Review 2025 en Outlook 2026

  • 2025 was beter jaar dan 2024 voor 4 op 10 Limburgse bedrijven (41%), voor 3 op 10 (31%) was 2025 minder goed.
  • Bijna 1 op 2 verwacht een beter 2026 (46%), 1 op 4 gaat uit van een slechter jaar (22%).
  • 3 op 4 sluiten 2025 met winst af. 3 op 10 zijn gegroeid in personeel. Hogere verwachtingen voor 2026: 85% verwacht winst, 37% werft aan.
  • Strategie of business model herbekijken is dé focus voor bedrijven in 2026. Ook marktaandeel vergroten zet stevige stap vooruit.
  • Interne organisatie verbeteren en financiële gezondheid bewaren vervolledigen de top.

Regeringsrapport 2025

  • Sterk gestegen appreciatie voor federaal beleid, maar zowel federale als Vlaamse regering krijgen een nipte onvoldoende van 4,9 op 10.
  • Waardering voor politieke inspanningen m.b.t. flexibele arbeidsmarkt, loonkosthandicap, arbeidsmarktkrapte en sociale zekerheid. Energiebeleid, administratieve vereenvoudiging en overheidsefficiëntie bengelen onderaan.

 

Vier op tien Limburgse bedrijven (41%) deden het in 2025 beter dan in 2024. De globale evaluatie van 2025 ligt daarmee heel wat hoger dan de 31% die een jaar geleden verwacht werd. Voor 3 op 10 ondernemers was het afgelopen jaar slechter dan het jaar ervoor. Dat blijkt uit de jaarlijkse Outlookbevraging van UNIZO en VKW Limburg. 3 op 4 bedrijven verwachten het boekjaar 2025 met winst te kunnen afsluiten en bij 3 op 10 groeide het voorbije jaar het personeelsaantal. Voor 2026 gaat bijna de helft van de ondernemers uit van een beter jaar, dubbel zo veel als de groep die een slechter 2026 verwachten. Voor het komende jaar stijgt de winstverwachting naar 85%. 37% verwacht te groeien in personeel.

Op de vraag waarop de bedrijven in 2026 de focus willen leggen, springt het aanpakken van het business model of de strategie naar de eerste plaats. Ook het marktaandeel vergroten zet een stevige stap vooruit in de uitdagingen voor het komende jaar. Het verbeteren van de interne organisatie en het bewaren van de financiële gezondheid blijven eveneens bovenaan staan.

Voor het zevende jaar op rij krijgen zowel het federale als het Vlaamse beleid een (nipte) onvoldoende van de Limburgse ondernemers: beide regeringen landen op 4,9 op 10. Vooral het federale beleid kent een fors sterkere appreciatie, komend van 3,2 een jaar geleden.

In totaal 15 economische beleidsdomeinen worden opnieuw zeer kritisch beoordeeld, al liggen alle scores hoger dan afgelopen jaar. Alhoewel er geen enkele voldoende wordt uitgedeeld en slechts 2 domeinen meer dan 4 op 10 krijgen, is er wel erkenning zichtbaar voor politieke inspanningen op het vlak van een flexibelere arbeidsmarkt, het wegwerken van de loonkosthandicap, de aanpak van de arbeidsmarktkrapte en een betaalbare sociale zekerheid. Het minst tevreden zijn de Limburgse ondernemers over administratieve vereenvoudiging en (het gebrek aan) overheidsefficiëntie. 

 

Bart Lodewyckx, gedelegeerd bestuurder UNIZO Limburg en Ruben Lemmens, gedelegeerd bestuurder VKW Limburg: 

De motor van het Limburgse ondernemerschap begint opnieuw toeren te maken. Vier op tien bedrijven deden het in 2025 beter dan het jaar voordien en bijna de helft kijkt met vertrouwen naar 2026. Dat vertaalt zich in sterke winstverwachtingen en hernieuwde aanwervingsplannen. Ondernemers focussen op het versterken van hun businessmodel en op het veroveren van marktaandeel, naast het versterken van hun interne organisatie en hun financiële fundamenten. Dat is een belangrijk signaal van veerkracht en toekomstgericht ondernemen.

