UNIZO over het Vlaams taaldecreet: "Maak ook meertalige attesten voor export mogelijk"

  • Minister Muyters wil Vlaams taaldecreet aanpassen n.a.v. arrest Europees Hof omdat het in strijd is met vrij verkeer van werknemers
  • UNIZO vraagt om bij de aanpassing meteen ook meertalige attesten voor export mogelijk te maken

"Voor bedrijven die naar het buitenland exporteren staat het huidige Vlaams taaldecreet vooral synoniem voor administratieve rompslomp én extra kosten", zegt UNIZO. Vandaag mogen Vlaamse overheidsinstanties, op enkele uitzonderingen na, documenten enkel in het Nederlands uitgeven. Dit betekent in de praktijk dat bedrijven de documenten van gemeentes of rechtbank die ze nodig hebben voor export telkens door een beëdigd vertaler moeten laten vertalen. Dat kost geld én tijd. Daarnaast ondervinden exporterende bedrijven ook problemen wanneer buitenlandse bedrijven hun factuur niet betalen. Vlaamse rechtbanken verklaren de facturen nietig omdat ze niet in het Nederlands zijn opgesteld. "Kafkiaans", noemt UNIZO dit. Naar aanleiding van een arrest door het Europees Hof bekijkt minister Muyters op welke manier het Vlaams taaldecreet kan worden aangepast. UNIZO vraagt de Vlaamse overheid om in één beweging het decreet zo aan te passen dat ook de uitgifte van meertalige attesten voor export mogelijk wordt.

Volgens het Europees Hof van Justitie is het Vlaams taaldecreet in strijd met het vrij verkeer van werknemers.  Het decreet bepaalt immers dat alle arbeidsovereenkomsten van bedrijven met een exploitatiezetel in Vlaanderen in het Nederlands moeten opgesteld zijn. Minister Muyters overweegt om het decreet aan te passen. Volgens UNIZO zorgt het decreet in zijn huidige vorm niet alleen voor problemen voor werknemers, maar ook voor exporterende bedrijven. Ze verwijst naar de verplichte vertaling van documenten en de nietigheid van facturen. Ze verwijst naar de verplichte Nederlandstalige facturen en de eentalige attesten, die in de internationale handel de facto elke keer beëdigd vertaald moeten worden.     Twee voorbeelden:

Voorbeeld 1: onbetaalde facturen
Stel: een Vlaamse ondernemer exporteert goederen naar een bedrijf in Frankrijk en stuurt een factuur in het Frans. Het Franse bedrijf betaalt niet. De ondernemer stapt naar de rechtbank. Die kan geen uitspraak doen omdat de facturen in het Frans zijn opgesteld.
Reden: Volgens de Vlaamse taalwetgeving moeten officiële documenten zoals facturen in de officiële taal van de exploitatiezetel van de opsteller worden opgesteld. In dit voorbeeld in het Nederlands. Rechtbanken mogen documenten in andere talen niet aanvaarden en oordelen dat de vorderingen niet zijn uitgeschreven.

Voorbeeld 2: Vertaling van officiële documenten
Stel: Een ondernemer doet mee aan een overheidsopdracht in Frankrijk. Hij heeft hiervoor een attest van niet-faillissement nodig, alsook een uittreksel uit het strafregister. Het eerste geeft de griffie van de bevoegde rechtbank van koophandel uit (i.c. de rechtbank waar het bedrijf de zetel heeft). Het tweede de gemeente. Beiden mogen de attesten enkel in het Nederlands uitgeven. De ondernemer moet de twee attesten bijgevolg beëdigd laten vertalen en legaliseren.
Reden: Volgens de Vlaamse taalwetgeving mag de Vlaamse overheid in de communicatie met haar burgers, op enkele uitzonderingen na, in het Nederlandse taalgebied enkel het Nederlands gebruiken.