Limburg kent vliegende start in 1e kwartaal 2016

In het eerste kwartaal van 2016 telt Limburg 1.683 startende ondernemers, een stijging van 15,35% ten opzichte van het eerste kwartaal van 2015 (toen 1.459 starters). Dat blijkt uit de nieuwe Startersatlas van UNIZO, Graydon en UCM. De cijfers voor het eerste kwartaal zijn voorlopige cijfers, waardoor het uiteindelijke aantal nog enkele procentpunten hoger zal liggen. Limburg zet daarmee de beste score van alle Belgische provincies neer. Antwerpen (10,77%) en Oost-Vlaanderen (10,32%) vervolledigen de top 3. In heel Vlaanderen stijgt het aantal starters met 8,5% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar; voor heel België wordt een voorlopige stijging van 6,47% opgetekend.

“Deze starterscijfers zijn goed nieuws voor het ondernemerschap in Limburg. De sterke stijging van het aantal starters toont aan dat Limburg nog goesting, ideeën en veerkracht kent. Laten we het ondernemersinitiatief in onze provincie dan ook alle kansen geven”, zegt Bart Lodewyckx, directeur van UNIZO Limburg.

Over heel het jaar 2015 noteren we in Limburg een lichte stijging van 1,86% in het aantal starters, van 5.758 in 2014 naar 5.865 in 2015. Limburg volgt hiermee het federale gemiddelde van 1,81%, goed voor 82.571 startende ondernemers. Binnen Vlaanderen scoort Limburg wel het laagste van alle provincies. De Vlaamse gemiddelde groei in het aantal starters in 2015 ten opzichte van 2014 bedraagt 4,05% (+46.065 nieuwe ondernemingen), met de hoogste score voor Antwerpen (+6,86%).

Qua ‘startersdichtheid’, oftewel het aantal starters per inwoner, kent Limburg ondanks de stijging nog altijd het laagste cijfer in Vlaanderen, met gemiddeld 1 starter per 146 inwoners. In Vlaanderen is de koppositie voor Antwerpen met 1 starter per 130 inwoners. De Vlaamse startersdichtheid is 1 starter op 140 inwoners, de gemiddelde Belgische startersdichtheid is 1 op 136. UNIZO Limburg blijft hameren op een gunstig ondernemersklimaat om starters maximaal te stimuleren en ondersteunen.

Populairste sectoren: medische (vrije) beroepen, zakelijke diensten en bouw
In heel België situeert meer dan 1 op 3 starters (38%) zich in de dienstensector, goed voor 31.659 nieuwe ondernemingen. Binnen de diensten zijn de zakelijke diensten (8.290 starters) en immobiliën (6.779) het populairst. De vrije beroepen halen met 13.040 starters een aandeel van 16%. De medische vrije beroepen zijn het sterkst vertegenwoordigd met in totaal 8.605 starters. Na de diensten en de vrije beroepen volgt de bouwsector met een aandeel van 8.998 starters en de detailhandel met een aandeel van 7.572 startende ondernemers.

Begin 2016 bestonden in Limburg nog 70,72% van de in 2011 opgestarte ondernemingen. Limburg heeft daarmee een goede overlevingsgraad. Binnen Vlaanderen kennen West-Vlaanderen (72,68%) en Vlaams-Brabant (72,34%) de beste scores. De overlevingsgraad van starters na 5 jaar ligt in Vlaanderen het laagst in Antwerpen met 68,51%. De Vlaamse overlevingsgraad bedraagt 70,68%, de Waalse 66,40% en het federale gemiddelde 69,67%.

Beste overlevingsgraad bij vrije beroepen, zorgwekkende overlevingscijfers in horeca
In heel België vinden we de hoogste overlevingsgraad bij de vrije beroepen. Van alle starters die in deze sector 5 jaar geleden werden opgericht, is vandaag nog 85,3% actief. Ook de industrie haalt een hoge overlevingsgraad van 75,9%. Van de starters in de groothandel, bouw en dienstensector overleven tussen de 72% en 73,6% na 5 jaar. De laagste waarden inzake overlevingsgraad vinden we bij de horeca: daar overleeft slechts de helft (55,2%) de eerste 5 jaar (met wel een groot verschil tussen de eet- en drinkgelegenheden met 54,0% en de verschaffers van accommodatie met 79,4%). Als we de tijdshorizon verlengen tot 10 jaar (tot 2006) overleeft slechts 35,7% in de horecasector.

Meer over: Starten
Thema: Actueel