Beleidsaanbevelingen: Boodschappenlijst voor het beleid

We hebben dit jaar nieuw verkozen beleidsmakers op alle niveaus. Die gaan nu een beleid uitdokteren voor de komende jaren. UNIZO vraagt dat ze daarbij altijd een ‘Winkelhier’-reflex in gedachten houden.

Dit, opdat hun maatregelen een gelijk speelveld garanderen voor Belgische en buitenlandse aanbieders, en voor grote en kleine ondernemers, en hun voorstellen en beslissingen ervoor zorgen dat lokale ondernemers kunnen concurreren met grote buitenlandse spelers. Dat is nodig om bestaande negatieve ontwikkelingen om te buigen en een positieve beweging te versterken. Dat komt het ondernemerschap, de werkgelegenheid en de leefbaarheid van steden en gemeenten ten goede.

Hieronder somt UNIZO standpunten en voorstellen op die zorgen voor een gezond winkelklimaat, waarin ondernemers van hier optimaal kunnen ondernemen, en waarin consumenten van hier verzekerd zijn van een gevarieerd aanbod aan producten, aan een juiste prijs. Deze lijst kan dienen, net zoals een boodschappenlijst, als een reminder van wat lokale ondernemers nodig hebben.

Lokaal Regionaal Federaal Europees

 

Lokale aanbevelingen

Steden en gemeenten kunnen veel doen voor de aantrekkingskracht van hun handelskern en dus voor het succes van de winkels die er deel van uitmaken. Ze zijn immers verantwoordelijk voor ruimtelijke planning, vergunningen, grootschalige vestigingen, milieu en mobiliteit, ze kunnen het aanbod sturen en ondersteunende acties opzetten. Daarom geeft UNIZO de volgende aanbevelingen:
  • Zorg voor een langetermijnvisie met een onderbouwd detailhandelsplan, inclusief een afbakening van winkelarme gebieden en een aanpak tegen leegstand.
  • Werk aan bedrijvige kernen, waar handel, wonen, werken, publieke diensten en recreatie samenkomen en elkaar versterken. Geef leegstaande panden zo de nodige herbestemming.
  • Stop met het vergunnen van nieuwe panden en grootschalige projecten in de periferie. Renoveren, vergroten, verkleinen, omvormen van bestaande panden zijn prioritair.
  • Hou de winkels in de stad bereikbaar, ook met de auto. Wie online winkelt, moet niet in de file staan, geen parkeerplaats zoeken en geen parkeerticket betalen. Een bestuur dat zijn stad of gemeente op de kaart wil zetten als commercieel centrum, moet de drempels zo laag mogelijk houden.
  • Investeer in de lokale economie door als bestuur zelf maximaal te winkelhieren:
    • Vergemakkelijk de toegang voor kleine lokale spelers tot overheidsopdrachten via het systeem van de aanvaarde factuur of via loten.
    • Neem naast de laagste prijs ook andere criteria mee in de beoordeling, zoals duurzaamheid, kwaliteit, sociale cohesie, technische bijstand, vakmanschap, klantenservice en levertijd.
    • Stimuleer lokale ondernemers om zich kandidaat te stellen voor opdrachten.
    • Bevestig de trots over het lokale ondernemerschap door bij events te werken met streekgebonden producten en hierover actief te communiceren.
  • Stimuleer lokaal winkelen via acties, stadsbonnen, kortingen op het openbaar vervoer, parkeertijden, leenfietsen,...

 

Regionale aanbevelingen

  • Het Integraal Handelsvestigingsbeleid (IHB) laat toe winkelkerngebieden en winkelarme gebieden af te bakenen. UNIZO pleit ervoor om ‘winkelkerngebied’ te verruimen tot ‘kerngebied’, zodat alle vormen van bedrijvigheid in de binnensteden onder bepaalde voorwaarden mogelijk worden.
  • UNIZO pleit voor een vergunningsbeleid dat regionaal is afgestemd onder gemeenten. Het ideaal is een winkelplan per regio dat de planning van winkelgebieden in hun geheel bekijkt en een aantal uniforme uitgangspunten waarborgt, zodat gemeenten apart geen initiatieven kunnen nemen die de bovenlokale effecten veronachtzamen. In zo’n regionaal winkelplan kan voor bepaalde zones met een overaanbod eventueel een ‘moratorium’ bepaald worden.
  • De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en het Brussels Wetboek voor Ruimtelijke Ordening moeten aangepast worden, zodat stedenbouwkundige voorschriften een mix van functies mogelijk maken in de kernen. En er moet een kader komen voor regelluwe zones in de kernen; daar kunnen gemeenten bij wijze van experiment remmende voorschriften schrappen zodat ondernemers samen projecten kunnen opzetten die de levendigheid van de kernen ten goede komen.

