Vergunningen
Als je wil starten met een onderneming, heb je in bepaalde gevallen een vergunning nodig. Hier vind je meer info over onder meer de socio-economische vergunning en de omgevingsvergunning.
Informatie
- Gebouwenpas
- Vereiste vergunningen
- De omgevingsvergunning
- Vergunning kleinhandelsactiviteiten
- Modulaire omgevingsvergunning en omgevingsbesluit
- Socio-economische vergunning in Brussel
- Omgevingsvergunning stedenbouwkundige ingrepen
- Raad voor Vergunningsbetwistingen
- Vergunning voor kantoor in appartement of woning?
Gebouwenpas voor niet-residentiële gebouwen in Vlaanderen
De Vlaamse overheid lanceert een “gebouwenpas” voor niet-residentiële gebouwen zoals horecazaken, sport-, handels-, of kantoorgebouwen. Het is een gratis digitaal paspoort dat alle relevante gebouwgerelateerde info samenbrengt in één handig overzicht. Het gaat o.a. over het EPC-label, isolatiegegevens, eventuele renovatieverplichting, relevante bodeminformatie, informatie over watervoorziening en riolering, mobiscore, overstromingsgevoeligheid van het gebouw of perceel, etc… Ook attesten, keuringen en vergunningen, zoals bv. het asbestattest, zijn opgenomen. Je hoeft dus niet meer aan te kloppen bij verschillende instanties om de juiste vergunningen, digitale attesten en documenten te raadplegen. Vanaf nu kan je deze - en nog veel andere - gebouwgerelateerde informatie online raadplegen. Bovendien is gebouwenpas gratis.
De gebouwenpas komt zo tegemoet aan de vraag naar administratieve vereenvoudiging.
Meer info vind je via www.vlaanderen.be/bouwen-wonen-en-energie/bouwen-en-verbouwen/gebouwenpas
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 27/08/2025
Welke vergunningen heb ik nodig om op te starten?
Denk voor je van start gaat aan alle benodigde vergunningen. Regel tijdig de noodzakelijke erkenningen, toelatingen, registraties en meldingen. Zo voorkom je problemen achteraf.
Geraak je het overzicht kwijt? Dat begrijpen we, in België zijn er heel wat verschillende instanties bij wie je vergunningen en toelatingen moet aanvragen. De overheidssite www.business.belgium.be kan je hierbij helpen. Hieronder een overzicht van de meest voorkomende vergunningen. Uiteraard kan je ook altijd terecht bij de UNIZO Ondernemerslijn als je nog verdere vragen hebt.
Omgevingsvergunning
Via de omgevingsvergunning kan je een stedenbouwkundige vergunning, milieuvergunning en detailhandelsvergunning tegelijk aanvragen. Grotere detailhandelszaken met een oppervlakte van meer dan 400 m² zijn verplicht een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten (de vroegere detailhandelsvergunning) aan te vragen. Meer info vind je verder op deze pagina.
Vergunning muziek in je bedrijf (SABAM)
Gebruik je muziek in je zaak, wachtzaal of een event? Of misschien gebruik je wel muziek op je website of in de telefoon? Dan moet je dan melden aan UNISONO om de auteursrechten van de muzikanten te beschermen. Lees er hier meer over. Je kan dat zelf regelen met SABAM, ofwel via je ondernemingsloket. UNISONO verenigt de diensten van SABAM en de billijke vergoeding.
Sectorspecifieke vergunningen
In heel wat sectoren gelden specifieke vergunningen. Zo moeten aannemers, dienstenchequebedrijven, ambulante handelaars (markten, deur - aan -deur - verkoop), horeca, slagers, en nog heel wat andere ondernemers een specifieke vergunning aanvragen. Je vindt een volledig overzicht op de website van VLAIO.
Beroepskaart voor niet-Belgen
Wie geen onderdaan is van de EER (inclusief Zwitserland) kan niet zomaar starten met een zelfstandige activiteit in België. Vooraleer die persoon een ondernemingsnummer via het loket kan aanvragen of kan laten activeren, zal hij een beroepskaart nodig hebben tenzij hij hiervan vrijgesteld is.
In samenwerking met Liantis werd een stappenplan opgemaakt dat weergeeft hoe je die beroepskaart moet aanvragen.
Er gelden wel uitzonderingen op de verplichting om een beroepskaart aan te vragen. Die uitzonderingen kan je hier nalezen.
