Nico Scheers: Groeien van in de wieg

Elke week pikken wij een stukje uit een van de vele ondernemersverhalen die in 'Vele (om)wegen naar groei' gebundeld zijn. Omdat het inspirerende verhalen zijn, waar iedere ondernemer wel iets van opsteekt. Deze week is het de beurt aan Nico Scheers van De Kinderplaneet.

5800 vierkante meter én een webshop. Grootste assortiment. Topkwaliteit. Echt álles voor uw kind. Zo prijst De Kinderplaneet zich aan op hun website. Als je de winkel in Tremelo bezoekt, kan je daar nog een paar andere kwaliteiten aan toevoegen: de vriendelijkheid en de persoonlijke aanpak van het personeel en de heel betrokken bedrijfsleiders, die hun kantoor hebben ìn de winkel tussen de klanten. Een rasecht familiebedrijf dat van een kleine lokale ‘bazaar’ gegroeid is tot een hele planeet, in drie generaties.

Na de oorlog, eind jaren 40, lag heel Baal in puin. Mensen hadden niks meer, ze moesten hun huizen van niks weer opbouwen. Mijn grootouders waren heel ondernemende mensen, ze zagen daar een opportuniteit. Ze hadden blijkbaar goeie contacten in Brussel, en elke dag reden ze met hun fiets van Baal naar Brussel en terug, volgeladen met van alles en nog wat. Potten en pannen, houtskool, nagels en planken, noem maar op. Na verloop van tijd trok de economie opnieuw aan, het geld begon weer te rollen. De mensen in Baal wilden nieuwe meubels kopen en mijn grootouders hebben hun potten, pannen en ijzerwaren uitgebreid met een meubelwinkel. Ze waren ook één van de eersten die aan koppelverkoop deden: als klanten een volledige uitzet kochten – slaapkamer, kasten, zetels, salon – dan kregen ze er een gratis trouwdienst bij: met een grote Amerikaanse slee reden mijn grootouders de trouwers rond in het dorp. Het ondernemen zit bij ons in de genen! 

Van een metertje speelgoed tot een hele planeet

Toen mijn moeder en mijn nonkel in de zaak kwamen, hebben ze de boel gesplitst. Mijn nonkel heeft de meubelzaak overgenomen, mijn moeder is de ‘potten en pannen’ beginnen te doen. Niet zo lang daarna zag je de opkomst van de huwelijkslijst. Daar hebben mijn ouders handig op ingespeeld. Jonge koppeltjes kwamen heel hun uitzet kopen bij mijn moeder en vader, van badmatjes over kookpotten tot woonaccessoires. Dat was de eerste grote groeifase van de winkel. Mijn ouders hebben toen duidelijk de juiste kaart getrokken. Door het succes van die huwelijkslijsten hadden ze per maand gemiddeld driehonderd à vierhonderd lijsten. Een heel schoon inkomen. ’t Kadoke, zo heette de winkel in Baal, groeide.

Een paar jaar later gingen die ‘lijsthouders’ aan kinderen denken. Ah, kinderen!, dachten mijn ouders. Daar zit misschien ook iets in (lacht). Echt grote speelgoedwinkels had je in die tijd nog niet. Dus met sinterklaas en met kerst zetten ze een metertje speelgoed in de zaak. En later twee en drie metertjes, en meer. Tot het gebouw te klein werd. Dan hebben ze in 1980 een stuk braakliggende grond gekocht en daar een voor die tijd heel innovatief gebouw gezet. Dat metertje speelgoed werd algauw een hele planeet! Dat was de geboorte van De Kinderplaneet.

Een verhaal van zeventig jaar investeren

Als je het groeiverhaal van mijn ouders bekijkt, dan zie je dat ze om de vijf jaar een nieuwe, grote investering gedaan hebben. Het is een klassiek patroon. Je investeert, je trekt extra klanten aan en je groeit. Vier à vijf jaar na zo’n investering heb je alle klanten die je kan binnenhalen via die investering bereikt, ze hebben de weg naar de winkel gevonden. Dan komt het erop aan wéér met iets nieuws af te komen om het allemaal nóg wat aantrekkelijker te maken.

De groeicurve van onze winkel is een verhaal van zeventig jaar investeren in nieuwe ideeën en winkelruimte. Onze omzet is voortdurend gestegen met hier en daar een klein dipje in de curve. Zo zaten we na verloop van tijd met een logistiek probleem: ons magazijn zat in ’t Kadoke, maar alle goederen moesten uiteindelijk naar De Kinderplaneet. Elk artikel kwam binnen bij ’t Kadoke, werd er gestockeerd en geprijsd en moest dan met de camionette naar de grote winkel gebracht worden. Dat kostte te veel tijd en mankracht. Dus hebben we ons magazijn naar hier verhuisd en zo zijn we verder kunnen groeien.

We zitten nu opnieuw met een kleine status quo. We hebben de winkel nog een beetje groter en vooral ruimer gemaakt. We hebben de gangen breder gemaakt en onze producten aantrekkelijker uitgestald over de hele winkel. Van elk product kunnen we zo meer merken plaatsen. We kunnen nu twintig verschillende loopfietsjes voor kinderen zetten in plaats van twee. Bij De Kinderplaneet hebben ze veel keuze, denkt de consument dan. En zo wordt onze naam van specialist in speelgoed en schoolartikelen weer bevestigd. Een ruimere winkel met hier en daar een rustpunt en een speelhoekje voor de kinderen maakt de winkelervaring voor onze klanten ook een stuk prettiger.

Tussen de potten en de pannen

Wij woonden vroeger boven de winkel in het dorp, mijn zus en ik zijn letterlijk tussen de potten en de pannen groot geworden (lacht). Pas op, ik kan niet zeggen dat ik een slechte jeugd heb gehad, maar ofwel hielpen we in de zaak ofwel moesten we huiswerk maken. Ik durfde al weleens méér huiswerk maken dan nodig was. Als je begrijpt wat ik bedoel (lacht). ‘Als ge niet moet leren, kunt ge helpen uitpakken!’, zei mijn vader. Dus ik ‘leerde’ veel. Mijn vader vraagt zich nog altijd af waarom ik mijn diploma niet gehaald heb, zoveel dat ik geleerd heb! Nee, serieus, ik werkte graag in de winkel. Maar er waren periodes dat ik het vervloekte. Als mijn kameraden in de zomervakantie in Rotselaar op de plas gingen surfen, moest ik werken. Eén keer in de week mocht ik gaan surfen van ons vader, de rest van de tijd hielp ik in de zaak. Ben ik daar slechter van geworden? Nee, natuurlijk niet. Maar in die tijd was dat weleens zuchten.

Een neus voor speelgoed

Toen ik 25 jaar geleden officieel mee in de winkel kwam, hoorde ik een slimme marketingmeneer vertellen dat je moest kiezen tussen een A-ligging in het centrum van de stad of het dorp of een zeer centraal gelegen baanwinkel. Alles wat daartussen ligt, streep erdoor. Oei, dat is nu net waar wij niet liggen, dacht ik. Wij zitten in Baal, toch niet meteen het centrum van het land (lacht)! Als die meneer gelijk had, konden we de boeken sluiten. We zijn nu 25 jaar later, en de zaken gaan goed hier in Baal. Het moet zijn dat er toch nog andere succesfactoren zijn!

 

Welke die succesfactoren zijn, leest u in het gratis boek 'Vele (om)wegen naar groei'. Downloaden is de boodschap!