Het recht op betogen ontspoort en wordt door sommigen misbruikt. Ik keek dinsdag betoeterd naar wat zich allemaal afspeelde in de slipstream van de vakbondsactie in Brussel. En ik niet alleen. De meest recente aflevering in deze protestsoap was woelig en allesbehalve fraai. De regisseur zorgt er dan ook best voor dat er geen extra afleveringen komen. Voor de zoveelste keer ondervonden duizenden zelfstandige ondernemers, kmo’s, werknemers en burgers hinder, met onaanvaardbare economische schade als gevolg.

Mensen mogen hun bezorgdheid uiten en hun stem laten horen. Dat is een basisrecht, net zoals ondernemen en werken dat zouden moeten zijn. Ook onze ondernemers kennen onzekerheid. Dat merken we aan een nieuwe sterke daling van het ondernemersvertrouwen in onze recente kmo-barometer.

Maar wat ik dinsdag zag, had weinig te maken met constructieve dialoog. Heel wat mensen stapten mee in de vakbondsbetoging, maar sommige waren daar om andere redenen of hingen wat rond. En wat begon als een betoging, eindigde helaas opnieuw in chaos. Oproerkraaiers zorgden voor kapotte ruiten, bekladde gevels, vuurpijlen en brandende deelsteps, straatmeubilair en vuilbakken. Het instrument van sociale opbouw vervormde zo tot één van fysieke afbraak. Burgers, ondernemers en overheden betalen daarvoor alweer de rekening.

Met zware taal, overdreven slogans en verzonnen feiten, wisten de vakbonden slechts een deel van hun achterban te mobiliseren. De actiebereidheid bij kmo-medewerkers is echter quasi onbestaand. Gemiddeld vier op de tien ondernemers ondervinden hinder van een actiedag, terwijl amper drie procent van het personeel effectief deelneemt. De realiteit is duidelijk: de overgrote meerderheid van de mensen wil gewoon werken. Zij die dat mogelijk maken, de ondernemers, worden gegijzeld door wie het land lamlegt.

Wie actie wil voeren, moet dat doen met respect voor wie werkt, produceert en jobs schept. UNIZO pleit daarom opnieuw voor een wettelijk kader dat het recht op staken en het recht op ondernemen in balans brengt. Vandaag kan men het land platleggen zonder enige verantwoordelijkheid voor de gevolgen. Dat is niet doelmatig, niet proportioneel, en niet meer van deze tijd. 

We vragen dan ook duidelijke grenzen, transparantie over het doel van acties, en vooral verantwoordelijkheid. Niet om elke actie te verbieden, maar om voor redelijkheid te zorgen. Want recht zonder plicht is willekeur. En recht op betogen, is plicht tot rede.