Wil je zeker zijn dat je alle nodige vergunningen hebt, en dat ze correct worden aangevraagd?
Doe dan beroep op Liantis Ondernemingsloket!
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 26/11/2024
De omgevingsvergunning: wat houdt dat in?
De omgevingsvergunning is de integratie van de huidige bouw- en milieuvergunning, de socio-economische machtiging en de verkavelingsvergunning, tot één unieke vergunning. Het is verplicht om een vergunning aan te vragen voor deze zaken:
- Activiteiten waar vroeger een milieuvergunning voor nodig was, zoals bv. bepaalde stockage van gevaarlijke producten in een bestaand gebouw;
- Bouwprojecten of verbouwingen waar vroeger een bouwvergunning nodig was;
- Detailhandelsvestigingen met een netto handelsoppervlakte vanaf 400 m².
De integratie van die verschillende vergunningen tot één vergunning betekent minder procedures en tijdswinst voor belangrijke investeringsprojecten of bedrijfsuitbreidingen. Je moet nog slechts één aanvraagdossier indienen bij een digitaal omgevingsloket, daarop volgt één openbaar onderzoek, één adviesronde en één beslissing.
De omgevingsvergunning die verleend wordt, zal in de meeste gevallen van onbepaalde duur zijn.
Bovendien kan een aanvraag voor een omgevingsvergunning voortaan ingediend worden via een digitaal loket.
Wil je meer informatie over wanneer en hoe je de omgevingsvergunning moet aanvragen? Die vind je in het onderstaande document:
Download ook onze Snelwijzer
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 26/11/2024
Wanneer is een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten vereist?
Let op: deze regeling geldt enkel in Vlaanderen. De regeling voor Brussel vind je hier.
Een omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten is een vergunning die geïntegreerd is in de omgevingsvergunning, en is bedoeld voor de inplanting, uitbreiding of wijziging van grootschalige winkels vanaf 400 m². Deze vergunning wordt geregeld door het decreet IHB ( Integraal Handelsvestigingsbeleid)
De vergunning is vereist indien cumulatief aan volgende voorwaarden wordt voldaan.
Het gaat om een aanvraag voor een van deze handelingen:
- Vanaf een netto handelsoppervlakte* van 400 m²
- Bij uitbreidingen van meer dan 300 m² of meer dan 20%
- Bij wijzigingen tussen de verschillende categorieën van kleinhandel
- Bij samenvoegen van panden tot een netto handelsoppervlakte van meer dan 400 m²
- Bij opsplitsen van handelsvestigingen van meer dan 400 m² naar kleinere vestigingen
Er zijn 6 categorieën waarbinnen de detailhandelsactiviteiten worden ondergebracht:
- Verkoop van voeding;
- Verkoop van goederen voor persoonsuitrusting;
- Verkoop van planten, bloemen en goederen voor land- en tuinbouw;
- Verkoop van vervoers- en transportmiddelen
- Verkoop van volumineuze goederen die niet vallen onder de categorieën 1° tot en met 4;
- Verkoop van niet-volumineuze goederen die niet vallen onder de categorieën 1 tot en met 4.
Definities
Kleinhandel = een distributie-eenheid waarvan de activiteiten volledig of gedeeltelijk bestaat uit het te koop aanbieden of wederverkopen van goederen aan consumenten.
Netto handelsoppervlakte = de oppervlakte bestemd voor de verkoop en toegankelijk voor het publiek, met inbegrip van de niet-overdekte oppervlakten. Deze oppervlakte omvat met name de kassazones, de zones die zich achter de kassa’s bevinden en de inkomruimten indien deze ook worden aangewend om waren uit te stallen of te verkopen.
Kringloopwinkels staan erom bekend dat ze gratis goederen ophalen om ze dan als tweedehands artikelen te verkopen aan consumenten.
Aangezien kringloopwinkels hun goederen finaal ook verkopen aan consumenten is de wet op de handelsvestigingen onverkort van toepassing op hen en moeten zij dus in elk geval beschikken over een socio-economische vergunning, voor zover de netto verkoopsoppervlakte toegankelijk voor het publiek minstens 400 m² is.
Wil je meer info over de omgevingsvergunning voor kleinhandelsactiviteiten? Download dan onze snelwijzer:
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 26/11/2024
Modulaire omgevingsvergunning en omgevingsbesluit
De modulaire omgevingsvergunning: wat verandert er?
