Ordonnantie Brussels 'minder-hinder'-beleid biedt te weinig garanties voor tijdige communicatie naar ondernemers

  • Tijdige communicatie over de werf blijft zwakke punt
  • UNIZO vraagt toegang tot digitale coördinatietool ‘Osiris’ voor de ondernemers
  • Een forfaitaire vergoeding zonder verplichting tot sluiting is goede zaak

Vandaag stellen Minister Gosuin en Minister Smet samen de Ordonnantie voor, die het beheer van de werven in Brussel moet verbeteren. Volgende week wordt deze in het Brussels Parlement besproken. Het feit dat de Minister van Economie en de Minister van Mobiliteit dit samen voorstellen is positief. Een ‘minder hinder'-beleid maakt immers een belangrijk deel uit van een gunstig ondernemersklimaat in de hoofdstad.

Beide Ministers zetten in de eerste plaats in op een zogenaamde ‘hypercoördinatie” van alle Brusselse werven. Daarbij worden de werken van de verschillende actoren op korte en lange termijn ingepland. Dus zowel de overheden (MIVB, Gewest, …), als alle nutsleveranciers (Vivaqua, Sibelga, …) worden verplicht om hun planning op elkaar af te stemmen. Zo wordt gefocust op het beperken van de hinder, nog altijd de beste maatregel voor de ondernemingen.

Het grootste knelpunt van deze Ordonnantie is dat ze te weinig garanties biedt voor een goede en tijdige communicatie naar de ondernemers over de uitvoering van de werken zelf. Enkel de aannemer is verplicht om 10 dagen op voorhand de ondernemers in de werfzone te verwittigen.  Niet alleen de aannemers, maar ook de Coördinatiecommissie zelf, zou, volgens UNIZO, een uitgebreide communicatie-opdracht moeten opnemen. In de Ordonnantie is sprake van de verdere ontwikkeling van de digitale tool ‘Osiris’ om de hypercoördinatie mogelijk te maken. UNIZO vraagt dat er budget wordt voorzien om ook de ondernemers toegang te geven tot Osiris of vanuit deze toepassing de ondernemers te verwittigen op het moment dat de werken worden ingepland. Dat is in de meeste gevallen vele maanden op voorhand. 

Voor de compensatie voorziet de Ordonnantie, net zoals in Vlaanderen, een forfaitaire vergoeding, zonder verplichting tot sluiting. Alleen is er geen sprake meer van de aangekondigde oprichting van een Permanent Vergoedingsfonds, dat gespijsd zou worden door de verschillende bouwheren. UNIZO vraagt dan ook budgettaire garanties voor de betaling van deze forfaitaire compensatie.

UNIZO sprak zich reeds eerder uit over de visienota van de Brusselse Regering, die deze Ordonnantie voorafging. Dit standpunt vindt u via de link onderaan dit persbericht.

Meer weten? Contacteer Anton Van Assche
T 02/212.25.24 - M 0478/44.41.19 - E-mail: anton.vanassche@unizo.be

Het UNIZO standpunt vindt u hier

Meer over: Brussel, Hinder openbare werken