Tegelijk blijven de uitdagingen reëel. Dat blijkt ook uit het regeringsrapport: hoewel de waardering voor het beleid duidelijk stijgt en er erkenning is voor inspanningen rond arbeidsmarkt, loonkosten en sociale zekerheid, blijven het onvoldoendes. Vooral op het vlak van administratieve complexiteit en overheidsinefficiëntie blijft de kloof groot. Het zijn niet de woorden die tellen, maar de daden. Goede beleidsintenties moeten sneller en concreter voelbaar worden op het terrein.

Limburgse ondernemers nemen zelf verantwoordelijkheid en passen hun strategie, organisatie en werking aan om sterker uit deze periode te komen. Maar wie wil dat de motor van onze economie blijft draaien, moet zorgen voor een stabiel en ondersteunend beleidskader. Minder rompslomp, meer rechtszekerheid en een competitief ondernemingsklimaat zijn geen randvoorwaarden, maar noodzakelijke hefbomen om het herwonnen vertrouwen verder uit te bouwen.”

Review 2025: 

voor 4 op 10 Limburgse bedrijven was 2025 beter dan 2024, voor 3 op 10 slechter. Beste evaluatie door diensten en groothandel. 

Vier op tien Limburgse bedrijven (41%) deden het in 2025 beter dan in 2024. De globale evaluatie van 2025 ligt daarmee heel wat hoger dan een jaar geleden verwacht (31%). Voor 3 op 10 ondernemers was 2025 slechter dan het jaar ervoor. Voor nog eens 1 op 4 was 2025 even goed (of slecht) als 2024.

Per saldo is er voor 2025 aldus een surplus van 10% meer positief gestemden (komend van -2% voor 2024).

Alle sectoren kennen een positief saldo wat de evaluatie van 2025 betreft. In de diensten en groothandel zijn de saldi met +16% het hoogst, in de bouw (+5%), detailhandel (+2%) en productie (+1%) liggen de positief en negatief gestemde groepen dichter bij elkaar. Voor deze drie sectoren is de evaluatie van 2025 wel beter dan een jaar geleden verwacht werd.

Qua grootte van het bedrijf zien we - met uitzondering van de bedrijven tussen 10 en 20 werknemers - hogere evaluaties en saldi bij de kleine en middelgrote bedrijven tot 100 werknemers. De saldi variëren hier tussen +11% en +22%. Bij de grote bedrijven zien we evenwel negatieve saldi van -7% (100-250 werknemers) en -5% (> 250 werknemers).

Outlook 2026: 

bijna de helft verwacht een beter jaar, 1 op 4 een slechter jaar. Productie en bouw vinden aansluiting bij optimisme van diensten en groothandel.

Bij de start van 2026 geeft bijna de helft (46%) van Limburgse ondernemers aan een beter jaar te verwachten dan 2025. Deze groep is dubbel zo groot als de negatief gestemde ondernemers: 1 op 4 ondernemers (22%) verwacht dat 2026 minder goed zal zijn dan het afgelopen jaar. 3 op 10 hebben geen hogere of lagere verwachtingen van het komende jaar (32%).

Per saldo gaat het om 24% meer positief dan negatief ingestelde ondernemers. De kaarten liggen daarmee heel anders dan een jaar geleden, toen 31% een beter en 32% een slechter 2025 verwachtten.

 

Net zoals bij de evaluatie van 2025 kennen alle sectoren een positief saldo voor het komende jaar. In de diensten en groothandel liggen deze weer het hoogst (resp. +36% en +37%), maar ook de productie (+28%) en bouw (+14%) sluiten duidelijker aan qua optimisme. De detailhandel landt op een nulsaldo.

Qua grootte valt geen directe lijn te trekken door wisselende saldi. Slechts in 1 categorie (50-100 werknemers) is er een negatief saldo, bij de grootste bedrijven zijn de verwachtingen met een saldo van +48% het hoogst gespannen.

