Wat zijn de UNIZO-prioriteiten voor de verkiezingen 2019 in het Brussels Gewest ?

Op 26 mei kiezen we een nieuw Vlaams, Brussels, federaal en Europees parlement. Specifiek voor het Brussels Gewest bevat het UNIZO-Memorandum onderstaande aandachtspunten:

Fiscaal

  • Een fiscaal pact tussen het Brussels Gewest en de gemeenten om de wildgroei aan lokale belastingen in te dijken en een harmonisering te realiseren.

Mobiliteit

  • UNIZO kan zich vinden in een algemene slimme kilometerheffing, op voorwaarde dat er ook geïnvesteerd wordt in alternatieven voor wie zich nu met de wagen verplaatst, zoals een beter openbaar vervoer. Een algemene slimme kilometerheffing vervangt bovendien het bestaande systeem van BIV en de vaste verkeersbelasting. Uiteraard kan de slimme kilometerheffing niet gepaard gaan met de invoering van een stadstol.
  • Versnelde realisatie (van de vaak reeds uitgetekende plannen) van fietssnelwegen en -infrastructuur in het Gewest
  • Concretiseren van de elektronische nabetaling (rekening aan het eind van de maand volgens verbruik) en de digitalisering van de vervoersbewijzen om te komen tot een uniek ticket voor de verschillende openbare vervoersoperatoren. Deze werkwijze is ook een opstap naar de dynamische tarifering die eruit bestaat om de tarieven aan te passen in functie van de vraag (minder hoog tarief tijdens de daluren of bij werken op de lijn, …).
  • Sneller werk maken van een groter aanbod van publieke laadpalen en in het bijzonder snellaadpalen. Onder meer voor taxibedrijven en elektrische bussen zijn dergelijke snellaadpalen noodzakelijk om te kunnen functioneren met elektrische voertuigen. Private investeringen in elektrische oplaadpunten moeten gestimuleerd worden via verhoogde investeringsaftrek voor energiebesparende investeringen.
  • UNIZO vraagt dat het stedelijk parkeerbeleid bewoners en gebruikers van de stad op gelijke voet behandelt. In het bijzonder de bewoners moeten meer aangespoord worden om, indien ze een wagen bezitten, daarvoor ook een parkeerplaats te kopen of te huren. Uiteraard moet de overheid dit mogelijk maken in de stedenbouwkundige voorzieningen.
  • Breng de maximumsnelheid op de Brusselse Ring tot 90 km/u.

 

Ruimtelijke Ordening

  • Het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling (GPDO) bevat teveel tegenstrijdigheden en dit uit zich vooral op het vlak van de ontwikkeling van de handel en de industrie. Wat de handel betreft bepleit het GPDO enerzijds de uitbreiding van het handelsaanbod in de periferie, en anderzijds de versterking van de buurtwinkels en het Centrum. Op vlak van industrie wil men de activiteit enerzijds vrijwaren en voldoende ontwikkelingsruimte geven, anderzijds maakt men het mogelijk om in industriezones ook meer bewoning mogelijk te maken. De gemengdheid van industrie en bewoning dreigt op zijn grenzen te stoten, ten koste van de industrie. Het GPDO bevat te weinig garanties voor een economische ontwikkeling van handel en industrie in en ten dienste van de stad.
  • De Brusselse regering concentreert de inspanningen rond een tiental zones van gewestelijk belang (bijvoorbeeld de Kanaalzone, Reyers, de NAVO-site, …). Aan deze lijst zou de omgeving van het Justitiepaleis toegevoegd kunnen worden om de uitbouw van de Poelaertscampus als symbool van een moderne justitie in de Hoofdstand van Europa mogelijk te maken.
  • Het Schema voor handelsontwikkeling moet gekoppeld worden  aan het Gewestelijk Bestemmingsplan. Er bestaat al een hiërarchie van de Brusselse handels- wijken, op basis van de lokale, regionale, nationale of internationale uitstraling en aantrekkingskracht van cliënteel. Dit is een zeer bruikbare basis voor de stedenbouwkundige verankering van deze zones. De Vlaamse werkwijze van het Integraal Handelsvestigingsbeleid, zoals hierboven geschetst, kan een voorbeeld zijn.
  • Er is nood aan een ambitieuze politiek ter ondersteuning van de buurtwinkels. Op die manier kunnen het dynamische en moderne buurtwinkels worden, die zelf inspelen op de sociologische evoluties en veranderende consumentenbehoeftes. Het kenniscentrum binnen Hub. brussels dat alle actoren verenigt rond een informatie-, opleidings- en begeleidingsaanbod met betrekking tot de ontwikkeling van het handelsaanbod, werkt een specifiek en innovatief ondersteuningsbeleid uit voor de zogenaamde buurtwinkels.
  • Het commerciële luik van het NEO-project moet worden stopgezet, wegens gebrek aan meerwaarde voor het bestaande handelsapparaat in de omgeving én het hele gewest en een nefaste impact op de mobiliteit en de luchtkwaliteit.

 

Arbeidsmarkt

  • In afwachting van het realiseren van de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd, moet het systeem efficiënter worden gemaakt. Het onderscheid tussen actieve, passieve en aangepaste beschikbaarheid leidt bij de gewestelijke tewerkstellingsdiensten tot veel complexiteit en hindert de efficiënte ondersteuning, begeleiding en controle van de betrokken werkzoekenden. Het is tijd om het normatief kader met betrekking tot de beschikbaarheid van werklozen opnieuw te herzien en verder te vereenvoudigen.
  • De interregionale samenwerkingsovereenkomsten tussen de regionale publieke bemiddelingsdiensten moet verder geïntensifieerd worden door oa. uitdagende KPI’s voorop te stellen.
  • In lijn met de Brusselse Small Business Act, zal ook Actiris zijn diensten screenen in functie van het “think small first”-principe.

 

Een efficiënte overheid

  • Een verderzetting van de administratieve vereenvoudiging met de invoering van het principe “one euro in, three euro out”.  Alle maatregelen die leiden tot een toename van de kosten voor een onderneming, moeten gepaard gaan met maatregelen die drie keer zoveel kostenreducties opleveren.  Met andere woorden, elk euro extra lasten moet gecompenseerd worden door minstens drie euro aan vermindering van lasten.
  • Een masterplan voor digitale topinfrastructuur
  • Een doorgedreven open data beleid

 

Oneerlijke concurrentie 

  • Een zelfde tegemoetkoming voor de reguliere economie als de sociale economie bij aanwerving van kansengroepen. Reguliere ondernemingen moeten bij het aanwerven van werknemersgroepen met een afstand tot de arbeidsmarkt dezelfde tegemoetkoming krijgen als bedrijven uit de sociale economie.
  • Verplichte gedragsregels voor overheden die deelnemen aan de private markt

 

Leefmilieu

 

  • Het Brussels Gewest moet het gebrek aan stockage- infrastructuur voor afvalstoffen aanpakken. De milieu- vergunningsplicht voor (tijdelijke) stockage van afvalstoffen moet er aangepast worden en vlotter verlopen.
  • UNIZO ziet geen heil in statiegeldsystemen voor blikjes en plastic drankverpakkingen, maar wil volop inzetten op meer en betere recyclage van verpakkingen.

Klik hier voor het volledige Memorandum ‘Nieuwe bakens’

 

Meer over: Brussel
Thema: Actueel