O-meting en energieregistratie

0-meting

De EU legde in het Europese Energie- en Klimaatpakket 3 ambitieuze 20-20-20 doelstellingen voor 2020 vast:

  • Een vermindering van het energiegebruik met 20% door efficiënter gebruik ten opzichte van het verwachte niveau in 2020 bij ongewijzigd beleid (indicatieve doelstelling);
  • Een stijging van het aandeel van hernieuwbare energiebronnen in het bruto eindgebruik tot 20%. Voor België stelt Europa deze doelstelling vast op 13%. Voor transport geldt een specifieke doelstelling van minstens 10% hernieuwbare energie op het totale energiegebruik voor vervoer.
  • Een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen met minstens 20% ten opzichte van 1990.

  1. Het is dus noodzakelijk een referentiewaarde voorop te stellen die als basis dient om de vergelijking jaarlijks en in ieder geval eind 2020 te kunnen doorvoeren.

  2. Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen gebruikers van hoogspanning (HS) en laagspanning (LS).

  3. HS: bij deze verbruikers neemt de distributienetbeheerder maandelijks de verbruiken op. Het volledige huidige jaar wordt principieel als referentiejaar vooropgesteld om seizoensgebonden activiteiten volledig mee in rekening te nemen.

  4. LS: bij deze verbuikers kan het opnamejaar verschillen van maand tot maand. Het opnamejaar dat zich situeert tussen januari en december van het vorige jaar enerzijds en januari en december van het huidige  anderzijds wordt als referentiejaar vooropgesteld.

  5. De inventarisatie van de geïnstalleerde vermogens in het bedrijf dient ook bij het begin van de referentieperiode te gebeuren. Wijzigingen in geïnstalleerde vermogens moeten zorgvuldig worden geregistreerd omdat zij uiteraard een (belangrijke) invloed hebben op de verbruiksgegevens.

  6. Voor de verbruiken van aardgas en aardolie worden dezelfde referentieperiodes gehandteerd al naargelang de specifieke situatie.

  7. Alle energiebesparende maatregelen genomen na de nulmeting moeten worden geïnventariseerd.

  8. Alle wijzigingen die invloed zouden kunnen hebben op het energieverbruik, moeten worden geïnventariseerd.

Organisatie meteropneming

  1. De organisatie van de meteropneming door de distributienetbeheerder kan op drie verschillende wijzen gebeuren. DIt is afhankelijk van het verbruik.
  2. Jaarlijkse meteropneming - manueel (MMR:Manuel Meter Reading): de distributienetbeheerder vraagt de meterstand eenmaal per jaar op. De meteropneming verloopt op dezelfde wijze als bij particulieren.
  3. Maandelijkse meteropneming - manueel (MMR): de meteropnemer van de distributienetbeheerder komt maandelijks ter plaatste om de meterstanden op te nemen. Bij afwezigheid gebeurt een schatting.Telelezing - automatische meteropneming (AMR): bij telelezing gebeurt de dagelijkse uitlezing van de meterstanden van op afstand door de distributienetbeheerder. De speciaal aangepaste meter houdt het verbruik bij per kwartiereenheid. Een tussenkomst van een meteropnemer is in dit geval niet nodig.

Wie is uw distributienetbeheerder?

In Brussel is Sibelga de distributienetbeheerder.

Woont u in Wallonië, dan kan u hem vinden door uw postcode in te geven in het venster rechts onderaan de pagina http://www.cwape.be.

Woont u in Vlaanderen, kan u hem vinden door uw postcode in te geven in het venster in het midden van de pagina http://www.vreg.be/uw-netbeheerder.

TIP

Op uw jaarlijkse energiefactuur kunt u de verbruiken van de voorbije 3 jaar terugvinden. Iedere netgebruiker kan deze verbruiken eveneens één maal per jaar zonder kosten opvragen bij zijn distributienetbeheerder.