De Vlaamse Regering maakt werk van een betere vergunningsverlening. Ze gaf een expertencommissie de opdracht om met concrete voorstellen en aanbevelingen te komen voor het beleid. Dit moet leiden tot een efficiënte vergunningsverlening en vergunningen die robuuster zijn. Het advies van de Gemengde Commissie Vergunningen leidde tot het uitwerken van het Actieprogramma voor robuuste en rechtszekere vergunningen. De aanpassing van het decreet rond de modulaire omgevingsvergunning is daarin een eerste stap.
Wat is de modulaire omgevingsvergunning?
Sinds 2014 bundelt de omgevingsvergunning de vroegere stedenbouwkundige vergunning en milieuvergunning in één procedure. Met de modulaire omgevingsvergunning wil de Vlaamse Regering die procedure flexibeler maken. In plaats van een vast traject met weinig ruimte voor bijsturing, wordt de vergunning opgebouwd uit verschillende modules of bouwstenen die kunnen worden gecombineerd naargelang het dossier.
Zo zal er niet langer gewerkt worden met een gewone en een vereenvoudigde procedure, maar met één basisprocedure met een beslissingstermijn van 60 dagen. Is een openbaar onderzoek nodig, dan wordt die termijn met 60 dagen verlengd.
De nieuwe aanpak vertrekt vanuit een oplossingsgerichte logica. Niet het stopzetten van een dossier bij een onvolledigheid staat centraal, maar het zoeken naar een werkbare vergunning via overleg, aanpassingen en gerichte bijsturingen tijdens de procedure. De basis daarvoor werd gelegd in het decreet van 17 mei 2024. Dat decreet is nog niet in werking getreden. Het voorontwerp van 2026 verfijnt de regeling en werkt een aantal praktische en juridische knelpunten verder uit.
Wat verandert er?
De modulaire omgevingsvergunning brengt verschillende belangrijke vernieuwingen met zich mee.
- Recht op vooroverleg: aanvragers krijgen het recht om vóór de indiening van hun dossier verkennend overleg te vragen met de vergunningverlenende overheid. Zo krijg je vroeger duidelijkheid over de haalbaarheid van je project.
- Dossier bijsturen tijdens de procedure: via een wijzigingslus kan je je aanvraag aanpassen terwijl de procedure loopt. Daardoor hoeft een dossier niet langer volledig opnieuw te worden ingediend wanneer bijsturingen nodig zijn.
- Eén verzoek om ontbrekende informatie: ontbrekende stukken worden in één keer opgevraagd. De behandeling van het dossier wordt tijdelijk opgeschort tot de informatie is aangevuld, maar niet langer stopgezet.
- Mogelijkheid om de procedure te pauzeren: aanvragers kunnen vragen om de beslissingstermijn te verlengen. Dat creëert ruimte voor bijkomend overleg, extra onderzoeken of het verzamelen van aanvullende informatie.
- Eén openbaar onderzoek in eerste aanleg: in eerste aanleg wordt in beginsel nog maar één openbaar onderzoek georganiseerd. Dat moet de procedure eenvoudiger, korter en beter voorspelbaar maken.
- Adviezen zijn niet automatisch doorslaggevend: adviesinstanties behouden hun belangrijke rol, maar hun adviezen zijn niet langer bindend. De vergunningverlener maakt zelf een afweging en moet zijn beslissing duidelijk motiveren.
- Meer aandacht voor maatschappelijke meerwaarde: bij de beoordeling van een project kan explicieter rekening worden gehouden met de maatschappelijke meerwaarde ervan.
- Langere geldigheidsduur van een stedenbouwkundig attest: een stedenbouwkundig attest blijft voortaan drie jaar geldig in plaats van twee jaar.
- Strengere voorwaarden voor beroep: wie beroep wil aantekenen tegen een vergunning, zal een concreet en persoonlijk belang moeten aantonen. Daarmee wil de Vlaamse Regering lichtzinnige beroepsprocedures ontmoedigen.
Hoe verloopt de procedure van de modulaire omgevingsvergunning?
