Een vennootschap kan ontbonden worden bij beslissing van de algemene vergadering (vrijwillige ontbinding) of door de rechter (gerechtelijke ontbinding).
De vrijwillige ontbinding van een vennootschap
Het bestuur moet het voorstel tot ontbinding toelichten in een verslag.
- Bij dat verslag moet een staat van activa en passiva worden gevoegd, dat maximaal drie maanden oud is.
- De commissaris (ofwel bedrijfsrevisor of externe accountant, als er geen commissaris is) moet in een bijzonder verslag attesteren dat deze staat de toestand van de vennootschap op volledige, getrouwe en juiste wijze weergeeft.
Deze drie documenten worden, samen met de oproepingsbrief voor de algemene vergadering, naar de aandeelhouders verstuurd.
De algemene vergadering moet de beslissing tot ontbinding nemen volgens de regels die gelden voor een statutenwijzigingen. Deze beslissing moet bij notariële akte worden vastgesteld. De algemene vergadering moet ook één of meerdere vereffenaars aanduiden. In bepaalde gevallen, zoals bij een deficitaire vereffening, moet de ondernemingsrechtbank hun aanstelling bevestigen.
Na afloop van de vereffening (en ten minste één maand voordat de algemene vergadering opnieuw samenkomt) leggen de vereffenaars op de zetel van de vennootschap de rekeningen neer (samen met de nodige stavingstukken). De algemene vergadering moet dan beslissen tot afsluiting van de vereffening. Deze beslissing moet worden neergelegd op de griffie van de ondernemingsrechtbank en worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.
TIP: Onder bepaalde voorwaarden kan een eenvoudigere procedure worden gevolgd, waarbij de ontbinding en vereffening van de vennootschap via één akte plaatsvindt.
De gerechtelijke ontbinding van een vennootschap
De vennootschap kan ook gerechtelijk worden ontbonden.
De ondernemingsrechtbank kan op vraag van iedere belanghebbende (of van het openbaar ministerie) de ontbinding uitspreken van een vennootschap die gedurende drie opeenvolgende boekjaren haar jaarrekening niet heeft neergelegd. De wet spreekt over “niet meer actieve vennootschappen”.
De ontbinding van de vennootschap kan ook worden gevorderd om wettige redenen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer de affectio societatis (de wil van de vennoten om door een vennootschapscontract gebonden te zijn) niet meer aanwezig blijkt te zijn.
De rechtbank kan de onmiddellijke afsluiting van de vereffening uitspreken of één of meer vereffenaars aanwijzen. Als de vereffening beëindigd is, brengt de vereffenaar verslag uit aan de rechtbank die vervolgens de afsluiting uitspreekt.