UNIZO vindt Belgisch uitstel voor richtlijn loontransparantie goede zaak: “extra tijd gebruiken om richtlijn grondig bij te sturen”
UNIZO is tevreden met de vraag van de Belgische regering om uitstel en verduidelijking bij de Europese richtlijn rond loontransparantie. Die richtlijn moest normaal tegen 7 juni omgezet worden in Belgische wetgeving, maar België vraagt nu, na Zweden, extra tijd en bijkomende antwoorden aan de Europese Commissie. “Dat ook België nu uitstel vraagt, bewijst dat de vele bezorgdheden toch terecht zijn. In haar huidige vorm is de maatregel quasi onwerkbaar. Dit uitstel mag dan ook geen eindpunt zijn. De regels moeten grondig vereenvoudigd en verduidelijkt worden.”
“Wij dringen, samen met de Europese kmo-koepel SMEunited, al langer aan op uitstel en verduidelijking. Dat hebben we vorige week ook nogmaals rechtstreeks aangekaart tijdens het diner met Europees Commissievoorzitter Ursula von der Leyen. Gelijk loon voor gelijk werk moet een absolute vanzelfsprekendheid zijn, daarover bestaat geen discussie. Maar deze richtlijn dreigt in haar huidige vorm vooral uit te monden in een onduidelijke rapporteringslawine. De openstaande vragen zijn te fundamenteel om de regels zomaar door te duwen. Er is nog altijd geen helderheid over wat precies meetelt als loon, hoe de privacy in kleine teams gegarandeerd blijft en hoe kmo’s zonder aparte HR- of juridische dienst deze verplichtingen in de praktijk moeten bolwerken. Zolang Europa daar geen sluitend antwoord op geeft, is uitstel de enige juiste en werkbare oplossing”
-Bart Buysse, gedegeerd bestuurder van UNIZO
Pro gelijke lonen, anti rapporteringslawine
De Europese richtlijn rond loontransparantie wil de loonkloof tussen mannen en vrouwen verder terugdringen. Die doelstelling ondersteunt UNIZO volledig. Maar de manier waarop Europa dat vandaag wil doen, roept volgens UNIZO grote praktische en juridische vragen op. Bedrijven zouden uitgebreid moeten rapporteren over loonverschillen, werknemers zouden meer individuele looninformatie moeten krijgen en werkgevers zouden nieuwe procedures moeten opzetten.
Uitstel alleen volstaat niet
De gecreëerde extra tijd moet gebruikt worden om de richtlijn inhoudelijk bij te sturen. De doelstelling moet niet afgezwakt worden, maar de uitvoering moet werkbaar gemaakt worden.
“Voor UNIZO zijn drie aanpassingen essentieel: geen rapporteringsverplichtingen voor kmo’s tot 250 werknemers, harde privacygaranties in kleine teams en automatische erkenning van bestaande nationale cao’s en collectieve loonafspraken. Zolang Europa dat niet regelt, blijven de basisregels onduidelijk, disproportioneel en moeilijk toepasbaar. Deze pauze is dus nodig, maar niet genoeg. Europa moet durven sleutelen tot deze richtlijn werkt voor alle ondernemers die ze straks moeten toepassen”
Drie aanpassingen zijn noodzakelijk
Samen met SMEunited pleit UNIZO voor drie gerichte aanpassingen aan de richtlijn.
Ten eerste moeten kmo’s tot 250 werknemers vrijgesteld worden van de rapporteringsverplichtingen:
“Vandaag dreigen ook middelgrote ondernemingen onder uitgebreide rapporteringsregels te vallen. Wat in een grote onderneming verspreid wordt over HR, legal en finance, belandt in een kmo vaak bij de ondernemer zelf of bij een kleine personeelsdienst. Dat zorgt voor extra kosten, extra tijdverlies en extra onzekerheid. UNIZO vraagt daarom dat Europa de rapporteringsplicht beperkt tot grote ondernemingen en kmo’s tot 250 werknemers vrijstelt. Dat betekent niet dat kmo’s buiten het principe van gelijke verloning vallen. Het betekent wel dat Europa erkent dat dezelfde rapporteringsmachine niet past op elke onderneming.”
Ten tweede moeten er duidelijke privacygaranties komen voor kleine teams;
“In veel kmo’s werken mensen in kleine afdelingen, unieke functies of teams met weinig vergelijkbare collega’s. In zulke contexten kan looninformatie snel herleidbaar worden tot één concrete medewerker. UNIZO wil daarom dat looninformatie alleen gedeeld wordt wanneer er voldoende vergelijkbare werknemers zijn om de anonimiteit te garanderen. Werknemers hebben recht op correcte informatie, maar ook op bescherming van hun persoonlijke loongegevens.”
Ten derde moeten bestaande nationale cao’s en collectieve loonafspraken automatisch als conform worden beschouw:
“België kent een sterke traditie van sociaal overleg, sectorale afspraken en collectieve loonvorming. In veel sectoren liggen loonbarema’s, functieclassificaties en loonvoorwaarden al vast via cao’s. UNIZO vraagt daarom dat Europa die bestaande systemen respecteert. Ondernemingen die werken binnen nationale cao’s en collectieve loonafspraken mogen niet verplicht worden om daarbovenop nog eens een parallel Europees rapporteringssysteem op te bouwen.”