  • Winst- en personeel: 3 op 4 hopen 2025 met winst af te kunnen sluiten, 3 op 10 met extra personeel.

    Verwachtingen 2026: 85% rekent opnieuw/weer op winst, meer dan 1 op 3 plannen aanwervingen.

Winstverwachting

Terugblikkend naar 2025, verwachten 3 op 4 ondernemers dat het jaar voor hun bedrijf winstgevend zal zijn (74%). Voor 26% draait het voorbije jaar dus uit op verlies of maximaal een break-even.

Een jaar geleden hoopte 75% winst te kunnen maken in 2025, waardoor het resultaat dus beantwoordt aan de verwachtingen. 

In de dienstensector is er een winstverwachting voor 2025 bij 83% van de respondenten, in de detailhandel gaat het om slechts 59%.

Voor 2026 kijkt maar liefst 85% van de bevraagde Limburgse ondernemers ernaar uit om opnieuw/weer winst te maken. 15% ziet nog geen beterschap voor het komende jaar. 

De groothandel (97%) is het meest optimistisch qua winstverwachting voor 2026, bij de detailhandel (76%) vinden we de laagste verwachtingen.

Personeelsbezetting

Qua personeel geven 3 op 10 respondenten aan dat ze 2025 met meer werknemers eindigen dan een jaar geleden (28%). Voor 2024 was dit nog 34%. Een jaar geleden ging 32% uit van een personeelsgroei in 2025. 

In de groothandel spreekt ruim de helft (47%) over extra personeel dat er het afgelopen jaar is bijgekomen, in de detailhandel heeft slechts 14% bijkomend kunnen aanwerven.

Voor 2026 nemen de verwachtingen weer toe, met ruim 1 op 3 die verwachten op het einde van het jaar meer mensen in dienst te hebben dan nu (37%). De diensten (46%) kennen hier opnieuw het hoogste cijfer, de detailhandel sluit de rij met 14% met aanwervingsambities.

Bedrijfsfocus 2026: 

business model aanpakken en marktaandeel vergroten zetten stevige stap vooruit. Interne organisatie verbeteren en financiële gezondheid vervolledigen de top. 

Het aanpakken van de bedrijfsstrategie of het business model (saldo van +60%, een toename van 10%) staat op de eerste plaats qua bedrijfsfocus van Limburgse ondernemers voor het komende jaar. Het verbeteren van de interne organisatie (procesinnovatie; saldo van +57%) wordt door deze sprong van de eerste plaats gestoten.

Op plaats 3 vinden we de sterkste groeier: marktaandeel vergroten (saldo van +49%, een groei van maar liefst 13%). Het bewaren van de financiële gezondheid kent hetzelfde saldo van +49%, met weliswaar een lichte afname van 3% tov vorig jaar.

Duidelijke groeicijfers zijn ook weggelegd voor: digitalisering/automatisering (saldo +46%, komend van 35%), marketing en communicatie (43%, komend van 35%) en talent aan boord houden/binden (+36%,  een stijging tov de 27% vorig jaar). Verderop in de lijst vinden we nog cybersecurity (+21%) en productinnovatie (18%, komend van 12% vorig jaar).

Onderaan de rangschikking zien we drie negatieve saldi: 

  • Het belang van (verder) internationaliseren kent een saldo van -12% (vorig jaar -21%). Bedrijven die vandaag al exporteren kennen een positief saldo van +22% (en zelfs +59% bij de bedrijven waar de export in het afgelopen jaar al groeide). Bij de niet-exporterende bedrijven is er een negatief saldo van -38%. De combinatie van deze verschillende saldi zorgt echter voor het globale negatieve cijfer van -12%.
  • Eenzelfde analyse kunnen we ook maken voor het relatief lage saldo voor de prioriteit ‘vacatures ingevuld krijgen’ van -2% (vorig jaar -7%): bij de bedrijven die aan aanwerven denken voor 2026 bedraagt dit saldo +24%. Enkel gekeken naar de bedrijven die zeker zullen aanwerven in het komende jaar, zien we een saldo van maar liefst +51%. Bedrijven zonder aanwervingsplannen of -mogelijkheden, landen op een saldo van -43%.
  • Duurzaamheidsdoelstellingen landen op een negatief saldo van -4% (vorig jaar 6%, maar 23% in 2024). Dit cijfer kan binnen de bevraging niet dieper geanalyseerd worden, maar het uitstel van de duurzaamheidsrapportering (CSRD) lijkt een logische verklaring voor de verdere afname.

