UNIZO: “Duw de centenindex niet door terwijl er een historisch, gedragen sociaal akkoord op tafel ligt”
De Groep van 10 zat zonet samen met de federale regering rond het alternatief dat de sociale partners formuleerden voor de centenindex. De sociale partners blijven resoluut achter hun historisch akkoord staan. Werkgevers en vakbonden hebben samen een ernstig, evenwichtig en structureel alternatief uitgewerkt en dat akkoord verdient het om grondig en correct beoordeeld te worden. Niet op basis van berekeningen waarrond nog heel wat openstaande vragen zijn en een nota die de sociale partners pas een uur voor aanvang kregen.
“Wat ons betreft zou het imbuvable zijn als dit akkoord van tafel wordt geveegd. UNIZO blijft absoluut achter het akkoord staan, omdat het een eenvoudiger, structureler en breder alternatief biedt voor de centenindex. Toch blijft het verschil in visie tussen de sociale partners en de federale regering groot, vooral over de werkelijke impact van de centenindex en de budgettaire impact van het voorstel van de sociale partners. Net daarom is het belangrijk om nu niet door te drukken. De sociale partners hebben getoond dat het sociaal overleg springlevend is, dan mag de regering dat niet doodknijpen door een sterk akkoord zomaar van tafel te vegen. Vandaag of morgen zitten de experten van de Groep van 10 nog samen met die van het Planbureau. Woensdag bespreekt de Kern van de regering het dossier opnieuw. Diezelfde dag komt de centenindex ook aan bod in het parlement. Het is belangrijk dat die nog niet gestemd wordt, je duwt geen complexe maatregel door terwijl er een gedragen sociaal akkoord op tafel ligt en nog allerhande zaken moeten worden uitgeklaard.”
-Bart Buysse, gedelegeerd bestuurder van UNIZO
Dit akkoord verdient beter
Volgens UNIZO blijven er nog veel open vragen over de cijfers, de aannames en de budgettaire impact.
“De experten van de Groep van 10 zitten nog samen met de mensen van het Federaal Planbureau om de open vragen verder uit te klaren. Woensdag bespreekt de Kern van de regering het dossier opnieuw en diezelfde dag komt de centenindex ook aan bod in het parlement. Dan zou het ontoelaatbaar zijn om daar al tot een stemming over te gaan, terwijl de technische bespreking met het Planbureau amper verwerkt kan zijn. Eerst moeten de cijfers, aannames en gevolgen helder zijn. Pas daarna kan je in alle ernst beslissen.”
UNIZO wijst er ook op dat de sociale partners de bijkomende nota van het Planbureau, gedateerd op 8 mei, pas vandaag, 11 mei, ontvingen. Amper een uur voor de vergadering met de regering.
“Dat valt te betreuren en geeft een beetje aan hoe dit dossier vandaag loopt. Een historisch akkoord tussen werkgevers en vakbonden beoordeel je niet op basis van stukken die de betrokken partijen nauwelijks hebben kunnen analyseren. Dit akkoord verdient beter.”
Het alternatief
Het alternatief van de sociale partners vertrekt van twee gerichte aanpassingen in de berekening van de index zelf. Het wil de impact van plotse energieprijsstijgingen beter spreiden en de index beter laten aansluiten bij de realiteit van energiecontracten. Zo wordt de doorwerking van stijgende energieprijzen op de loonkosten getemperd, voor alle lonen en alle werknemers in alle sectoren. Dit is een belangrijk akkoord voor onze kmo’s.
Voor UNIZO blijft dat alternatief eenvoudiger, structureler, beter en breder dan de centenindex. Die laatste geldt alleen voor brutolonen boven 4.000 euro, is bijzonder complex en dreigt op langere termijn werkgevers netto meer te kosten door een bijdrage voor de sociale zekerheid die onbeperkt in de tijd blijft gelden.
Bart Buysse besluit
“Het sociaal overleg toont hier dat het springlevend is. Werkgevers en vakbonden hebben samen verantwoordelijkheid genomen in een moeilijk dossier en een ernstig alternatief op tafel gelegd. Maar als de regering zo’n sterk akkoord op deze manier naast zich neerlegt, maakt ze toekomstige akkoorden veel moeilijker. Laat de experten de open vragen uitklaren, trek pas daarna conclusies en duw intussen zeker geen complexe centenindex door.”