De federale regering beslist om de waarde van maaltijdcheques vanaf 1 januari 2026 te verhogen van 8 naar 10 euro per gewerkte dag. UNIZO reageert verontwaardigd: “dit druist in tegen  de loonnorm van 0% en jaagt ondernemers op kosten.

 “Dit is onaanvaardbaar”

De regering legt de loonnorm voor 2025-2026 vast op 0%, maar zorgt tegelijkertijd voor een uitholling via een verhoging van de maximale waarde van de maaltijdcheques. UNIZO betreurt deze beslissing omdat het ondernemingen op kosten zal jagen in economisch moeilijke omstandigheden. Deze beslissing zet namelijk druk op onderhandelingen op sector- en ondernemingsniveau om extra loon toe te kennen. Bovendien steeg de gemiddelde loonkost per uur tussen 2022 en 2024 met een ongeziene 15,2% en kampen we een loonkostenhandicap van 1% volgens de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven.

Dat er een kostenplaatje zal zijn, staat vast. De verhoogde fiscale aftrekbaarheid betekent niet dat de verhoging van de maximale waarde volledig gecompenseerd zal worden. Een effectieve verhoging van 8 euro naar 10 euro (+2 euro) betekent een compensatie van 0,4 euro voor de werkgever. 1,6 euro betaalt die dus uit eigen zak.

UNIZO is niet tegen een verhoging van de maaltijdcheques, maar de voorziene timing van de eerste stijging met 2 euro , namelijk 1/1/2026, komt dus wel te vroeg. “Idealiter hadden we op het einde van 2025 bekeken wat er alsnog mogelijk is, ondanks de 0%-norm. Recentere inflatievooruitzichten en loononderhandelingen in het buitenland kunnen ervoor zorgen dat het plaatje is gewijzigd”.

Voor wat hoort wat

Voor wat hoort wat, laat dat duidelijk zijn. Na de meerwaardebelasting dringt de goedkeuring van enkele ondernemersvriendelijke maatregelen zich nu echt op.

Dat betekent in de eerste plaats een goedkeuring van enkele belangrijke zaken uit de programmawet: de beperking van de werkloosheid in de tijd en het definitieve einde van automatische fiscale boetes bij een fout in de belastingsaangifte.

Daarnaast moet een nieuwe fiscale hervorming zelfstandigen eindelijk recht doen, via een hogere belastingvrije som en een ondernemersaftrek voor eenmanszaken.

De arbeidsmarkt vraagt meer werkbare flexibiliteit: met meer ruimte voor flexijobs, een gunstige regeling voor overuren, en de terugkeer van de proefperiode. En ook op pensioenvlak moet de logica terugkeren.

“Het is hoog tijd om echt werk te beginnen maken van enkele broodnodige, ondernemersvriendelijke hervormingen. De ondernemers hebben intussen hun steentje bijgedragen, het is nu aan de politiek om verder door te pakken het evenwicht te herstellen.”

Frank Socquet
Directeur Studiedienst UNIZO Nationaal

Nuttig voor jou