Het aantal flexi-jobs is deze zomer opnieuw gegroeid, maar die stijging komt bijna volledig uit sectoren waar het systeem al langer bestaat. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van onder meer Nowjobs en Randstad die De Tijd publiceerde. Een niet-gepensioneerde flexi-jobber werkte in 2025 mediaan amper ongeveer twee uur per week in het statuut en 88,2 procent van de werkgevers die flexi-jobbers inschakelden hebben ook reguliere werknemers in dienst. Voor UNIZO bevestigen deze cijfers dat flexi-jobs vooral een aanvullend en gericht instrument zijn voor ondernemingen, en dat waarschuwingen voor een ongebreideld gebruik en massale verdringing van reguliere jobs gewoonweg niet door de feiten worden gedragen. 

 

“De hetze en de vrees dat de uitbreiding van flexi-jobs naar alle sectoren vanaf 1 juli zou leiden tot een explosie van flexi-jobs ten koste van gewone tewerkstelling, blijkt ongegrond. De nieuwe sectoren vertegenwoordigen maar een beperkt deel van de groei en een doorsnee flexi-jobber presteert mediaan amper twee uur per week. Dat wijst niet op een systeem dat de reguliere arbeidsmarkt overneemt, maar op een flexibel instrument waarmee ondernemingen heel gericht extra uren kunnen invullen. En elk bedrijf dat daardoor een shift ingevuld krijgt, zijn deuren kan openhouden of klanten kan blijven bedienen, is winst.” 

 

-Bart Buysse, gedelegeerd bestuurder van UNIZO. 

 

Groei zit vooral in bestaande sectoren 

 

Bij Nowjobs werden in juli en augustus 394.000 flexi-uren gepresteerd, 24 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Toch kwam slechts 12 procent van die groei uit sectoren die sinds 1 juli voor het eerst toegang kregen tot het systeem. 

 

“Ook voor de uitbreiding op 1 juli zat het gebruik van flexi-jobs al duidelijk in de lift. De groei die we vandaag zien, is dus veel breder dan het openstellen van het systeem voor nieuwe sectoren. Voor ons tonen deze cijfers gewoonweg dat de uitbreiding naar nieuwe sectoren geleidelijk verloopt. Bedrijven moeten het systeem leren kennen en bekijken voor welke functies, uren en piekmomenten het een oplossing kan bieden. Dat de nieuwe sectoren vandaag nog maar een beperkt aandeel van de totale groei vertegenwoordigen, doet niets af aan het belang van de uitbreiding. Het belang zit niet zozeer in de cijfers, maar in de extra mogelijkheid voor bedrijven uit alle sectoren om mensen te vinden wanneer ze die nodig hebben.” 

 

Twee uur per week 

 

Ook wanneer we kijken naar hoeveel flexi-jobbers daadwerkelijk werken en bij welke werkgevers ze terechtkomen, zien we geen tekenen van de massale verdringing waar her en der voor gewaarschuwd werd. 

 

Een doorsnee niet-gepensioneerde flexi-jobber werkte in 2025 mediaan ongeveer twee uur per week in het statuut. Daarnaast had 88,2 procent van de 37.160 werkgevers die vorig jaar flexi-jobbers inschakelden ook reguliere werknemers in dienst. Nogmaals een bevestiging dat flexi-jobs in de meeste ondernemingen naast en bovenop de gewone tewerkstelling worden ingezet. 

 

Concrete noden in nieuwe sectoren 

 

De eerste cijfers uit de nieuwe sectoren tonen volgens UNIZO dat er vraag is naar het systeem. Vooral in transport en logistiek, schoonmaak en andere arbeiders- en bediendefuncties neemt het gebruik toe. In transport en logistiek zag Randstad het aantal gepresteerde flexi-uren sterk stijgen. Ook binnen PC 200 neemt het gebruik toe sinds de uitbreiding. 

 

“Deze cijfers tonen waarom het belangrijk was om flexi-jobs open te stellen voor meer sectoren. Ook vele nieuwe sectoren blijken toch nood te hebben aan extra mensen voor enkele uren, een drukke dag of een moeilijk ingevulde shift. Tot 1 juli konden zij daarvoor geen beroep doen op flexi-jobbers, vandaag wel. Alleen al in juli en augustus werden bij Nowjobs 9.500 flexi-uren gepresteerd in de nieuwe sectoren en bij Randstad kwamen er in transport en logistiek ruim 18.700 flexi-uren bij. Dat zijn duizenden uren waarin ondernemingen dankzij de uitbreiding (extra) werk gedaan kregen dat anders misschien niet kon gebeuren.” 

 

Oproep tot stabiliteit 

 

UNIZO waarschuwt de regering om het statuut de komende begrotingsonderhandelingen niet opnieuw in te perken of extra te belasten. Ondernemers en werknemers hebben nood aan rechtszekerheid en flexibiliteit.