1 op 5 Oost-Vlaamse kmo's moet vechten om hoofd boven water te houden

Nu de veiligheidsraad beslist heeft dat er geen verdere versoepelingen komen, breekt het angstzweet uit bij 1 op 5 Oost-Vlaamse kmo’s. UNIZO vreest voor de economische gevolgen op lange termijn. Uit cijfers van Graydon blijkt dat zo’n 20% van de Oost-Vlaamse kmo’s nog steeds in de ernstige gevarenzone zit. Ondanks alle steunmaatregelen van de afgelopen maanden blijft het voor heel wat bedrijven knokken om te overleven.

4 maanden met corona, dat betekent voor heel wat Oost-Vlaamse kmo’s vier maanden van onzekerheid en slechte cijfers. Uit de cijfers van Graydon (zie tabel hieronder) kunnen we het volgende afleiden bij de bedrijven die voor de crisis gezond waren: van de Oost-Vlaamse ondernemers die tussen de 5 en 200 werknemers hebben, beschikt 19,4% op korte termijn niet over de nodige reserves om deze crisis te overleven, terwijl ze nochtans wel in een gezonde situatie verkeerden voor de crisis (segment 3). 7,5% (741 ondernemers) beschikt slechts over een matige veerkracht om er terug bovenop te komen (segment 6) en 63,4% (6226 ondernemers) bevindt zich weer in een gezonde situatie (segment 9).

Cijfers per stad
De grootste steden in Oost-Vlaanderen volgen deze trend. Onderstaande cijfers geven weer bij hoeveel ondernemers in de Oost-Vlaamse steden en gemeenten het water aan de lippen staat, met andere woorden waar de dreiging van een faillissement reëel is. Gent scoort daarbij iets beter dan de andere steden en gemeenten, met ‘slechts’ 17,2% van de kmo’s die het heel moeilijk hebben.

Aalst

20,5%

Aalter

20,4%

Deinze

20,9%

Dendermonde

18,0%

Gent

17,2%

Lokeren

19,9%

Oudenaarde

19,3%

Sint-Niklaas

20,5%

 
Verschillende sectoren worden extra hard getroffen tijdens de door deze crisis. De horeca, event- en artistieke sector en de transportsector krijgen het nog steeds hard te verduren. Dat blijkt uit de laatste ERMG-enquête (Economic Risk Management Group).

Doodsteek
Jos Vermeiren, directeur UNIZO Oost-Vlaanderen: “Deze situatie heeft vanzelfsprekend een effect op de werkloosheidsgraad in Oost-Vlaanderen. Heel wat kmo’s maken nog steeds gebruik van de tijdelijke werkloosheid (in mei bleven 93 032 werknemers gedurende gemiddeld 10 dagen thuis) en we zijn dan ook opgelucht dat deze maatregel verlengd werd tot eind december. Maar dit alleen zal onze kmo’s helaas niet kunnen redden. Dat kan alleen een coherent en efficiënt beleid, zodat een tweede lockdown kan vermeden worden. Want opnieuw stilvallen zou de doodsteek betekenen van de kmo’s die nu vechten om te overleven. Vanuit UNIZO roepen we de steden en gemeenten (naar analogie met Vlaanderen en federaal) op om ook op stedelijk en gemeentelijk vlak een economisch relancecomité op te richten, kwestie van gericht te sturen en zo de hardst getroffen sectoren de nodige ondersteuning te bieden.“