Na het indienen van de vergunningsaanvraag volgt een ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek. Vervolgens worden eventuele adviezen gevraagd en start het openbaar onderzoek (indien nodig). Daarna heeft de aanvrager de mogelijkheid om een wijzigingslus in te stellen, waarbij de aanvraag eventueel gewijzigd kan worden. Als een wijziging voor het eerst een element toevoegt waarvoor een openbaar onderzoek vereist is, volgt daarover alsnog een openbaar onderzoek. Als er tijdens de procedure een onregelmatigheid wordt vastgesteld, kan de bevoegde overheid die herstellen via een administratieve lus. Ook de eventuele behandeling van een vraag tot aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg maakt deel uit van de procedure.
Uiteindelijk volgt het onderzoek en de beslissing over de aanvraag en de bekendmaking van de beslissing.
Wat houden de administratieve en wijzigingslus juist in?
Via de administratieve lus kan de bevoegde overheid onregelmatigheden rechtzetten, bijvoorbeeld een ten onrechte niet ingewonnen advies of een openbaar onderzoek dat niet correct is verlopen, zonder dat de volledige procedure terug naar af moet. Er moet dus geen nieuwe aanvraag gebeuren, maar de termijn wordt wel verlengd.
De wijzigingslus laat de aanvrager toe om wijzigingen aan te brengen aan de aanvraag. Die wijzigingslus verlengt de beslissingstermijn met 60 dagen en kan maximaal twee keer worden toegepast. De bevoegde overheid staat wijzigingen in principe toe, maar kan ze in een aantal gevallen weigeren: als de aard of omvang van de aanvraag er fundamenteel door wijzigt (tenzij dat het gevolg is van adviezen of inspraakreacties), als de wijziging wordt ingediend tijdens het openbaar onderzoek of de adviestermijnen, als ze tot gevolg heeft dat een andere overheid bevoegd wordt, of als ze wordt ingediend in de laatste tien dagen van de beslissingstermijn.
Wat zijn de volgende stappen?
Het gaat voorlopig nog om een voorontwerp van decreet. Voor de nieuwe regeling in werking kan treden, moet ze nog verschillende stappen doorlopen. Zo werden de adviesraden om advies gevraagd. Daarna volgen nog een tweede principiële goedkeuring, advies van de Raad van State en de definitieve goedkeuring door de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement.
Vooral belangrijk: de inwerkingtreding zal gefaseerd verlopen. De Vlaamse Regering bepaalt later wanneer de verschillende onderdelen van kracht worden. Dat hangt onder meer samen met de aanpassing van het Omgevingsvergunningenbesluit en de nodige aanpassingen aan het Omgevingsloket. De Vlaamse Regering maakt daar in de legislatuur 2024-2029 verder werk van, als onderdeel van de bredere vereenvoudiging van de vergunningenprocedure.
Wat is het omgevingsbesluit?
Het omgevingsbesluit bij de omgevingsvergunning is een procedure om tot een snellere realisatie te komen van beperkte herbestemmingen. Dit kan onder meer bij ruimtelijke impulsprojecten, zonevreemde werken van algemeen belang en zonevreemde werken inzake bedrijvigheid.
Voor dergelijke projecten zal het niet langer noodzakelijk zijn om een volledige procedure tot wijziging of vaststelling van een RUP te doorlopen, maar kan er een gecombineerde beslissing genomen worden over de omgevingsvergunning en RUP voor de planologische herbestemming van het projectgebied. Dit kan binnen een termijn van 180 dagen en met 1 openbaar onderzoek.
Hoe loopt de beoordeling van projecten onder het omgevingsbesluit?
Voor de beoordeling wordt gekeken naar de mate van verhoging van het ruimtelijk rendement, hoe de duurzame ontwikkeling wordt nagestreefd en de mate van realisatiegerichtheid. Er wordt voornamelijk gekeken naar projecten die kaderen binnen het idee van de bouwshit, waarbij verdichting en verweving centraal staan en de mate waarin het project gelegen is in stedelijk gebied of een dorpskern.
Er wordt steeds getoetst of er voldaan wordt aan de goede ruimtelijke ordening, zoals dit altijd zou moeten gebeuren.
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 01/07/2026
Socio-economische vergunning in Brussel
Socio-economische vergunning in Brussel
Deze regelgeving is geregionaliseerd. Onderstaande tekst is van toepassing op ondernemingen en ondernemers die in het Brussels Gewest gevestigd zijn. De regeling voor ondernemingen in het Vlaams Gewest vind je elders op deze pagina.