 

Federale aanbevelingen

Verschillende factoren maken prijzen in België hoger dan in andere EU-landen. Deze moeten worden aangepakt met de Winkelhier-reflex.
 

Belastingen

  • Ondernemerstarief voor de personenbelasting. De belastingdruk in België gaat naar beneden, maar in vergelijking met onze buurlanden blijft hij torenhoog. Daardoor moeten ondernemers van hier met een hogere marge werken om evenveel over te houden op het einde van de maand. Voor de eenmanszaken pleit UNIZO voor een belastingverlaging met een ondernemersaftrek van 20% op de eerste 100.000 euro ondernemerswinst.
  • Een lagere btw-aanslagvoet voor e-commerce. Want de btw-aanslagvoet voor e-commerce is hoger in België dan in onze buurlanden, wat een belangrijke concurrentiële handicap is.
  • Een digitale taks op e-commerce voor buitenlandse ondernemingen. Buitenlandse giganten die de Belgische markt overspoelen met goedkope producten zonder hier belasting te betalen, verstoren de lokale economie. De winst die buitenlandse bedrijven maken in België, moet ook hier belast worden. De opbrengt kan gebruikt worden om de belastingdruk voor Belgische ondernemers te laten dalen.
  • Taksen en accijnzen gelijkstellen met die van buurlanden. In Belgische winkels zijn op voeding verschillende heffingen van toepassing:  verpakkingsheffing, suikertaks, Groene Punt-bijdragen, hoge(re) accijnzen en btw. Als we de som hiervan vergelijken met onze buurlanden, dan blijkt dat de producten in de Belgische handel veel zwaarder belast worden dan diezelfde producten in de buurlanden. Dit leidt tot meer grensaankopen, met een negatief effect op de verkoop van handelaars in grensstreken.

Sociaal

De hoge loonkosten en het gebrek aan flexibiliteit in de Belgische arbeidswetgeving blijven een handicap voor Belgische kmo’s die mee concurreren in een internationale context.

  • Loonkostenhandicap wegwerken. Een uur arbeid is in ons land nog altijd ruim 11% duurder dan in de buurlanden. UNIZO pleit voor een loonlastenverlaging voor de lage lonen door de huidige lageloongrens op te trekken en het percentage vermindering van de werkgeversbijdragen te verhogen.
  • Flexibiliteit invoeren in de arbeidswetgeving. UNIZO pleit voor meer ruimte voor individuele afspraken tussen werkgever en werknemer, wat zowel in het voordeel van de werknemer als van het bedrijf speelt. Er moeten meer vrijwillige overuren mogelijk worden en de kost van deze overuren moet lager. Een aantal arbeidsregels die de flexibiliteit hinderen, zijn niet meer van deze tijd en moeten worden afgeschaft of bijgestuurd, zoals bijvoorbeeld de registratieverplichtingen voor deeltijdse werknemers en het verbod op nachtarbeid (dat in België al vanaf 20u ’s avonds ingaat).

Klimaat en mobiliteit

  • Slimme kilometerheffing. Buitenlandse e-commerce brengt kosten mee voor het klimaat en de mobiliteit; die moeten doorgerekend worden door het invoeren van een slimme kilometerheffing op de logistiek van goederen verstuurd vanuit het buitenland over de Belgische wegen.
  • Milieuverplichtingen ook voor buitenlandse spelers. Bij de aankoop van elektro in een Belgische winkel of webshop, moeten verschillende milieubijdragen betaald worden (Recupel, Bebat, Groene Punt). Bovendien moet het afgedankte elektro-apparaat worden teruggenomen, gestockeerd en afgevoerd conform de wettelijke terugnameplicht. Bij elektro-aankopen via buitenlandse webshops worden deze bijdragen niet steeds geïnd en worden apparaten ook niet altijd effectief teruggenomen.  Dat zorgt voor concurrentiële nadelen voor ondernemers van hier.

