Nooit zoveel student-zelfstandigen, maar groei bij jonge vrouwen blijft achter
België telt 9.155 student-zelfstandigen, het hoogste aantal ooit. Daarmee ligt het aantal 83 procent hoger dan bij de invoering van het statuut in 2017 en is de recente terugval helemaal weggewerkt. Uit een analyse van UNIZO op basis van cijfers van het RSVZ blijkt dat er 5 procent meer student-zelfstandigen zijn dan een jaar eerder. Zowel bij mannen als vrouwen neemt het aantal student-zelfstandigen toe, maar de groei verloopt duidelijk ongelijk. Sinds 2017 is het aantal mannelijke student-zelfstandigen meer dan verdubbeld (+104%), terwijl de stijging bij vrouwen beperkt blijft tot 53 procent. Daardoor bestaat vandaag twee derde van alle student-zelfstandigen uit mannen.
“Ik ben blij dat het aantal jonge zelfstandigen blijft stijgen en dat we daar met ons beleid concreet aan kunnen bijdragen: via het student-zelfstandigenstatuut, steun voor start- en scale-ups en specifieke ondersteuning voor jonge moeders. Tegelijk blijft het motiveren van jonge vrouwen om de stap naar een eigen zaak te zetten een belangrijk werkdomein en een absolute prioriteit. Precies daarom organiseren we dit najaar onder meer een landelijke roadshow die zich specifiek richt op de financiering van een eigen zaak en op vrouwelijke ondernemers. Daarnaast zetten we een communicatiecampagne op met succesvolle vrouwelijke ondernemers, om anderen te inspireren en aan te moedigen.”
- Eléonore Simonet, Minister van Middenstand, Zelfstandigen en KMO's
"Meer studenten die kiezen voor het ondernemerschap is een zeer positieve ontwikkeling, want wie al tijdens de studies leert ondernemen, bouwt ervaring op, en ontwikkelt de vaardigheden, het netwerk en de veerkracht die nodig zijn om een duurzame onderneming uit te bouwen. Maar we mogen ons niet blindstaren op het record. Nog altijd kiest slechts een beperkte groep studenten voor ondernemerschap. In een economie die nood heeft aan meer ondernemers, moet het onze ambitie zijn om nog veel meer jongeren warm te maken voor een eigen zaak."
-Frank Socquet, directeur studiedienst van UNIZO
Over het statuut
Studenten die op het moment van de start van het ondernemerschap voor minstens 27 studiepunten ingeschreven zijn en die jonger zijn dan 25 jaar betalen sociale bijdragen als student-zelfstandige. Zo betaal je geen sociale bijdragen op de eerste jaarlijkse inkomstenschijf van 8.687,03 euro netto. Op de volgende inkomstenschijf betalen ze jaarlijks 20,5% sociale bijdragen. Bijna de helft van de studenten die ermee starten, zijn vier jaar later nog altijd actief als zelfstandige.
Groei zit vooral bij mannen
Binnen Onderwijs en Ondernemen merken we dat ondernemerschapseducatie de voorbije jaren steeds meer ingang vindt in hogescholen en universiteiten. Ook het aantal studenten dat binnen het curriculum voor een ondernemerschapstraject kiest, stijgt sterk. Achter het record zit wel een belangrijke evolutie: sinds 2017 is het aantal mannelijke student-zelfstandigen dubbel zo snel gestegen als de groei bij jonge vrouwen.
"Dat verschil verdient aandacht. We weten dat talent en ambitie er zijn, maar toch botsen jonge vrouwen nog vaker op hindernissen om de stap naar ondernemerschap te zetten of vol te houden. Uit onze Onderwijs en Ondernemen werking en contacten met het onderwijs en begeleidingsorganisaties blijkt dat vrouwen zich vaak voorzichtiger opstellen, langer wachten om met een idee naar buiten te komen of ondernemerschap pas na de studies overwegen. Daarom moeten we blijven investeren in rolmodellen, mentoring en begeleiding, zodat evenveel jonge vrouwen als mannen de stap durven zetten. We blijven bij UNIZO inzetten op vrouwelijk ondernemerschap. Want hoe diverser de volgende generatie ondernemers, hoe sterker onze economie."