In het Brussels Hoofdstedelijk gewest is de socio-economische vergunning geïntegreerd in de stedenbouwkundige vergunning. De wettelijke basis voor de Brusselse socio-economische vergunning is dan ook terug te vinden in het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (www.stedenbouw.irisnet.be), in artikel 98, § 1, ten 5° en ten 13°.
Algemeen gesteld is een stedenbouwkundige vergunning vereist voor elke wijziging van bestemming of gebruik van het geheel of een deel van een bebouwd of onbebouwd goed, zelfs als deze wijziging geen werken vereist. Dit wil dus zeggen dat bijvoorbeeld het omvormen van een woning naar een handelsruimte (bestemmingswijziging) onderworpen is aan een vergunning, zelfs al betreft het een handelszaak van 75 m². Het omvormen van een handelsruimte naar een horecazaak, is een wijziging van gebruik en dus ook onderworpen aan de aanvraag van een stedenbouwkundige vergunning, ongeacht de oppervlakte.
Specifiek in verband met handelsoppervlaktes zijn er nog volgende bijkomende voorwaarden :
- Voor handelsoppervlaktes boven de 1000 m² zijn er bijkomende verplichtingen met betrekking tot de milieu-effectenstudie en het milieu-effectenverslag, die deel moeten uitmaken van de aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning.
- handelsvestiging met een netto handelsoppervlakte groter dan 1.000 m² moeten een milieueffectenverslag toevoegen
- handelsvestiging met een netto handelsoppervlakte groter dan 4.000 m² moeten een milieueffectenstudie toevoegen
- Voor nieuwe handelsoppervlaktes tot 1000 m²
zelfde vereisten als elke stedenbouwkundige vergunning - Voor wijzigingen aan bestaande handelsoppervlaktes boven de 400 m²
Een stedenbouwkundige vergunning moet worden aangevraagd voor elke aanzienlijke wijziging van de handelsactiviteit (inbegrepen het assortiment, de soort of het gamma van de verkochte goederen en/of geleverde diensten of de geëxploiteerde oppervlakte), in een gebouw dat reeds voor handelsdoeleinden bestemd is. Een uitbreiding van de netto handelsoppervlakte met minder dan 20 % (met een plafond van 300 vierkante meter), is niet onderworpen aan de stedenbouwkundige vergunning.
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 28/11/2024
Wanneer is een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige ingrepen vereist ?
Onderstaande tekst betreft regionale regelgeving en is geldig in het Vlaams Gewest.
Kijk hier voor het Brussels Gewest
Voor deze handelingen is vergunning voor stedenbouwkundige ingrepen vereist:
- Bouwen, afbreken, verbouwen of herbouwen van een gebouw of van een vaste constructie, zoals het bouwen van woningen, gebouwen en vaste constructies, het aanleggen van een verharde privéweg of parking of het slopen van gebouwen.
- Het aanmerkelijk wijzigen van het reliëf van de bodem;
- Ontbossen;
- Bepaalde gebruikswijzigingen aan gebouwen, die de hoofdfunctie van het gebouw wijzigen, zoals een kantoorruimte omvormen tot handelspand of restaurant.
Voor andere ingrepen volstaat een melding of is er een vrijstelling. Vanaf 1 maart 2026 is er een wijziging waarbij de vrijstellingen en meldingen worden hervormd. Dit moet zorgen voor een vereenvoudiging. Zo moet er niet langer een melding gedaan worden voor diverse werken aan gevels en daken, inclusief isolatie tot een bepaalde dikte, zolang het bouwvolume niet wijzigt en aan basisvoorwaarden is voldaan. Meerdere handelingen die vroeger meldingsplichtig waren verdwijnen uit het meldingsstelsel en worden vrijgesteld, zoals bijvoorbeeld een binnenrenovatie waarbij ook stabiliteitswerken gebeuren. Tegelijk worden bepaalde aangebouwde bijgebouwen zoals veranda’s of carports opnieuw vergunningsplichtig.
Het aantal meldingsplichtige handelingen wordt sterk beperkt tot slechts enkele specifieke gevallen (zoals bepaalde tijdelijke opvangsituaties); en via een limitatieve lijst wordt vastgelegd voor welke handelingen gemeenten nog bijkomende vergunningsplichten mogen invoeren, waardoor lokale afwijkingen worden ingeperkt en de regelgeving uniformer wordt.
