UNIZO: Maak hoogte subsidie dienstencheque afhankelijk van loonkost voor werkgever

Sinds vorig jaar moet 60 procent van de nieuwe dienstenchequejobs gaan naar uitkeringsgerechtigde volledig werklozen en leefloners. Volgens UNIZO kan deze maatregel werkzoekenden en leefloners inderdaad aan het werk helpen en voorkomen dat werknemers uit het normale economisch circuit de gesubsidieerde dienstencheque jobs innemen. UNIZO benadrukt evenwel dat de verplichting van 60% niet haalbaar is. Ze verwijst bijvoorbeeld naar de arrondissementen Brugge, Leuven en Mechelen die gewoon niet genoeg doelgroepwerknemers tellen om die 60% in te vullen. Maar vandaag is het wel zo dat bedrijven die niet aan de maatregel voldoen zware sancties riskeren. “Een onaangepast beleid”, noemt UNIZO dit. De ondernemersorganisatie stelt voor om het aantal dienstenchequejobs voor werklozen en leefloners te laten afhangen van het aandeel doelgroepwerknemers in de betrokken regio. Daarnaast vraagt UNIZO om bedrijven die doelgroepwerknemers tewerk stellen net te belonen, eerder dan te bestraffen, “als stimulans om doelgroepswerknemers aan te werven”.

Verder wijst de ondernemersorganisatie op de (te) kleine marges van dienstenchequebedrijven door de stijgende kosten, dalende subsidies en gestegen loonkosten. “Dit brengt de tewerkstelling in die bedrijven serieus in het gedrang”, waarschuwt UNIZO. De organisatie verwijst ook naar de recente noodkreet van de aangesloten Federatie van de Belgische Textielverzorging (FBT). Deze trok aan de alarmbel omdat de vaste kosten voor strijkateliers met dienstencheques beduidend hoger liggen dan bij de klassieke poetshulp. De toekomst van die strijkateliers is in gevaar, zo benadrukte FBT.  Om de rendabiliteit van de dienstenchequebedrijven en strijkateliers te vrijwaren, pleit UNIZO om de hoogte van de subsidie (d.i. de terugbetaling van de dienstencheque) te koppelen aan de evolutie van de loonkost voor de werkgever.

UNIZO beseft dat deze maatregelen extra kosten met zich brengen. Daarom lanceert de ondernemersorganisatie het voorstel om, indien nodig, de fiscale aftrekbaarheid van de dienstencheques te verminderen of eventueel af te schaffen als compensatie. Daarnaast stelt de organisatie voor om de prijs voor de consument voor de eerste 400 cheques tijdelijk te bevriezen op 8,5 euro en voor de laatste 100 op 9,5 euro (er geldt een maximum van 500 cheques per jaar). Dit biedt ook rechtszekerheid voor de gebruiker, want die loopt geen risico meer op prijsverhogingen.