-Frank Socquet
Vlaanderen blijft motor van student-ondernemerschap
Drie op de vier student-zelfstandigen wonen vandaag in Vlaanderen. Zo’n 75 procent van alle student-zelfstandigen is actief in het Vlaamse Gewest. Wallonië is goed voor 17 procent en Brussel voor 8 procent.
Vlaanderen blijft daarmee veruit de belangrijkste regio voor student-ondernemerschap. Sinds de invoering van het statuut in 2017 nam het aantal student-zelfstandigen in Vlaanderen met 92 procent toe. In Wallonië bedroeg de stijging 61 procent en in Brussel 57 procent. Opvallend is wel dat de sterkste groei in 2025 uit Brussel kwam (+22%), gevolgd door Wallonië (+18%), terwijl Vlaanderen met 1 procent groei eerder stabiel bleef.
De top 3 van de sectoren waar we studenten-zelfstandigen terugvinden is identiek aan de volledige groep zelfstandigen. De vrije en intellectuele beroepen zijn het beste vertegenwoordigd met 38,70 %. Op de tweede plaats krijgen we de handel met 30,50 % en op de derde plaats de nijverheid met 15,03 %
Eén op de negen zelfstandigen is jonger dan 30
De cijfers tonen dat ondernemerschap op jonge leeftijd een belangrijke plaats blijft innemen. Vandaag is 11 procent van alle zelfstandigen in België jonger dan 30 jaar. België behoort daarmee tot de Europese middenmoot die beter presteert dan het gemiddelde, maar we zijn nog geen koploper. Frankrijk en Nederland tonen dat het
mogelijk is om nog meer jongeren voor ondernemerschap te laten kiezen, terwijl Duitsland duidelijk achterop hinkt.
“Als we willen aansluiten bij de Europese top, moeten we blijven investeren in ondernemerschapseducatie, begeleiding, een aantrekkelijk startersklimaat en een vlotte overgang van student-ondernemer naar zelfstandige in hoofdberoep. UNIZO pleit voor een volwaardig zevende jaar ondernemerschap, waarin jongeren de competenties en praktijkervaring opdoen om een eigen zaak uit te bouwen. Daarnaast moet het statuut van student-zelfstandige verder worden vereenvoudigd door de automatische gegevensuitwisseling tussen overheidsdiensten uit te breiden. Zo vermijden we dat jonge ondernemers telkens opnieuw dezelfde informatie moeten bezorgen. Wie wil ondernemen, moet zijn energie kunnen steken in die onderneming, niet in papierwerk."
-Frank Socquet
Doorwerken na 25 jaar is logische stap
UNIZO is tevreden dat de federale regering recent besliste om studenten vanaf 2026 toe te laten verder student-zelfstandige te blijven nadat ze 25 worden. Tot nu toe werden zij automatisch zelfstandige in hoofdberoep, ook wanneer ze nog studeerden.
"Deze hervorming zorgt voor continuïteit. Tot nu toe botsten studenten op een arbitraire leeftijdsgrens, terwijl velen op hun 25ste nog volop aan het studeren zijn, bijvoorbeeld na een schakelprogramma of in langere opleidingen zoals geneeskunde. Bovendien zorgde de oude regeling voor onnodige administratieve rompslomp. Studenten moesten soms al van statuut veranderen nog voor ze wisten of ze geslaagd waren en hun studies effectief hadden afgerond. Dat was niet alleen onlogisch, het remde ook ondernemerschap af."
"Het statuut van student-zelfstandige is bedoeld als een springplank naar duurzaam ondernemerschap. Bijna de helft van de studenten die ermee starten, zijn vier jaar later nog altijd actief als zelfstandige. "Wie tijdens zijn studies een levensvatbare onderneming uitbouwt, moet zelf kunnen bepalen wanneer het tijd is om de volgende stap te zetten, en niet worden gedwongen om van statuut te veranderen omdat hij of zij 25 wordt."
-Frank Socquet