Veel meer info vind je op www.ruimtelijkeordening.be
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 26/02/2026
Wat is de Raad voor Vergunningsbetwistingen?
De Raad voor Vergunningsbetwistingen (RVVB) is een onafhankelijk Vlaams bestuursrechtscollege dat zich uitspreekt over stedenbouwkundige vergunningen of verkavelingsvergunningen die in Vlaanderen verleend of geweigerd zijn, omgevingsvergunningen, registratiebeslissingen en onteigeningen. De RVVB zal de bestreden beslissing toetsen op haar wettelijkheid, maar kan zich niet uitspreken over het inhoudelijke aspect.
De RVVB doet dus een toetsing over de onredelijkheid of onzorgvuldigheid van de genomen beslissing op basis van goede ruimtelijke ordening. Vanuit het legaliteitsprincipe kan de RVVB de Bestendige Deputatie bevelen om een nieuwe beslissing te nemen, waarbij men rekening moet houden met een aantal voorwaarden die door de RVVB worden aangegeven.
In de praktijk kan de RVVB de stedenbouwkundige weigering van het College van Burgemeester en Schepenen, gevolgd door een weigering van de Bestendige Deputatie van de Provincie, dus niet omzetten in een vergunning. Ze kan wel vaststellen dat de beslissing verkeerd was op basis van onjuiste interpretatie van het juridisch kader, of aanvoeren dat de motieven van de beslissing onregelmatig of kennelijk onredelijk waren.
De arresten zijn raadpleegbaar via Rechtspraak | DBRC.
Tegen het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen is nog cassatieberoep mogelijk bij de Raad van State. De Raad van State zal dan nagaan of het arrest juridisch correct is.
Meer info: kijk op de website van de Raad voor Vergunningsbetwistingen
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 28/08/2024
Kan je jouw kantoor vestigen in je appartement of woning?
Je hebt een appartement in eigendom of een ruimte in je woning die je graag zou willen omvormen tot kantoorruimte voor jouw bedrijf. De kosten van gebruik zou je dan inbrengen. Kan dat? Hoe zit dat fiscaal?
Je wil je appartement of kamer gebruiken als kantoorruimte voor jouw eenmanszaak. Het in een woongebouw uitoefenen van functies, die complementair zijn aan het wonen, zoals kantoorfunctie, dienstverlening en vrije beroepen, verblijfsrecreatie, detailhandel, restaurant, café en bedrijvigheid is vrijgesteld van vergunning, als aan elk van de volgende vereisten is voldaan:
- het woongebouw is gelegen in een woongebied of in een daarmee vergelijkbaar gebied,
- de woonfunctie blijft de hoofdfunctie van het gebouw,
- de complementaire functie beslaat minder oppervlakte dan de woonfunctie en nooit meer dan 100 vierkante meter,
- de complementaire functie is niet strijdig met de voorschriften van stedenbouwkundige verordeningen, ruimtelijke uitvoeringsplannen, plannen van aanleg en verkavelingen.
In jouw situatie zal je dus geen bestemmingswijziging moeten aanvragen (behalve als er een effectief verbod is in de stedenbouwkundige verordeningen). Voor de zekerheid contacteer je best even de dienst ruimtelijke ordening van jouw gemeente.
Wanneer jouw bedrijf een eenmanszaak is, dan zal je normaal gezien geen huurgelden ontvangen van jouw bedrijf naar jouw privé. De fiscus aanvaardt dat ook. Het zou ook fiscaal ongunstig zijn om huurgelden uit te keren, omdat je hier privé op belast wordt. Andere kosten aan het appartement ten gunste van jouw bedrijf zijn wel aftrekbare beroepskosten. Let er in dat geval wel op dat je de contracten (bijvoorbeeld voor nutsvoorzieningen) afsluit op naam van jouw eenmanszaak.
- Het in een woongebouw uitoefenen van een kantoorfunctie is vrijgesteld van vergunning, als je aan enkele voorwaarden voldoet;
- Wanneer je bedrijf een eenmanszaak is, dan zal je normaal gezien geen huurgelden ontvangen van je bedrijf aan je privé.
- Kosten voor nutsvoorzieningen en dergelijke kan je allemaal ingeven in de belastingen. Let er wel op dat je de contracten op jouw eenmanszaak zet!
Fout opgemerkt? Laatst gewijzigd: 06/09/2024