UNIZO positief over aankondiging tweeledig Brussels 'minder-hinder' - beleid

-“Minder hinder” - beleid focust niet alleen op compensatie, maar ook op preventie door fasering, informatie en overleg voor en tijdens de werken
- “Minder hinder” - beleid opnemen in lastenboek bij openbare werken
- Belang van steunmaatregelen voor ondernemers die investeren in de toekomst nà de werken
- UNIZO vraagt overleg én realisatie in 2017 van de concrete steunmaatregelen

Vandaag stellen Minister Gosuin en Minister Smet samen enkele principes voor om de hinder bij openbare werken in Brussel te beperken. De Zesde Staatshervorming geeft de mogelijkheid tot een nieuwe invulling aan de zogenaamde Wet Dedecker. Deze maatregel, die getroffen handelaars vergoedt wanneer de winkel werd gesloten, voldeed niet. In het Brussels voorstel focussen de beide Ministers niet alleen op compensatie, maar ook op preventie. UNIZO ondersteunt deze principes, die deel uitmaken van een volwaardig ‘minder hinder’ - beleid. Een volwaardig ‘minder hinder’ - beleid moet immers niet alleen compenseren, maar volop inzetten op de continuïteit en op de toegankelijkheid van de wijk, tijdens de werken. UNIZO vindt dat de ondernemers ondersteuning en stimulansen moeten krijgen om van de overbruggingsperiode gebruik te maken om te investeren in de periode nà de werken, en niet alleen moeten gecompenseerd worden voor de geleden schade.

UNIZO kaartte reeds eerder de nood aan een ‘minder hinder' - beleid aan bij de Brusselse Regering. Een dergelijk beleid maakt immers een belangrijk deel uit van een gunstig ondernemersklimaat in de hoofdstad. Een suggestienota hieromtrent werd begin 2016 aan de Ministers bezorgd.

De regionalisering van de Wet Dedecker geeft de Gewestregeringen de kans om de maatregel te herwerken. Vlaanderen koos hierbij recent voor een forfaitaire compensatie, zonder verplichting tot sluiting van de handelszaken.
Brussel zet in op twee groepen van maatregelen. De eerste moet ervoor zorgen dat er in elke fase van de werf rekening gehouden wordt met de commerciële functie van de wijk. Er moeten aldus oplossingen gevonden voor problemen rond de toegankelijkheid voor klanten en leveranciers, de inrichting van de bouwplaats, de bewegwijzering, de informatie aan gebruikers en handelaars enzovoort. UNIZO vestigt er de aandacht op dat deze maatregelen reeds in het lastenboek moeten worden voorzien. UNIZO stelt voor dat er voor elke werf een ‘bereikbaarheidsadviseur’ wordt aangesteld, die als bemiddelaar tussen de ondernemers, de opdrachtgever en de uitvoerder kan optreden.

De tweede groep maatregelen moet ervoor zorgen dat de handelszaken financieel ondersteund worden en dat de investeringen in de handelszaken bevorderd worden, tijdens de periode van de werkzaamheden. Zo krijgen de ondernemingen de kans om meer te investeren in de toekomst van hun zaak, en zich niet enkel te focussen op de compensatie van de mogelijke verminderde activiteit. De Brusselse Regering kondigt de oprichting van een Permanent Vergoedingsfonds aan. Een aantal steunmaatregelen zullen geïntegreerd worden in de herziening van de andere subsidiemaatregelen binnen de Ordonnantie voor de Economische Expansie. UNIZO vraagt dat de Minister over de concrete uitwerking van deze herziening zo snel mogelijk advies inwint bij de middenstandsorganisatie. UNIZO wil ook rechtstreeks inspraak in het beheer van het Permanent Vergoedingsfonds. UNIZO vraagt dat de gemeenten worden aangesproken om zich te engageren en de ondernemingen vrij te stellen van bepaalde gemeentebelastingen (bijvoorbeeld de uithangbordentaks of de terrasbelasting) gedurende de werken.

Tot slot merkt UNIZO op dat niet enkel handelszaken een mogelijk negatieve invloed kunnen ondervinden, maar ook andere ondernemingen die in dezelfde zone liggen. Ook deze ondernemingen moeten toegang krijgen tot dezelfde steunmaatregelen.

Meer weten? Contacteer Anton Van Assche
M 0478 444 119 - E-mail: anton.vanassche@unizo.be

 

Meer over: Hinder openbare werken