Fiscale gunstmaatregelen voor één groep van bedrijven is discriminatie

De Europese Commissie oordeelde gisteren dat de excess profit rulings voor multinationals in België onwettig zijn. Begrijpelijk, fiscale gunstmaatregelen voor één, beperkte groep van bedrijven is discriminatie tegenover alle andere bedrijven. Anderzijds is rechtszekerheid levensbelangrijk voor alle bedrijven. Retroactief de spelregels wijzigen en een kleine groep bedrijven 700 miljoen laten ophoesten is even verderfelijk. Er zijn dus geen winnaars in dit verhaal. 

Eerst wat geschiedenis. Waarom heeft de regering Verhofstadt in de tijd beslist om die rulings in te voeren? In de eerste plaats om de vennootschapsbelasting te drukken en buitenlandse bedrijven aan te trekken om in ons land te komen investeren. Vanuit de wetenschap dat multinationals die zich hier vestigen meteen voor een vrij aanzienlijke jobcreatie zorgen. Bovendien pikt ook de schatkist via de belastingen een graantje mee. 

Geen slechte redenering geven we toe. Onze vennootschapsbelasting moet concurrentieel blijven om inderdaad niet alleen buitenlandse investeringen aan te trekken, maar ook te houden. Alleen, voor een kmo liggen de zaken anders. 

Een Belgische kmo heeft veel minder mogelijkheden dan multinationals om de fiscale trukendoos te openen. Via een ruling “groepswinsten” uitsluiten voor belastingen kunnen onze kmo’s niet, want die “groepswinsten” zitten de facto in België. En het is een gegeven dat ook de notionele interestaftrek veel minder gebruikt wordt door KMO’s dan door de grote ondernemingen. De kleinere bedrijven zijn veel minder vertrouwd met de fiscale steunmaatregelen en fiscale optimalisatiemogelijkheden en zijn er in sommige gevallen zelfs van uitgesloten. 

Het mantra dat grote bedrijven meer jobs creëren is enkel juist op individueel vlak. Als Ford Genk sluit dan staan meteen duizenden jobs op de tocht. Bij een individuele KMO is dat nooit het geval. Maar de optelsom van alle faillissementen van KMO’s zorgt wel voor een jobverlies dat ruim dat van Ford Genk overtreft. Alle kmo’s (bedrijven met minder dan 250 werknemers) samen zijn goed voor maar liefst 70% van alle privé-banen in ons land. Maar als een kmo de deuren moet sluiten kraait daar amper een haan naar. 

Die kmo’s gaan bovendien niet zo rap lopen bij de minste wijziging in het beleid. Het al of niet hebben van een fiscale ruling zal hen niet “en masse” doen beslissen om wel of niet in eigen land te blijven of te investeren. Nee, ze zijn verankerd in ons economisch, maar ook sociaal weefsel waardoor een investeringsbeslissing nooit enkel van de harde cijfers afhangt. Geen Franse of Duitse CEO die met een pennentrek, ver van de realiteit, op basis van de cijfers over de sluiting van een vestiging of het lot van enkele duizenden werknemers beslist.

Uiteraard is rechtszekerheid belangrijk. Geen koudere douche dan een afspraak die de overheid niet nakomt of kan nakomen. We kennen daar alles van, de liquidatiebonus indachtig. Dus terecht dat de multinationals op hun achterste poten staan. De rulings zijn in hun begroting ingecalculeerd.  Retroactief de spelregels wissen, is not done. 

Dat neemt niet weg dat het wel eens tijd wordt om fiscale discriminatie tussen multinationals en de eigen Belgische kmo’s weg te werken. Akkoord, niet alleen in eigen land, maar in heel Europa. De gunstmaatregelen voor multinationals moeten dus in heel Europa verdwijnen. En de vrijgekomen middelen moeten gepompt worden in een verlaagde belastingdruk op ondernemen. In eigen land kan dat bv door de invoering van een duaal belastingtarief. Laat vennootschappen zelf kiezen in welk systeem ze instappen. Ofwel opteren ze voor 5 opeenvolgende jaren voor een tarief van 20 procent zonder aftrekmogelijkheden. Ofwel kiezen ze voor het huidige tarief van 33% met behoud van de gekende aftrekmogelijkheden. Transparant, fair en het maakt ondernemen en investeren aantrekkelijker. Alleen winnaars dus. 

Meer over: Fiscus, Internationaal, Fiscaal, Steunmaatregelen, Fiscale steunmaatregelen