Meer werken waar
het kan, langer
werken waar nodig
De laatste jaren praten we steeds vaker over hoe we werk lichter, korter en werkbaarder maken. Maar zelden over hoe we werken versterken. De realiteit noopt ons nochtans toe te geven dat arbeid terug centraal moet staan. Vacatures blijven openstaan, de vergrijzing dendert door en de pensioenfactuur groeit zo snel dat we het beestje haast niet kunnen benoemen. Problemen met maar één oplossing: langer en meer werken mogelijk en aantrekkelijk maken. Arbeid als hefboom en niet als de last.
Er heerst een gevoel dat mensen niet langer, meer of harder willen werken, maar dat klopt niet helemaal. Cijfers die Liantis vandaag nog publiceerde, bewijzen dat enorm veel zelfstandigen na hun pensioenleeftijd actief blijven. En ook het aantal 65-plussers dat een centje bijverdient met een flexi-job, stijgt met 30% ten opzichte van 2024. Niet enkel langer werken is populair, mensen werken ook graag meer wanneer daar de juiste tools voor bestaan.
Relance-overuren zijn zo’n tool. Net als flexi-jobs geven ze mensen die meer willen werken de kans om dat op een fiscaal en administratief aantrekkelijke manier te doen. We weten sinds vandaag dat bijna een derde van alle overuren verloopt via dat systeem. Vanaf 1 april krijgt dit een opvolger: de vrijwillige overuren. Dat staat nog niet op punt, daarom roepen we de federale regering op om de vrijwillige overuren zonder verdere vertraging uit te rollen en zo rechtszekerheid te bieden. Een systeem dat aantoonbaar werkt en massaal wordt gebruikt, mag niet in een onduidelijke overgangsfase belanden.
Wie zegt dat mensen niet meer willen werken, kijkt niet naar de feiten. De relance-overuren tonen aan wat er gebeurt wanneer je mensen ruimte geeft: mensen willen wel, op voorwaarde dat extra inspanning wordt beloond en niet afgestraft.
Diezelfde logica moeten we durven toepassen op het einde van de loopbaan. Het actuele debat over landingsbanen en pensioenopbouw draait in wezen rond één vraag: hoe houden we mensen langer actief zonder het systeem oneerlijk of onbetaalbaar te maken? Landingsbanen helpen werknemers om het werk vol te houden en gemotiveerd te blijven. Op de krappe arbeidsmarkt is het ook een waardevol instrument om ervaring aan boord te houden. Maar tegelijk blijft het principe overeind dat pensioenen in de eerste plaats moeten steunen op effectief gewerkte jaren. Wie minder werkt op het einde van zijn carrière, moet dan ook langer werken wat ons betreft. Minder uren per week, langer actief in totaal.
Rechten en plichten moeten in evenwicht zijn, zodat wie minder uren presteert niet automatisch evenveel opbouwt zonder bijkomend engagement. Zo maken we van landingsbanen geen verkorte exit. Dat zien we niet als een bestraffing, maar als een realistische vraag naar evenwicht. Eén die de betaalbaarheid van het pensioenstelsel moet bewaken.
Meer werken waar het kan, langer werken waar het nodig is. Dat vraagt een beleid dat inzet beloont en instrumenten zoals relance-overuren en doordachte landingsbanen stevig verankert. Zo geven we gemotiveerde mensen de ruimte om te blijven bijdragen, op hun tempo maar met verantwoordelijkheid. Alleen op die manier houden we onze pensioenen overeind zonder de rekening door te schuiven naar de volgende generaties.
Bart Buysse