Ondersteuning ondernemerschap van hier en wegwerken van oneerlijke concurrentie

  • Beter toezicht op het verbod op verkoop met verlies. In de praktijk wordt er nauwelijks of niet opgetreden tegen verkoop met verlies. Deze destructieve marktstrategie gaat principieel in tegen het doel van elke commerciële onderneming. Verkoop met verlies wordt dan ook enkel toegepast door machtige marktspelers die daarmee de lokale concurrentie uit de markt proberen prijzen, om daarna de prijzen terug op te drijven. Hiertegen moet worden opgetreden.
  • Gelijke controles op binnenlandse en buitenlandse webshops. De Economische Inspectie hanteert bij de controle van Belgische webshops een interpretatie van de wet, die in vele gevallen verder gaat dan die in de buurlanden. De vele internationale webshops die in België actief zijn, worden niet onderworpen aan deze strengere interpretatie van de (Europese) wetgeving en zo worden Belgische ondernemingen (juridisch en financieel) opnieuw benadeeld op het vlak van e-commerce.
  • Ondersteun elektronisch en contactloos betalen, en zorg voor een snellere doorstorting. Om te kunnen evolueren naar een ‘less cash’–maatschappij is het bovendien noodzakelijk dat instant payments de norm worden en kosteloos worden aangeboden.
  • Administratieve vereenvoudiging, specifiek voor kmo’s. Studies geven aan dat de kosten voor kmo’s tot 10 maal hoger kunnen zijn in vergelijking met grote ondernemingen om in orde te zijn met een bepaalde wetgeving. Het belang van administratieve vereenvoudiging is voor kmo’s dus heel cruciaal om de competitiviteit tegenover de grotere ondernemingen te garanderen.
  • Doorgedreven ondersteuning van kmo’s in het digitaliseringsproces. Er blijft nood aan gerichte ondersteuning voor kmo-retailers, en aangepaste opleidingen voor het personeel.
  • Tarieven voor bedeling van pakketjes in België verlagen om concurrentieel te worden met de internationale markt.

 

Europese aanbevelingen

  • Algemeen moeten verschillen op het vlak van wetgeving en belastingen aangepakt worden, want alle studies bevestigen dat kmo’s het hardst getroffen worden door deze versnippering.
  • Een verdere harmonisering van de interne markt moet leiden tot het onderling afstemmen van regels tussen lidstaten én tussen fysieke en online winkels over onderwerpen als consumentenbescherming, btw, verpakkings- en etiketteringseisen, milieuregelgeving (inzamelingseisen), betalingsverkeer, gegevensbescherming en arbeidsflexibiliteit.
  • Daarnaast is er nood aan een striktere coördinatie van de implementatie en handhaving van Europese wetgeving om verschillende interpretaties in de lidstaten te vermijden. Deze leiden immers tot prijsverschillen en oneerlijke concurrentie.
  • Aanpak territoriale leveringsbeperkingen opgelegd door fabrikanten. Er moet een verbod komen op dit soort beperkingen, die leiden tot een versnippering van de markt, beperking van het productaanbod en hogere prijzen voor de consument in België. Ze moeten verboden worden zodat handelaars in kleine lidstaten zoals België, zich kunnen bevoorraden in andere competitievere markten met lagere prijzen.
  • Toepassing van EU-consumentenregels op verzendingen vanuit niet-EU landen. Om een gelijk speelveld te creëren en de veiligheid van de Europese consument te garanderen, moeten de Europese regels over garantie, herroepingsrecht, etiketterings- en verpakkingseisen, milieuregelgeving, productveiligheid en GDPR ook van toepassing zijn op goederen uit China of Amerika.
  • Een verbod op gratis retourzendingen. Buitenlandse internetgiganten veroorzaken massa’s gratis retourverzendingen, waarvan de milieu- en mobiliteitskosten zeer groot zijn. UNIZO pleit daarom voor een Europees verbod op gratis retourzendingen, met een zichtbare bijdrage voor retours bij e-commerce. Dit zal ervoor zorgen dat de CO2-impact van retourzendingen zal dalen en er een gelijker speelveld komt voor de ondernemers van hier.