UNIZO: 'In de eerste plaats een loonlastenschok van 5%'

Regio gebonden maatregelen moeten mogelijk zijn

“Het is goed dat de meerderheidspartijen eindelijk beseffen dat de loonlasten naar omlaag moeten”, zegt UNIZO-topman Karel Van Eetvelt. De manier waarop die loonlasten moeten dalen, verschilt echter van partij tot partij. UNIZO benadrukt dat vooral werk moet worden gemaakt van een bijkomende drastische lineaire loonlastenverlaging van 5% “in het belang van de concurrentiekracht van de KMO’s”. Om die algemene loonlastenverlaging te realiseren, moeten echter alle regeringen bereid zijn om samen te werken. UNIZO pleit voor een lineaire loonlastenverlaging, maar “specifieke regiobonden maatregelen moeten zeker bespreekbaar en mogelijk zijn”, aldus UNIZO in een reactie op het sp.a-voorstel. De ondernemersorganisatie verwijst daarbij naar regio’s als de Kempen en Limburg waar het ondernemerschap zeker een stimulans kan gebruiken na enkel belangrijke economische tegenslagen. 

De loonkostenhandicap klokte in 2012 af op 5,1%. Per eenheid product loopt de handicap echter op tot bijna 13% en ten opzichte van Duitsland is dit zelfs 25%. Vooral arbeidsintensieve bedrijven zijn daar het slachtoffer van. Het wegwerken van die concurrentiehandicap is dan ook voor UNIZO prioritair. Daarnaast dringt UNIZO er bij de regering op aan de loonmatigingswet aan te passen zoals beloofd om “verdere ontsporingen te vermijden en het concurrentievermogen van de KMO’s te herstellen”.

Nadere info over dit persbericht:
Sanderijn Vanleenhove, UNIZO-woordvoerster, 02/212 25 44