbeeld. De wagen heeft een cataloguswaarde van 60.000 euro.

Het voordeel van alle aard in het nieuwe systeem bedraagt maar liefst 9.000 euro bruto per jaar:

  1. 1ste component: cataloguswaarde = 60.000 euro
  2. 2de component: afschrijvingscoëfficiënt = 100%
  3. 3de component: CO2-coëfficiënt = 5,5% basis + 0,1%verhoging per gram boven 75 (= 0,1% x 120) = 17,5%

Dit geeft volgende berekening: 60.000 x 100% x 17,5 x 6/7= 9.000 euro bruto per jaar.

Wat betekent dat voor je vennootschap?

Als je een vennootschap hebt die de wagen ter beschikking stelt, dan moet je een bijkomende belasting betalen.

De regeling voorziet immers dat 17% van het brutobedrag van het voordeel van alle aard als verworpen uitgave wordt beschouwd voor de vennootschap. Deze verworpen uitgave moet sowieso in de belastbare basis worden vermeld en mag in geen geval het bedrag van de overgedragen verliezen verhogen.

Wat zijn de regels van aftrek van beroepskosten voor woon-werkverkeer?

Ook de aftrek van beroepskosten verbonden aan het woon-werkverkeer (0,15 euro/km) met een bedrijfswagen is beperkt. Een belastingplichtige die met een bedrijfswagen naar het werk rijdt, kan enkel zijn kosten voor deze kilometers inbrengen aan 0,15 euro per kilometer. Het bedrag van de aftrekbare beroepskosten voor het woon-werkverkeer met een bedrijfswagen mag ook niet meer bedragen dan het voordeel van alle aard dat voor die bedrijfswagen wordt belast.

Wanneer andere dan de belastingplichtige de bedrijfswagen gebruiken voor hun woon-werkverkeer, kunnen er voor die kilometers geen beroepskosten meer worden ingebracht.

Wat is het meest interessant voor jou als zelfstandige: een gratis of betaalde bedrijfswagen met belastbaar voordeel alle aard of toch een privé-aankoop?

De bovenstaande regels gelden enkel in geval een bedrijfswagen gratis ter beschikking wordt gesteld. Als je vennootschap bijvoorbeeld een vergoeding aanrekent voor het privégebruik van de wagen, dan wordt het bedrag van deze vergoeding in mindering gebracht van het voordeel van alle aard.

Je zou ook aan de regeling kunnen ontsnappen door de wagen of een wagen privé aan te kopen en een kilometervergoeding aan te rekenen aan de vennootschap voor verplaatsingen eigen aan de werkgever.

Het antwoord op de vraag of de privé-aankoop van een wagen voordeliger uitdraait dan het gratis of betalend gebruik van een bedrijfswagen, hangt van een aantal factoren af. Bijvoorbeeld de verhouding tussen het aantal privé-kilometers en het totaal aantal kilometers op jaarbasis.

Het is niet ondenkbaar dat het in sommige gevallen nog altijd gunstiger is om een bedrijfswagen ter beschikking te krijgen dan zelf een wagen aan te kopen.

  • En dit omdat je de kosten voor privé-kilometers afgelegd met een eigen wagen niet in aftrek kunt nemen in je personenbelasting.

  • Bovendien moet je zelf opdraaien voor de BIV, de wegenbelasting, de verzekeringspremie, het onderhoud en dies meer als je de wagen zelf aankoopt. Als je bijvoorbeeld beslist om de wagen uit de vennootschap te halen en hem privé aan te kopen, moet je er zeker rekening mee houden dat je de wagen dan opnieuw moet inschrijven. Afhankelijk van het vermogen of de fiscale PK’s van de wagen kan dit – zeker bij nog jonge wagens – een dure aangelegenheid zijn.

  • En heb je een ongeval met je privé-wagen waarbij je aansprakelijk bent, dan zal ook je verzekeringspremie stijgen. Als je een ongeval hebt met je bedrijfswagen, dan is in het slechtste geval de duurdere verzekeringspremie ten laste van de vennootschap, terwijl  het voordeel van alle aard wel gelijk blijft.

Kortom, maak een zo grondig mogelijke berekening alvorens je zou beslissen om een bedrijfswagen privé over te nemen of om voortaan zelf een wagen aan te kopen. Soms is het sop de kool nog wel waard, ondanks het feit dat de kolen voortaan wat minder groot zullen groeien.

Dit is ook interessant voor jou: hoe kan je beroepskosten aftrekken van je belastingen?

Niemand betaalt graag te veel belastingen, dat is evident. Als ondernemer wil je dus graag weten welke beroepskosten je fiscaal in rekening kan brengen.

Waaraan moeten je kosten voldoen om fiscaal aftrekbaar te zijn?

Download de snelwijzer

Meer over: Bedrijfswagen, Belastingen, Bedrijfsvoertuigen

Op zoek naar meer ondernemersinfo?

Voor andere nuttige ondernemersinfo
raadpleeg hier het UNIZO Kennisnet:
geef je zoekterm in of zoek per thema
of trefwoord in onze databank.

Of contacteer UNIZO Ondernemerslijn voor
een persoonlijk eerstelijns advies of een
nuttig contact.

Ons adviesteam staat voor je klaar!