Ons gedacht:
Een tsunami met een emmertje te lijf gaan
Alsof je er in een voetbalstadion met 20.000 supporters willekeurig één fan uitplukt voor een grondige fouillering, terwijl de rest gewoon vrolijk en ongehinderd kan binnenwandelen. Dat is -in een notendop- hoe wij in ons land pakjes uit China controleren. Die pakjes, dat zijn er intussen 3,6 miljoen per dag. Of 1,3 miljard per jaar. Slechts 0,006% daarvan wordt gecontroleerd. Of een 200-tal per dag. Welkom in wat wij hier al eerder de ‘pakjestsunami’ noemden. Een tsunami die de douane met een klein emmertje te lijf moet gaan.
Wie hier onderneemt moet voor het doorworstelen van de lasagne aan regels, normeringen, belastingen en inspecties een halve jurist zijn. Wie vanuit een magazijn ergens in Azië onderneemt, krijgt regelgeving als optie en heeft maar één ding nodig: een 'cargo-ticketje enkel' richting luchthaven Luik. Verre van een gelijkspel dus. Eerder een voetbalveld dat 30° helt, met een ploeg die naar boven speelt, en eentje die naar beneden speelt.
Er beweegt echter iets op beleidsniveau. Europa wordt wakker, zij het nog met de snooze-stand aan. Onder impuls van onder meer UNIZO werd eerder al de invoering van een pakjestaks aangekondigd. Daar komt nu een extra handling fee bij, bedoeld om de douanediensten te versterken en controles op te drijven. Gelukkig op Europees niveau. In eigen land solo-slim heffingen lanceren, helpt niet en doet de stroom gewoon een andere richting nemen. Het is zoals een flitspaal plaatsen op een weg waar iedereen toch al via een sluipweg rijdt.
Gaat dit de tsunami wegnemen? Nee, het zijn geen wondermiddelen. Maar niks doen is écht geen optie. En laten we eerlijk zijn: de echte kracht achter de tsunami is de consument zelf. Die moeten we overtuigen om lokaal en duurzaam te kopen en niet te kicken op de goedkoopste klik. Want anders blijft het dweilen met de kraan open… zoekend naar de goedkoopste emmers en naarstig doorklikkend naar de strafste bundelkorting op de dweilen.