De federale regering hakte een aantal knopen door. Alleen: de broodnodige verduidelijking blijft te vaak uit.

Positief is dat het kmo-plan werd goedgekeurd en dat kleine bedrijven (tot 15 werknemers) worden vrijgesteld van het mobiliteitsbudget en dus zelf kunnen kiezen of ze het invoeren of niet. Andere kmo’s (tot 50 werknemers) krijgen twee jaar tijd om het mobiliteitsbudget op maat van het bedrijf in te zetten. Mobiliteit verduurzamen is belangrijk, zolang het systeem werkbaar blijft.

Minder rooskleurig zijn de beslissingen rond de btw-maatregelen. Of de houdbaarheidsdatum nu echt het juiste criterium is om de discussie rond “take-away” te beslechten, valt nog te bekijken. Horeca en supermarkten op gelijke voet behandelen is wel een goede zaak. Wat moeilijk te begrijpen blijft: het uitblijven van verder uitstel, noodzakelijke bijsturingen of flankerende maatregelen voor de btw-verdubbeling van 6% naar 12%. Die raakt diverse sectoren (hotels en campings, sport en ontspanning, reissector, …) hard en leidt tot extra kosten voor ondernemers bij reeds gemaakte boekingen en lopende contracten en abonnementen, wanneer zij het btw-verschil niet kunnen doorrekenen aan hun klanten. We blijven daarom aandringen op een oplossing.

Ook de centenindex blijft vragen oproepen en dreigt op termijn te worden uitgehold. Als hij niet wordt geneutraliseerd voor de berekening van de loonnorm, zal hij in de volgende periode (2027-2028) meer marge creëren voor loonkostontwikkeling: een broekzak-vestzak-operatie dus die werkgevers even respijt geeft. De maatregel is bovendien tijdelijk, waardoor het effect ervan uitdooft, terwijl de matigingsbijdrage die werkgevers hiervoor aan de overheid moeten betalen structureel is en blijft doorlopen. Als dit zo blijft, voorziet de regering de begroting van een extra financiering ten laste van werkgevers: een lastenverhoging i.p.v. -verlaging! Zo helpen we onze competitiviteit niet vooruit, wel integendeel. Onze boodschap is dan ook duidelijk: neutraliseer de centenindex voor de loonnorm en laat de matigingsbijdrage mee uitdoven.

Tot slot is er de energienorm: die geeft grote, energie-intensieve bedrijven gedurende drie jaar aanzienlijke korting op de energieprijs én op de transmissieprijzen, mits zij investeren in energie-efficiëntie. Belangrijk is dat de kosten niet verschuiven naar de kmo’s en dat ook gerichte maatregelen worden genomen voor energie-intensieve bedrijven die geen korting genieten, o.m. door accijnsvermindering.

Een akkoord onder de Kerstboom… Maar er blijft werk aan de winkel!

Nuttig voor jou