Nu digitaliseringsgeld voor Vlaamse scholen in omloop raakt, roept UNIZO lokale instanties en overheden andermaal op tot maximaal winkelhieren

"Geld voor de digitalisering van ons onderwijs dat wordt besteed aan lokale toeleveranciers, rendeert minstens twee keer: één keer voor de school en haar leerlingen, en een tweede keer voor de lokale economie en haar bedrijven." Die boodschap brengt Danny Van Assche, gedelegeerd bestuurder van UNIZO, graag in herinnering nu Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts vandaag een schijf van 300.000 euro toekent aan het Don Bosco-instituut in Groot-Bijgaarden, uit het Digisprong-budget van 375 miljoen euro. "Lokaal kopen - of winkelhieren - is de boodschap, niet alleen voor onze scholen, maar zeker ook voor onze overheden en instellingen, net zoals we dat van onze consumenten vragen."

Onze kmo's hebben het in de huidige coronacrisis bijzonder hard te verduren. Uit analyses van de Nationale Bank bleek al herhaaldelijk dat zelfstandigen en ondernemingen tot 10 werknemers daarbij het zwaarst getroffen worden. "De voorziene extra investeringen in de digitalisering van het onderwijs vormen hier een uitgelezen kans om onze kmo's een extra duwtje in de rug te geven", zegt Danny Van Assche van UNIZO. "We hopen dat de scholen de nodige tijd nemen om hier grondig over na te denken vooraleer ze hun Digisprong-budget uitgeven en rekenen er op dat onze lokale bedrijven maximale kansen zullen krijgen om mee te dingen naar hun opdrachten."

Niet alleen ter ondersteuning van onze kmo's is het lokaal gunnen van deze opdrachten enorm belangrijk, maar ook voor de scholen zelf, benadrukt UNIZO. "Digitalisering gaat immers over veel meer dan het zomaar aankopen van onder meer laptops", verduidelijkt Danny Van Assche, "Zo moet er, bijvoorbeeld, in veel gevallen software op maat worden geïnstalleerd, die ook nog eens kan verschillen naargelang de studierichting. Er kunnen al eens technische problemen optreden... En wie is er dan beter geplaatst om de scholen daarbij te helpen dan de lokale IT-ondernemer met kennis van zaken, die altijd bereikbaar en in de buurt is om snel voor een oplossing te zorgen? Onderschat eveneens de maatschappelijke rol niet die veel lokale ondernemers vervullen ten bate van scholen en leerlingen. Denk maar aan sponsoring van schoolactiviteiten, aan het bieden van stagemogelijkheden en bedrijfsbezoeken... Het is dan ook niet meer dan fair dat lokale ondernemers ook een eerlijke kans krijgen om mee te dingen naar aanbestedingen van scholen en opdrachten binnen te halen. Lokaal kopen is bovendien vaak ook duurzamer en bespaart bijvoorbeeld heel wat transport bij levering en interventies."

Het Digisprong-verhaal is trouwens maar één voorbeeld van hoe lonend het kan zijn voor zowel de opdrachtgever als de lokale economie om kmo's uit de omgeving maximale kansen te bieden bij aanbestedingen. "We vragen niet alleen van scholen om hier aandacht voor te hebben, maar ook van overheden en andere instanties", gaat Danny Van Assche verder. Dat die lokale reflex nog te vaak ontbreekt, blijkt onder meer uit Europese cijfers die UNIZO in juni van vorig jaar analyseerde (de cijfers voor dit jaar zijn nog niet beschikbaar). Met slechts 34% van de overheidsaanbestedingen (met een waarde die de Europese bekendmakingsdrempel overschrijden) die aan lokale kmo's worden gegund, laat België op EU-niveau enkel Portugal en Roemenië achter zich. Daarbij gaat het lang niet altijd om slechte wil, maar vaak om het ontbreken van de juiste reflex, waardoor lokale spelers over het hoofd worden gezien en vaak niet eens weten dat er aanbestedingen open staan of stonden. Aanbestedingen zijn ook nog dikwijls te complex opgesteld of te grootschalig opgevat voor kmo's. Terwijl de wet op de overheidsopdrachten bijvoorbeeld perfect toelaat om grotere opdrachten op te splitsen in kleinere werven, die ook voor kmo's behapbaar zijn. Daarnaast is er soms de misvatting dat lokale kmo's per definitie duurder zijn, wat lang niet altijd blijkt te kloppen. Een te enge focus op de laagste prijs leidt er soms toe dat lokale overheden en instellingen niet alle belangrijke elementen mee in hun aanbesteding en/of finaal beslissingsproces opnemen. Zoals de nabijheid, de snelheid en soepelheid van interventie (met minder transportkosten) waarop lokale spelers vaak beter scoren.

"Er is hoe dan ook nog veel werk aan de winkel om de winkelhier-reflex van lokale overheden en instanties aan te scherpen en om de toegang tot aanbestedingen voor kmo'smakkelijker en toegankelijker te maken voor kmo's", besluit Danny Van Assche. UNIZO doet daarom enkele aanbevelingen om de toegang van kmo’s tot overheidsopdrachten te vergroten: organiseer voorafgaandelijke marktconsultaties en infosessies, deel de opdrachten op in percelen, ga na wat de impact is op kmo’s bij het opstellen van kwalitatieve selectiecriteria (bv. inzake financiële draagkracht) en sociale en milieuclausules, hecht een groot belang aan gunningscriteria zoals klantenservice en bereikbaarheid, geef feedback op ingediende offertes (zeker voor niet-weerhouden ondernemers) en organiseer een efficiënte klachtenbehandeling waardoor ondernemers de mogelijkheid hebben om een geschil of vraag voor te leggen voor bemiddeling of niet-bindend advies. "Geen rocket science, maar dat beetje extra aandacht maakt voor onze kmo's een wereld van verschil. Iedereen wordt er beter van."

Meer weten? Contacteer UNIZO-woordvoerder Filip Horemans,
M 0478/22.37.51 - E filip.horemans@unizo.be