Regeringsrapporten: sterke appreciatie voor federaal beleid, maar nipte onvoldoende voor zowel Vlaamse als federale regering

Voor het zevende jaar op rij krijgen zowel het federale als het Vlaamse beleid een (nipte) onvoldoende van de Limburgse ondernemers: beide regeringen landen op 4,9 op 10

Vooral het federale beleid van de Arizonaploeg van De Wever kan op appreciatie rekenen, met een sterke stijging van 3,2 naar 4,9 op 10. Voor een federale regering is dit de hoogste score sinds 2018.

Ook de Vlaamse regering van Diependaele zette nog een stap vooruit ten opzichte van de 4,4 een jaar geleden. 

De productiesector geeft de hoogste scores voor beide regeringen (Vlaanderen 5,3, federaal 5,6), ook de groothandel deelt voldoendes uit. De bouwsector en de detailhandel zijn het meest kritisch. Qua bedrijfsgrootte zien we de hoogste scores bij de grootste bedrijven, met een 5,5 voor Vlaanderen en een 5,6 voor het federale niveau. De kleinste bedrijven zijn met 4,2 voor beide beleidsnivaus traditioneel het strengst.

 

Beoordeling economisch beleid: erkenning voor politieke inspanningen mbt flexibele arbeidsmarkt, loonkosthandicap, arbeidsmarktkrapte en betaalbare sociale zekerheid.

In de beoordeling van 15 beleidsdomeinen met een belangrijke impact op de economie tonen de Limburgse ondernemers zich met een gemiddelde score van 3,5 op 10 nog altijd kritisch, maar wel wat milder dan de voorbije 3 jaren (vorig jaar met 2,8/10 de laagste score ooit). Alhoewel er geen enkele voldoende wordt uitgedeeld en slechts 2 domeinen meer dan 4 op 10 krijgen, is er wel erkenning zichtbaar voor een aantal politieke inspanningen. Alle scores stijgen bovendien ten opzichte van de vorige peiling.

De sterkste stijger behaalt ook de ‘hoogste’ score: een flexibelere arbeidsmarkt gaat van 3,4 naar 4,8 op 10 (+1,4). Kennen ook een sterke toename: wegwerken van de loonkosthandicap (+1,3 naar 3,7), aanpak van de arbeidsmarktkrapte (+1,1 naar 3,8) en een betaalbare sociale zekerheid (+1,1 naar 3,4), al blijven de globale scores dus nog altijd duidelijk negatief. 

De overige domeinen en hun evoluties opgelijst:

  • Het klimaatbeleid (van 3,8 naar 4,2).
  • Een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt (van 3,2 naar 3,8).
  • Het faciliteren van financiering voor het bedrijfsleven (van 3,4 naar 3,8).
  • Ook mobiliteit en bereikbaarheid (van 3,1 naar 3,8).
  • Een beter sociaal statuut voor zelfstandige ondernemers (van 3,1 naar 3,5).
  • Fiscale hervormingen (van 2,4 naar 3,2)
  • Vlottere vergunningen (van 2,7 naar 3,2).
  • Het energiebeleid (van 2,8 naar 3,1).
  • Verlaging van de belastingdruk (3,0, vorig jaar 2,2).
  • En administratieve vereenvoudiging: van 2,4 naar 2,9.

Als hekkensluiter vinden we voor het zesde jaar op rij de beoordeling voor (het gebrek aan) een efficiëntere en kleinere overheid met een score van 2,5 op 10 (vorig jaar 2 op 10).

Vicky Thoelen
PR & Communicatie, Events: manager
Yves Houben
Yves Houben
Belangenbehartiging: adviseur