Vanaf vandaag treden de eerste bepalingen van de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR) in werking. Hoewel veel verplichtingen pas de komende jaren gefaseerd worden ingevoerd, dreigen duizenden Vlaamse kmo's die rechtstreeks aan klanten in andere EU-landen verkopen nu al geconfronteerd te worden met extra administratie en bijkomende kosten. UNIZO betreurt dat de overheid opnieuw de rekening doorschuift naar ondernemers.

Dit staat er concreet in de verordening. Een overzicht.

"Dit is opnieuw een schoolvoorbeeld van hoe Europa goede doelstellingen ondergraaft met slechte regelgeving. Niemand is tegen duurzamere verpakkingen, maar ondernemers worden wel opnieuw opgezadeld met extra administratie, bijkomende kosten en een kluwen van nationale verplichtingen. Zo maak je ondernemen over de grenzen niet eenvoudiger, maar veel moeilijker. De verschillenden systemen voor verplichte nationale producentenregistratie zijn dan ook absoluut geen versterking van de interne markt, maar een nieuwe administratieve muur en factuur voor kmo's. Nochtans kondigde de Europese Commissie recent nog aan de administratieve lasten voor bedrijven met 25 procent en voor kmo's zelfs met 35 procent te willen verminderen. Met dit soort regelgeving bereiken ze alvast het tegenovergestelde."”

-UNIZO

Extra administratie voor webshops en exporterende kmo's

De nieuwe Europese verordening geldt voor ondernemingen die verpakte producten op de EU-markt brengen. Vooral webshops en kmo's die rechtstreeks leveren aan klanten in andere Europese lidstaten worden getroffen.

“Wanneer een Belgische onderneming vanaf 12 augustus rechtstreeks verpakte producten verkoopt aan een eindgebruiker in een andere EU-lidstaat, kan zij onder de nieuwe Europese verpakkingsregels (PPWR) beschouwd worden als producent in dat land. Daardoor moet zij zich mogelijk aansluiten bij het nationale systeem voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (EPR) en, afhankelijk van de lidstaat, ook een lokale gemachtigde vertegenwoordiger aanstellen.”

 In plaats van één Europees systeem krijgen ondernemingen zo te maken met verschillende nationale registraties, procedures en rapporteringsverplichtingen. Elk land hanteert bovendien zijn eigen regels, bevoegde instantie en tarieven. Ondernemers moeten zich daardoor mogelijk in meerdere lidstaten afzonderlijk registreren. Dat zorgt voor extra administratie en bijkomende kosten, die voor kleine ondernemingen al snel kunnen oplopen tot enkele honderden euro's per land per jaar, boven op de bijdragen voor de inzameling en recyclage van verpakkingen.Voor die verplichte registratie wordt een bijkomende retributie aangerekend. Voor een kmo kan die registratiekost al snel oplopen tot honderden euro's, afhankelijk van de concrete situatie en het aantal EU-lidstaten waarin de onderneming zich moet registreren. Die retributie staat los van het eigen administratieve werk dat de onderneming moet verrichten en van de eventuele kost voor de aanstelling van een EPR-gemachtigde vertegenwoordiger in de lidstaat waarnaar ze exporteert.

Voor een kleine webshop die slechts een beperkt aantal bestellingen naar een andere lidstaat verstuurt, kunnen die administratieve verplichtingen daardoor buiten verhouding staan tot de omzet die daar wordt gerealiseerd.

Sommige Belgische bedrijven ontsnappen voorlopig 

Voor ondernemingen die enkel verpakte producten op de Belgische markt brengen en vandaag al aangesloten zijn bij Fost Plus of Valipac verandert er op korte termijn minder. Zij zullen collectief geregistreerd worden en zullen niet vanaf 12 augustus plots een nieuwe factuur ontvangen.  Hun registratiekosten worden pas later (in 2027) doorgerekend.

Maar volgens UNIZO verandert dat niets aan het fundamentele probleem van extra kosten en extra administratie. 

"Stop met ondernemen moeilijker te maken"

UNIZO vraagt de Europese Commissie dringend werk te maken van één Europees loket voor producentenregistratie.

"Europa spreekt voortdurend over administratieve vereenvoudiging en een sterkere interne markt. Dan kan je ondernemers niet verplichten om zich voor dezelfde activiteit in verschillende lidstaten telkens opnieuw te registreren. Dat is het tegenovergestelde van vereenvoudiging en het tegenovergestelde van een ééngemaakte markt.”

Ook de Belgische overheden moeten volgens UNIZO zich beperken tot een strikte uitvoering van de Europese regels en geen disproportionele extra registratiekosten opleggen.

Hoge retributies voor een door de overheid verplichte registratie getuigen van weinig respect voor lokale ondernemers

Nuttig voor jou