Meten is weten

  1. Een energieboekhouding volgt het energieverbruik kritisch op met als doel dat u inzicht verwerft in het energieverbruik en dit kunt optimaliseren. De basis is een analyse van de verbruiken gedurende een representatieve en voldoende lange periode. Een analyse is mogelijk met een systeem dat het verbruik met een vaste regelmaat registreert (wekelijks, maandelijks, ...).
  2. De periodiciteit is afhankelijk van de activiteiten en de verbruiken. Voor kleine verbruikers met een vrij stabiel verbruikspatroon, volstaat een maandelijkse registratie. Voor grotere verbruikers kan een wekelijkse of zelfs dagelijkse registratie aangewezen zijn.
  3. Deze registratie is handmatig - door het noteren van de meterstanden van de enrgiemeters in een tabel - of automatisch via energiemeters die gekoppeld zijn aan een verwerkingspakket op pc (intern of bij de energieleverancier). Gespecialiseerde firma's organiseren een tijdelijke of permanente registratie (bijvoorbeeld ook via een telemetrieoplossing), bewerken deze data in een gebruiksvriendelijke tool (dashboard) en ondersteunen bij de interpretatie en evaluatie van de analysegegevens.
  4. De systematische opvolging van de energieverbuiken maakt energieverbuikspatronen zichtbaar die zeer nuttig zjn:
    • U volgt de doeltreffendheid op van energiebesparende maatregelen: de gerealiseerde energiebesparing kan systematisch in kaart worden gebracht en instructies mbt organisatorische maatregelen (bijv. doven van lichten, uitscakelen pc's, ...) kunnen worden opgevolgd.
    • U krijgt een beter zicht op het energieverbuik: eventuele fouten in de facturatie kunnen hierdoor opgespoord worden en het verbruiksprofiel is belangrijk bij tariefonderhandelingen met de elektriciteitsleverancier.
    • U kunt de gegevens gebruiken om de medewerkers te motiveren voor energiebesparingen (zie afzonderlijke fiche): het zichtbaar maken van gerealiseerde besparingen overtuigt op een krachtige wijze de medewerkers over het nut van de geleverde inspanningen en motiveert hen.
    • U kunt verbetermogelijkeden in kaart brengen door het kritisch analyseren van de verbruiksgegevens: bijvoorbeeld het vermijden van hoge piekvermogens, noodzakelijkheid van toestellen die 's nachts blijven opstaan, ...
    • U spoort afwijkende verbruiken snel op door de vergelijking van het geregistreerde verbruik met het verbruik in vergelijkbare periodes: onregelmatigheden komen zeer snel aan het licht en fouten kunnen gelokaliseerd worden.
    • U kunt de verbruiksgegevens koppelen aan productiecijfers en daardoor verbanden tussen verbruiken en productie ontdekken: dit levert een beter inzicht in bijv. de energiekosten door bepaalde niet-continue producties en kan ook de basis vormen van een benchmarking voor de sector.

Registratie van verbruiken

  1. Klik hier voor een voorbeeld van opvolgingstabellen voor een systematische registratie. Deze formulieren zijn opgemaakt in Excel.
  2. Bij het noteren van de meterstanden is het belangrijk de periodiciteit te respecteren: bijvoorbeeld telkens de eerste werkdag van de maand.
  3. Bij de maandelijkse registratie kan u een correcte vergelijking maken tussen de verschillende maanden, rekening houdend met het aantal gewerkte dagen. Zo kunt u het gemiddeld verbruik per werkdag berekenen. U kan de verbruiken ook koppelen aan productiegegevens.
  4. Verbruikers met een sterk wisselend verbruikspatroon zullen uit de vorige eenvoudige tabellen onvoldoende informatie halen. Voor deze bedrijven bestaan softwarepaketten (ook vanwege de elektriciteitsleveranciers). Er kan ook beroep gedaan worden op externe deskundigen.
  5. Ook bedrijven die een sterk wisselend piekvermogen hebben, zijn wellicht gebaat met een softwarepakket of met begeleiding van externe deskundigen.
  6. Om te beoordelen of een dergelijk pakket of externe deskundigheid interessant zijn, dient men de afweging te maken tussen de ksoten en de bijkomende informatie die men hierdoor verkrijgt. Bij de beoordeling van de kosten houdt men niet alleen rekening met de aankoop- of abonnementskosten voor het pakket, maar ook met de noodzakelijke aanpassingen aan de elektriciteits- en andere meters, de kosten voor het invoeren van gegevens, de kosten voor eventuele aanpssingen (updates), technische bijstand, .. .Wanneer u beroep doet op externe deskundigheid moet u ook in detail nagaan wat al dan niet wordt aangeboden in de afgesproken prijs, de duurtijd van de samenwerking, enz.
  7. Voor hoogspanningsverbruikers geeft het aflezen van de meterstand slechts een beperkt deel van de informatie. De waarde van cos-phi en het kwartiervermogen (piekvermogen) kunt u immers niet op de meters aflezen. Indien u van de elektriciteitsleverancier maandelijks afrekeningsfacturen ontvangt, kunt u deze gegevens gebruiken om het elektriciteitsverbruik op te volgen.

Vermogens

  1. Een volledige lijst van alle opgestelde machines met hun vermogen is, zoals al hiervoor gesteld, noodzakelijk om een volledige analyse te kunnen maken. Wellicht beschikt u al over een dergelijke lijst in het kader van de milieuvergunningsaanvraag.
  2. Ook mbt verlichting, kantoortoestellen, ... dient een inventaris opgesteld te worden.
Meer info: Energie