Vlaams-Brabant blijft de startersprovincie van Vlaanderen. In 2025 werden er 13.518 nieuwe ondernemingen opgericht. Met 11,2 starters per 1.000 inwoners ligt de startersdichtheid in Vlaanderen nergens hoger. Toch is er ook reden tot bezorgdheid. Het aantal starters daalde vorig jaar met 1,8%, de sterkste daling van alle Vlaamse provincies, samen met Limburg. Ook Brussel kende in 2025 een terugval van 1,5% tot 15.467 starters. Voorlopige cijfers over de eerste helft van 2026 wijzen daar wel op een heropleving. Dat blijkt uit de nieuwe Startersatlas van GraydonCreditsafe, UNIZO en UCM.

“Vlaams-Brabant blijft een echte ondernemersprovincie. Nergens in Vlaanderen starten in verhouding tot het aantal inwoners zoveel nieuwe ondernemingen. Dat is iets om fier op te zijn, maar het mag ons niet blind maken voor de evolutie. Het aantal starters daalde vorig jaar met 1,8%. Dat moet ons zorgen baren. Aan ondernemerszin ontbreekt het duidelijk niet, maar starten alleen is niet genoeg. We moeten ervoor zorgen dat mensen goed voorbereid en met vertrouwen de sprong kunnen wagen en daarna voldoende ruimte krijgen om hun zaak rendabel uit te bouwen, te investeren en eventueel personeel aan te werven”, aldus Elke Tielemans, directeur UNIZO Vlaams-Brabant & Brussel

Vlaams-Brabant telt meeste starters per inwoner

In 2025 werden in Vlaams-Brabant 13.518 nieuwe eenmanszaken en vennootschappen opgericht. Daarmee is Vlaams-Brabant na Antwerpen en Oost-Vlaanderen de derde grootste startersprovincie van Vlaanderen. Wanneer we rekening houden met het aantal inwoners, staat Vlaams-Brabant zelfs helemaal bovenaan. 

Onze provincie telt 11,2 starters per 1.000 inwoners. Dat is één nieuwe onderneming per 89 inwoners. Antwerpen volgt met 10,2 starters per 1.000 inwoners, Oost-Vlaanderen met 10,0, West-Vlaanderen met 9,7 en Limburg met 9,6.

Wel ging het aantal starters in Vlaams-Brabant vorig jaar met 1,8% achteruit. Samen met Limburg is dat de sterkste daling in Vlaanderen. Antwerpen kende een daling met 0,6%, terwijl West- en Oost-Vlaanderen respectievelijk 1,4% en 1,9% meer starters telden.

Uit de voorlopige cijfers voor de eerste zes maanden van 2026 blijkt dat in Vlaams-Brabant 6.757 (gevestigde) ondernemingen werden opgericht, tegenover 6.674 in dezelfde periode vorig jaar. Een lichte stijging met 1,2%.

Brussel: minder starters in 2025, forse heropleving in 2026

Ook in Brussel daalde het aantal starters vorig jaar. In 2025 werden 15.467 nieuwe ondernemingen opgericht, 1,5% minder dan een jaar eerder. Het gewest blijft echter wel een uitgesproken startersregio. Met 12,3 starters per 1.000 inwoners werd er vorig jaar één nieuwe onderneming opgericht per 81 Brusselaars.

De voorlopige cijfers voor 2026 zijn opvallend positief. In de eerste helft van dit jaar werden in Brussel 8.304 starters geregistreerd. In dezelfde periode van 2025 waren dat er 7.451. Dat betekent een stijging met 11,4%.

Twee op drie Vlaams-Brabantse starters overleven eerste vijf jaar

Starten is één zaak, standhouden een andere. Van de ondernemingen die in 2021 in Vlaams-Brabant werden opgericht, is vijf jaar later 66% nog actief. Daarmee doet Vlaams-Brabant het beter dan het Vlaamse gemiddelde van 64,6%. In Brussel ligt de vijfjaarsoverleving met 67,7% nog iets hoger.

Die cijfers zijn belangrijk tegen de achtergrond van de bredere Belgische evolutie. België telde in 2025 een recordaantal van 128.147 starters, maar ook een recordaantal van 116.930 (gevestigde) ondernemingen die hun activiteiten stopzetten. Voor elke elf ondernemingen die starten, stoppen er dus tien zaken. De groei van het Belgische ondernemersweefsel zakte daarmee naar het laagste niveau in tien jaar.

Ondernemerschap alle kansen geven

UNIZO Vlaams-Brabant & Brussel vraagt daarom dat ondernemerschap een veel sterker onderdeel wordt van het onderwijs en dat toekomstige ondernemers voldoende kansen krijgen om de nodige ondernemerscompetenties te verwerven. Ook begeleiding bij de effectieve opstart en tijdens de eerste groeifase blijft cruciaal. De Vlaamse Overheid en UNIZO slaan daarom al jaren de handen in elkaar met een individueel starterstraject op maat. 

Ook lokale besturen kunnen een verschil maken, bijvoorbeeld door starters minder zwaar te belasten via lagere opcentiemen op de onroerende voorheffing of door startersbegeleiding lokaal toegankelijk te maken. Wat dit laatste betreft zagen diverse initiatieven al het levenslicht: Win je Winkel (Halle), Schot in je Zaak (Aarschot), Dilbeek voor Durvers, Kampenhout Popt-up, Landen #3400, ... Ook ondernemers die de stap zetten om voor het eerst personeel aan te werven, moeten voldoende ondersteund worden. Nieuwe wijzigingen aan de plusplannen zijn daarom niet wenselijk.

“Vlaams-Brabant en Brussel zitten vol mensen met ideeën en ondernemerszin. Onze opdracht is ervoor zorgen dat ze ook daadwerkelijk durven starten én vervolgens kunnen doorgroeien. Want de starter van vandaag kan de werkgever en groeier van morgen zijn.”, besluit Elke Tielemans.