Wie het over economische groei heeft, denkt misschien snel aan beleidsplannen, abstracte cijfers of internationale conjunctuur. Maar groei begint dichter bij huis: in de werkplaats, op kantoor of in het atelier, bij een ondernemer die beslist om een stap verder te gaan. Een ondernemer die klanten bijwint, nieuwe markten verovert en/of mensen aanneemt.

Groeiende bedrijven zijn geen exclusieve club van innovatieve start-ups met een nieuw businessmodel of een uniek(e) product of dienst. Het kan ook gaan om de bakkerij die een tweede en derde vestiging opent, de installatiefirma die zich specialiseert in warmtepompen, de familiale voedingsproducent die met een nieuw product de export op gaat. 

Een groeiend bedrijf schept niet alleen zelf werk, het zet een hele keten in beweging. Leveranciers en transporteurs krijgen extra orders en kunnen zelf investeren. Boekhouders en marketeers in de buurt zien hun klantenbestand groeien. En wanneer er meer lonen worden uitbetaald, hoort ook de lokale handel en horeca de kassa rinkelen. En zo ontstaat een kettingreactie: groei is aanstekelijk.

Klinkt vanzelfsprekend, maar dat het niet. Studies van de OESO en de Nationale Bank van België wijzen erop dat relatief weinig Belgische (en Europese) bedrijven erin slagen door te groeien. Daar is niet één oorzaak voor: het is een opeenstapeling van knelpunten, van het vinden van talent en het aantrekken van financiering tot een rigide vergunningenbeleid en een versnipperde Europese markt. 

Economische groei is de som van duizenden beslissingen van ondernemers die durven investeren, aannemen en vernieuwen. Wie de economie wil versterken, moet dus bij hen beginnen. Zorgen we ervoor dat groeibedrijven de ruimte, de middelen en de waardering krijgen die ze verdienen, dan volgt de rest bijna vanzelf: jobs, innovatie en welvaart voor iedereen.

Wil je verder praten over dit onderwerp? Stuur gerust een mailtje naar Robin Deman.

Nuttig voor jou