UNIZO over landenspecifieke aanbevelingen Europese Commissie: schipbreuk vermeden, maar nog niet op juiste koers

De Europese Commissie heeft vandaag haar landenspecifieke aanbevelingen bekend gemaakt voor elk van de 28 lidstaten van de EU. De Commissie geeft België een pluim omdat het buitensporig begrotingstekort is gecorrigeerd. De schipbreuk is dus vermeden. Maar er blijven nog heel wat maatregelen te nemen om het schip weer op de juiste koers richting welvaart en dus welzijn te brengen.

Zo blijven de ongezien hoge belastingdruk op arbeid, de complexe fiscaliteit, de kloof tussen de werkelijke en de wettelijke pensioenleeftijd, de chronisch lage arbeidsmarkparticipatie en het gebrekkig concurrentievermogen traditionele Belgische pijnpunten. UNIZO roept de politieke partijen dan ook op om de landenspecifieke maatregelen om te zetten in een robuust regeerakkoord dat maatregelen bevat om de toekomstige welvaart en dus het welzijn te verzekeren.

Begroting: waakzaamheid blijft geboden

Hoewel het buitensporig tekort werd ingedijkt, blijft het budgettaire pad niet over rozen gaan. De Europese Commissie vraagt België om een extra inspanning te doen om de sanering van de begroting te doen sporen met de doelstellingen op middellange termijn, zoals afgesproken met de Europese Commissie. In dit verband wijst de Europese Commissie erop dat de inspanning evenwichtig verdeeld moet worden over alle bestuursniveaus.

Voor UNIZO is het hoe dan ook duidelijk dat deze begrotingsinspanning niet mag worden afgewenteld op de zelfstandige ondernemers. En dat geldt zowel voor het federale, regionale als lokale niveau. “De afgelopen twee jaar is de belastingdruk op het zelfstandig ondernemerschap nog verder gestegen”, aldus UNIZO-topman Karel Van Eetvelt. “De risicopremie voor zelfstandige ondernemers is zo goed als volledig verschrompeld. Dat heeft zo zijn gevolgen voor het ondernemerschap en dus voor de toekomstige welvaart”.

België niet voorbereid op vergrijzing

De pensioenhervormingen van de voorbije legislatuur waren een eerste stap in de goede richting. Er moet echter veel meer gebeuren om België voor te bereiden op de vergrijzing. Het gebruik van vervroegde pensioen moet door gerichte maatregelen volledig afgebouwd worden. Daarnaast moeten zowel de wettelijke pensioenleeftijd als de loopbaanduur gekoppeld worden aan de levensverwachting.

De rigide arbeidsmarkt openbreken en werken belonen

De Europese Commissie bevestigt nogmaals dat België zijn arbeidspotentieel chronisch onderbenut. Door de bestendig hoge arbeidskosten en verstikkende regelgeving worden ondernemers gedwongen om bij het aanwerven van personeel risico’s te vermijden. Dit is nadelig voor bepaalde groepen op de arbeidsmarkt, zoals jongeren, laaggeschoolden, personen met een migratieachtergrond en oudere werknemers.  De Belgische arbeidsmarkt is er één voor de  “haves” in plaats van voor de “have nots”:  wie een job heeft, wordt overmatig beschermd en wie een job zoekt, afgeremd. Het is de hoogste tijd om de arbeidsmarkt open te breken.

De Europese Commissie wijst verder nog terecht op de grote discrepantie tussen de vaardigheden van werkzoekenden en de noden van de werkgevers. Voor UNIZO moeten de nieuwe regeringen alles in het werk stellen om deze kloof te dichten en onderkwalificatie van jongeren te vermijden.

Het concurrentievermogen herstellen

UNIZO roept op om eindelijk werk te maken van een herstel van het Belgisch concurrentievermogen. “De tijd van vaststellingen doen en beloftes maken is al lang voorbij. Er is een probleem met onze competitiviteit en dat kost ons exportaandeel, jobs en welvaart.”, aldus UNIZO-topman Karel Van Eetvelt. België moet eindelijk ingaan op de steeds weerkerende aanbeveling om de loonvorming, de index incluis, te hervormen.

De Europese Commissie wijst terecht op het gevaar van verdere stijgingen van de distributienettarieven. UNIZO sluit zich hierbij aan en pleit voor een energienorm, naar analogie met de loonnorm. UNIZO vraagt dat voor elektriciteit de nettarieven voor KMO’s  geplafonneerd worden tot een maximale afwijking in vergelijking met het gemiddelde van onze buurlanden.  Zo kan de evolutie van de nettarieven voor elektriciteit in ons land afgetoetst worden aan het gemiddelde in Duitsland, Nederland en Frankrijk. Een onafhankelijke instantie moet de evolutie van de nettarieven opvolgen.